Stellt euch vor: Ihr seid mit eurem E-Scooter in Wien unterwegs und möchtet schnell eure Freunde treffen. Ihr fahrt zur nächsten Haltestelle und wollt in den Bus oder in die U-Bahn steigen. Doch aufgepasst! Seit September 2026 gibt es neue Regeln für
E-Scooter bei den Wiener Linien. Nicht überall dürft ihr euren E-Scooter mitnehmen.
A – Lesen
Ab dem 1. September 2026 müssen Menschen mit E-Scootern in Wien neue Regeln beachten. Die Wiener Linien möchten dadurch in der Stoßzeit* mehr Platz in den öffentlichen Verkehrsmitteln schaffen und das Ein- und Aussteigen erleichtern.
Wer einen E-Scooter besitzt, darf ihn nicht mehr im Bus oder in der Straßenbahn transportieren. Das gilt auch für zusammengeklappte E-Scooter. In der U-Bahn ist die Mitnahme zu bestimmten Zeiten erlaubt*: von Montag bis Freitag zwischen 9 und 15 Uhr sowie ab 18:30 Uhr bis zum Betriebsschluss. Am Wochenende und an Feiertagen darf man den E-Scooter den ganzen Tag mitnehmen.
Dabei gibt es weitere Regeln. Pro Einstiegsbereich* sind höchstens zwei Fahrräder oder E-Scooter erlaubt. Menschen im Rollstuhl und Personen mit Kinderwagen haben Vorrang. Wenn kein Platz mehr frei ist, muss man auf die nächste U-Bahn warten. Außerdem darf man E-Scooter und Fahrräder in den Stationen nur schieben*. Rolltreppen dürfen nicht benutzt werden. Wer sich nicht an die neuen Beförderungsbedingungen* hält, muss mit einer Geldstrafe von 50 Euro rechnen. Für normale Scooter ohne Elektromotor gelten andere Regeln: Wenn sie zusammengeklappt sind, dürfen sie weiterhin in allen öffentlichen Verkehrsmitteln mitgenommen werden.
Worthilfe
Stoßzeit = spitsuur
erlaubt = toegestaan
Einstiegsbereich = instapgedeelte
schieben = duwen
Beförderungsbedingungen = voorwaarden voor vervoer
B – Schreiben
Schreibt gemeinsam in der Klasse eine Geschichte über eine Person, die mit ihrem E-Scooter in Wien unterwegs ist. Verwendet dabei Modalverben, um auszudrücken, was die Person machen kann, darf, muss oder will.
Jede Person schreibt zwei Sätze. Verwendet dabei das vorgegebene Wort und Modalverb aus der jeweiligen Runde. Lest zuerst, was bereits geschrieben wurde, bevor ihr die Geschichte mit zwei neuen Sätzen fortsetzt.
Am Ende könnt ihr eure Geschichten vorlesen und gemeinsam entdecken, wie unterschiedlich sie geworden sind.
Stap 1: De start
Iedere leerling pakt een blaadje en schrijft zijn of haar naam bovenaan. De docent schrijft het eerste woord op het bord of laat het aan de klas zien. Vervolgens begint iedereen met het schrijven van een verhaal. In iedere ronde moet je het gegeven woord én het bijbehorende modale hulpwerkwoord gebruiken. Bij de start is dit dus het woord uit
ronde 1.
Stap 2: Het verhaal doorgeven
Na ronde 1 geeft iedere leerling het blaadje door aan de volgende leerling. De docent schrijft het nieuwe woord uit ronde 2 op het bord, of laat het aan de klas zien. Je leest eerst het verhaal dat er al staat. Daarna schrijf je verder. Je gebruikt hierbij het woord en het modale hulpwerkwoord die bij ronde 2 horen.
Stap 3: Het verhaal verder schrijven
Dit proces herhaalt zich in totaal vijf rondes. In iedere ronde geef je het blaadje door aan de volgende leerling. Je leest wat er al geschreven is en schrijft het verhaal verder. Daarbij gebruik je steeds het woord en het modale hulpwerkwoord van de betreffende ronde. Zorg ervoor dat jouw stukje goed aansluit op de rest van het verhaal.
Stap 4: Het verhaal afronden
In ronde 5 schrijf je het laatste stukje van het verhaal. Zorg ervoor dat het verhaal een duidelijk einde krijgt. Daarna geef je het blaadje terug aan de leerling wiens naam bovenaan staat.
Stap 5: De verhalen (voor)lezen
Als er 20 leerlingen in de klas zitten, ontstaan er 20 verschillende verhalen.
Iedere leerling leest het verhaal dat op zijn of haar blaadje staat. Draag het eventueel voor. Zo ontdekken jullie hoe verschillend en creatief de verhalen zijn geworden!
Woorden en modale hulpwerkwoorden per ronde
Runde 1: der E-Scooter – wollen
Runde 2: die U-Bahn – können
Runde 3: der Bus – dürfen
Runde 4: die Stoßzeit – müssen
Runde 5: die Beförderungsbedingungen – mögen
Van de makers van Na klar! en Taalblokken Duits
Antwoorden
Eigen antwoord.

