Home » Materiaal 12+ » Superbrabants

Superbrabants

Sommige ouderen in Brabant zijn bang dat hun dialect verdwijnt. Volgens sociolinguïst Kristel Doreleijers hoeven ze daar niet bang voor te zijn. Jongeren spreken namelijk een eigen variant: het Superbrabants. Daarover schreef zij een boek.

Vragen vooraf

  1. Wat zijn volgens jou kenmerken van het Brabants?
  2. Welke andere Nederlandse dialecten ken je?

Beluister het audiofragment

Voer in een zoekmachine deze zoekterm in: Kristel Doreleijers over haar boek Superbrabants. Ga naar de website van NPO Radio 1 en beluister daar het fragment.

Vragen bij het audiofragment

  1. Kristel Doreleijers zegt van zichzelf dat ze regionaal gekleurd Nederlands spreekt. Wat is dat precies en spreek jij dat ook, denk je?
  2. Doreleijers onderzocht voor haar proefschrift het lidwoord in het Brabants. Wat ontdekte ze?
  3. Wat is het verschil tussen een dialect en een hyperdialect?
  4. Wanneer is een dialect zoals het Brabants een volwaardige taal, volgens Doreleijers? Ben je het met haar eens?
  5. Wat is de rol van sociale media bij het ontstaan van hyperdialecten, zoals het Superbrabants?
  6. Wat denk jij? Verloedert de taal door hyperdialecten of liggen er kansen?

Aan de slag

Optie 1

Kristel Doreleijers zegt in het fragment dat taal iets kan hebben waardoor je je erin thuis voelt. In welke taal voel jij je thuis? Wat zijn de meest fijne woorden om te horen? Welke zinnen geven je troost? Welke belangrijke mensen om je heen spreken deze taal? In hoeverre wijkt deze taal af van het (standaard) Nederlands?

Schrijf hierover een korte, persoonlijke column (300 – 500 woorden). Gebruik in je tekst veel (grappige) voorbeelden uit je eigen leven.

Optie 2

Maak een infographic op een A3-vel over de taal(variant) die jouw identiteit het meest bepaalt. Op de infographic staan:

  • een zelfbedachte naam voor jouw taal(variant) (zoals ‘Superbrabants’);
  • minimaal vier kenmerken of eigenaardigheden van jouw taal (vergelijkbaar met ‘houdoe’ uit de video) met voorbeelden en uitleg;
  • een top vijf van mooiste woorden uit jouw taal (met betekenis);
  • twee situaties: één waarin je jouw taal goed kunt gebruiken en één waarin dat niet zo gepast is. Leg ook uit waarom;
  • als het kan: twee stukjes tekst die geschreven zijn in jouw taal (songtekst, gedicht, krantenartikel enz.) met een korte uitleg erbij;
  • passende afbeeldingen.

Antwoorden bekijken

Om de antwoorden te kunnen zien, moet je zijn ingelogd. Heb je nog geen account? Meld je dan nu aan! Het is GRATIS.

Andere Lesopener Nederlands

Een AI-tweeling

Hoogleraar Jan Rotmans laat een digitale tweeling van zichzelf ontwikkelen. Dit bijzondere initiatief brengt ook vragen over de betrouwbaarheid en mogelijke risico’s van AI met zich mee.

Bekijk

Prikbord in de supermarkt

In sommige supermarkten kun je nog steeds prikborden vinden waar mensen een boodschap op kunnen hangen. Wel bijzonder, want de meeste informatie kun je toch gewoon online vinden? Wie gebruikt die prikborden nog?

Bekijk

Boekje met leefregels van Erasmus

De bibliotheek van Rotterdam heeft een boekje uit 1609 aangekocht. Daarin worden leefregels voor de jeugd beschreven. Het is geschreven door de geleerde Desiderius Erasmus en was lange tijd kwijt. Dit boekje is een belangrijke aanwinst voor de Erasmuscollectie van de bibliotheek.

Bekijk

Het extremistische frame

Framing-deskundige Sarah Gagestein bespreekt in het radioprogramma De Taalstaat hoe extremistische groepen taal inzetten om hun boodschap te normaliseren

Bekijk

Onbeperkt toegang
met je OvM account

Met het OvM account krijg je als onderwijsprofessional toegang tot meer artikelen en regel je welke informatie je wilt ontvangen. Bijvoorbeeld de nieuwsbrief of Juf & Meester.