Framing-deskundige Sarah Gagestein bespreekt in het radioprogramma De Taalstaat hoe extremistische groepen taal inzetten om hun boodschap te normaliseren.
Vragen vooraf
- Wat is framing? Zoek het zo nodig op.
- Denk jij dat je framing herkent? Leg je antwoord uit.
Beluister het audiofragment
Sarah Gagestein over het extremistische frame en taalgebruik | NPO Radio 1
Vragen bij het audiofragment
- In het kader van framing wordt ook het stijlfiguur eufemisme genoemd. Wat is een eufemisme? Geef een eigen voorbeeld in jouw uitleg.
- Leg aan de hand van het woorden ‘remigratie’ uit hoe een frame invloed kan hebben op hoe we politieke ideeën ervaren.
- Sarah Gagestein vergelijkt extremistische frames met een Trojaans paard. Leg deze vergelijking uit. Zoek zo nodig eerst op wat een Trojaans paard is.
- Vind jij het wel of niet goed om met deze opdracht aandacht te besteden aan extremistische frames? Geef een argument bij je antwoord.
- Kan een frame volgens jou ook positief zijn of is framing altijd een negatieve vorm van beïnvloeding? Leg je antwoord uit.
Antwoorden bekijken
Om de antwoorden te kunnen zien, moet je zijn ingelogd. Heb je nog geen account? Meld je dan nu aan! Het is GRATIS.
Aan de slag
Optie 1
Aan het einde van het audiofragment vertelt Sarah Gagestein wat je tegen het extremistische frame kunt doen. Beluister dit deel eventueel nog een keer.
Maak een minibrochure over verstandig omgaan met framing. Leg uit wat framing is, geef minimaal één praktische tip en werk drie voorbeelden uit. Gebruik heldere, neutrale taal en ondersteun de informatie met afbeeldingen, kleuren of symbolen. Zorg ervoor dat in één oogopslag duidelijk is waar de brochure over gaat en wat de lezer ervan kan leren.
Optie 2
Kies een actueel onderwerp (bijvoorbeeld AI op school, klimaatverandering of krapte op de woningmarkt). Beschrijf dit onderwerp twee keer:
- Met een positief frame: presenteer het onderwerp zo dat de lezer er vooral positief over denkt. Benadruk de voordelen, kansen en positieve gevolgen. Gebruik woorden die subtiel bijdragen aan een positief beeld.
- Met een negatief frame: presenteer hetzelfde onderwerp zo dat de lezer er vooral negatief over denkt. Benadruk de nadelen, risico’s en negatieve gevolgen. Gebruik woorden die subtiel bijdragen aan een negatief beeld.
Gebruik voor beide teksten minimaal 100 woorden. Onderstreep daarna de woorden en formuleringen waarmee je het positieve of negatieve beeld hebt gecreëerd.

