Meisjes versus jongens in het vo

2

Gemiddeld genomen presteren meisjes op de middelbare school beter dan jongens. Ze stijgen vaker boven hun schooladvies van groep 8 uit en behalen vaker dan jongens een havo- of vwo-diploma. Waarom presteren meisjes beter? Waarin verschillen zij van jongens? En hoe kun je hier rekening mee houden? Daarover lees je meer in dit artikel.

Op de basisschool zijn er bij het definitieve schooladvies in groep 8 nog maar weinig verschillen tussen jongens en meisjes. Op de meeste onderdelen van de eindtoets scoren ze allebei even goed. In de brugklas is de verdeling over de verschillende types onderwijs ook nog redelijk gelijk. Maar: één jaar na de start in de brugklas hebben jongens al meer vertraging opgelopen dan meisjes.

Meisjes doen het beter

Het CBS onderzocht de hele schoolloopbaan van leerlingen die in schooljaar 2010/2011 begonnen in de brugklas. Daaruit blijkt dat jongens vaker dan meisjes afhaken en ook vaker blijven zitten: drie jaar na de brugklas had 14,8 procent van de jongens een jaar opnieuw gedaan tegenover 9,4 procent van de meisjes. Meisjes die beginnen in een havo-/vwo- of vwo-brugklas halen veel vaker hun diploma. Ook in het vmbo lukt het meisjes beter dan jongens een onderwijsniveau op te klimmen.

Verschillen tussen jongens en meisjes

Volgens Jelle Jolles, hoogleraar Neuropsychologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam, hebben meisjes in de leeftijd van 10 tot 14 jaar een beter ontwikkeld zelfinzicht dan jongens. Ook zijn ze vaardiger op het gebied van zelfregulatie, waardoor ze net wat beter zijn in het maken van huiswerk en toetsen. ‘Waar jongens de neiging hebben hun vaardigheden en prestaties te overschatten, is bij meisjes het tegenovergestelde het geval,’ aldus Jolles. ‘Dat leidt ertoe dat ze meer gemotiveerd zijn om goede cijfers te halen.’

Bied jongens meer structuur en sturing

Voor jongens is de overgang naar de middelbare school lastiger. Dat komt door de verschillen in ontwikkeling. Jongens hebben meer structuur nodig dan meisjes. Ook hebben ze meer behoefte aan duidelijke sturing, omdat ze nog niet zo goed zijn in zelfregulatie. Krijgen ze die structuur en sturing niet, dan is het risico op lagere prestaties groter dan bij meisjes en neemt ook de kans op afstromen naar een lager schoolniveau toe. Overigens hebben ook meisjes baat bij meer structuur en sturing, maar ook bij feedback. Ook in het inzicht in hun eigen functioneren moeten zij zich nog ontwikkelen. Als leraar speel je daarin een belangrijke rol: geef leerlingen steeds feedback en werk aan zelfinzicht en zelfregulatie.

Best practice: Kiem Montessori

De Amsterdamse Kiem Montessori probeert het onderwijs beter op jongens te laten aansluiten. Dit doen ze onder andere door meer beweging, want jongens hebben niet de rust in hun lijf om uren achter elkaar stil te zitten en te luisteren. Vier dagen in de week begint de schooldag met een uurtje sporten. Ook is er meer sturing: huiswerk gaat niet mee naar huis, maar wordt op school gemaakt. Onderwijsassistenten begeleiden de leerlingen bij hun werk. Of deze manier van onderwijs tot betere leerresultaten leidt, weet de school nog niet. Wel zien ze dat leerlingen (zowel jongens als meisjes) lekkerder in hun vel zitten ten opzichte van leerlingen op de reguliere locatie.

Gescheiden onderwijs?

Tot in de jaren zestig van de vorige eeuw gingen jongens en meisjes naar aparte scholen. De afgelopen jaren gaan er weer stemmen op voor gescheiden lessen voor jongens en meisjes. Niet om de tijd terug te draaien, maar gebaseerd op actuele inzichten uit de neuropsychologie. Oftewel: de verschillen tussen jongens en meisjes in hersenontwikkeling, leerstijl en motivatie. Volgens Jolles kan dit voor zowel jongens als meisjes positieve effecten hebben. Al kunnen ze in gemengde klassen juist ook van elkaar leren: ‘Jongens kunnen van meisjes leren hoe je je uitdrukt in taal. En meisjes kunnen van jongens leren om wat ondernemender te worden.’

Meer lezen?

OVM publiceerde vaker artikelen over het verschil tussen jongens en meisjes. Bijvoorbeeld dit artikel over het boek De ontwikkeling van jongens in het onderwijs. Of dit artikel over beter leren omgaan met jongens.

Hoe denk jij over gescheiden lessen voor jongens en meisjes? En hoe denk je dat we beter met de verschillen tussen jongens en meisjes kunnen omgaan? Laat een reactie achter via onderstaand reactieformulier.

2 REACTIES

  1. Klopt. Wij trainen jongeren met motivatieproblemen op VO: we krijgen bijna altijd jongens. We horen vaak klachten over teveel communicatie, te weinig beweging, teveel proces en te weinig resultaatgericht onderwijs.
    En ze hebben olk enorme behoefte aan erkenning.

  2. Bij mijn examenkandidaten Natuurkunde VWO deden jongens het beter dan meisjes. Bij mij hebben bij jongens en meisjes dezelfde percentages voor het vak gekozen. Bij het vrij hoge jaarlaaggemiddelde zie ik vooral verschil bij de betere groep (0,5 op het gemiddelde bij lln die daarnaast Wiskunde B hebben). Het lijkt alsof de aanpak van meisjes, die veel samenvattingen en meer opgaven maken, minder effectief is dan de aanpak van jongens die vaak de kantjes ervan af lopen. Mogelijk is in klassen met lager gemiddelde de aanpak van meisjes effectiever, misschien door een minder goede uitleg door de docent.
    Mijn vermoeden: meisjes richten zich sterk op samenvattingen en opgaven intrainen. Ze proberen het kunstje uit hun hoofd te leren. We stimuleren ze vaak om harder te gaan werken, in plaats van te zoeken naar manieren om snel handig te worden in het vak. Daarmee maken we ze ook onzeker. Hier zou meer onderzoek naar gedaan moeten worden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here