Het examen Nederlands onder vuur

5

Een ècht goede leerling die een onvoldoende haalt tijdens het centraal examen. Bij het vak Nederlands komt dat geregeld voor en dat is vreemd! Wat is er aan de hand met de examens Nederlands? Een onderwerp dat veel docenten Nederlands bezighoudt: Ze zijn ontevreden over de inhoud en kwaliteit van het centraal examen en  voeren verhitte discussies via het internet en tijdens diverse conferenties.

 

Ook de hoofdinspecteur van het onderwijs laat van zich horen. Zeker wanneer deze leerling met zijn 5,1 het gemiddelde CE-cijfer naar beneden haalt en daardoor het evenwicht tussen SE-cijfers en CE-cijfers wankelt. Sinds de resultaten van het onderzoek van de commissie-Dijsselbloem (2008 Tijd voor onderwijs: over onderwijsvernieuwingen en hun invloed op de kwaliteit van het onderwijs) en negatieve uitlatingen van enkele instellingen voor HO liggen de examens Nederlands onder vuur.  Er is een ‘verscherpt examenbeleid’, zoals de onderwijsinspecteur het formuleert.

 

Vanuit het veld klinkt echter andersoortig gemor: in januari 2011 riep het  Sectiebestuur Nederlands van Levende Talen ervaren tweede fase docenten op om te discussiëren over de kwaliteit en toekomst van de examens Nederlands voor havo en vwo.

 

Het huidige examen
De geleide samenvatting en het huidige examen tekstbegrip zouden ondeugdelijke meetinstrumenten zijn. De geleide samenvatting toets nauwelijks iets, het examen tekstbegrip levert ook geen representatief beeld van de kennis en kunde van de leerling op. En dan laat ik de rol van het N-cijfer en de geheimzinnige schaduwexamens nog maar buiten beschouwing. Dit blijkt uit het verslag van een discussiebijeenkomst van de sectie Nederlands van Levendige Talen.

 

De toekomst
Welke mogelijkheden zijn er te overwegen als het gaat om de toekomst van dit gewraakte havo en vwo-examen? Moet het een breder examen worden dat alle onderdelen van het vak Nederlands weerspiegelt? Dat lijkt me niet realistisch. Dan misschien een evenwichtigere verdeling tussen de onderdelen in het CE en de veelvoud van onderdelen uit het SE? Het SLO, verantwoordelijk voor het curriculum, onderzoekt op dit moment of het toekennen van vaste wegingsfactoren aan de verschillende onderdelen in het SE een verbetering zou betekenen.

 

Het herinvoeren van de ‘oude’ samenvatting? volgens de voorstanders een examenonderdeel dat wel degelijk tekstbegrip toetst en bovendien het onderdeel schrijfvaardigheid enigszins integreert in het centrale examen. Anderzijds zijn veel docenten het erover eens dat ook dit examen geen goed meetinstrument is. Want wat meet je hier eigenlijk mee? Ze vinden het te vaag.

 

Het invoeren van een examen schrijfvaardigheid (gedocumenteerd schrijven)? Het CvE denkt in deze richting en voert sinds 2008 pilots uit met deze examens. De beoordeling is hier een heikel punt: er is in Nederland namelijk te weinig ervaring met welke van de te hanteren beoordelingsmodellen dan ook. Kortom: alle examendocenten Nederlands moeten getraind worden om objectiviteit in de beoordeling te waarborgen.

 

Dan misschien het wijzigen van het examen tekstbegrip? Op dit punt zitten veel docenten Nederlands wél op een lijn. In het huidige examen draait het om één langere tekst en een satelliettekst en dat is behoorlijk beperkt: De mate van tekstbegrip die de leerling laat zien wordt bijvoorbeeld beïnvloed door zijn of haar affiniteit met het onderwerp van de tekst. Analoog aan de vmbo-examens is een keuze voor een examen met meerdere (kortere?) teksten voor de hand liggend. De resultaten zijn hier –naar docenten verwachten– betrouwbaarder.

 

Bovendien komt er nog een verplichte aap uit de mouw: het aanpassen van de examens en de beoordeling van de resultaten aan het Referentiekader Taal! Zucht! Geen  verandering waarvan docenten verwachten dat die iets oplevert voor de kwaliteit van het examen Nederlands. Het referentiekader biedt nog te weinig houvast om het niveau van de leerlingen vast te stellen.

 

Voorlopig zijn docenten en deskundigen van SLO, Cito en CvE nog niet uitgepraat over dit onderwerp. Als uitgever van Talent tweede fase blijf ik mijn oor te luisteren leggen. Meerdere teksten en goede begripsvragen in het onderdeel tekstbegrip? Gedocumenteerd schrijven toegevoegd? Het lijken me mogelijkheden die uiteindelijk ten diensten zijn van havo- en vwo-leerlingen. Ook de excellente leerling scoort dan minimaal een voldoende en hoera: de verhouding tussen de CE- en SE-cijfers komt meer in balans.

 

En u? wat moet er veranderen aan het examen Nederlands zodat u tevreden bent?

 

Erika Welgraven – Uitgever Nederlands & Literatuur

 

NB: lees hier ook het volledige verslag van de veldraadpleging waar delen van dit artikel op gebaseerd zijn.

5 REACTIES

  1. Ieder mens is anders
    Soms kan een oplossing/antwoord een improvisatie zijn
    van een standaard zin; het mag in de 1e plaats niet zo zijn
    dat het product van de zin kan leiden tot een misverstand.
    bij de ontvanger van de communicatie, misschien dat het een gevolg/ optie kan zijn om het eens te onderzoeken

    Vroeger toen ik de opleiding mulo deed hadden we 4talen als examenvak(10vakken totaal) , waaronder ook frans en duits.
    Vooral bij het vak frans (eindcijfer 8) was het opbouwen van een zin(constructie) en desbetreffende volgorde totaal anders als die van de nederlandse taal, dat had ik altijd wel een wisselwerking gevonden op het czs maar goed ieder mens reageert daar anders op.
    Wel is het mij opgevallen , dat degene die een 10 haalde voor NL taal een mindere cijfer haalde voor frans.
    Ik heb het gevoel dat de NL taal onderhevig is aan “zo hoort het en niet anders”,
    Maar goed anderszijds heeft de jeugd meer tijd voor otspanning dan aan het daadwerkelijk bezig zijn met de NL taal, men denkt ach NL dat ken ik wel het nochalansisme
    dat moet aangepakt worden,

    want vooral met de wiskunde vakken moet men exact lezen en dan pas kan men de som aanpakken.
    Dus de nederlandse taal goed begrijpen is “de tool” om de opdracht voor wiskunde met succes aan te pakken.
    Dus het snijdt van 2 kanten het probleem.

    groet

    eddie

  2. Tja veel onderwerpen(talen) blijken puzzels te zijn
    zo is het ook met diverse talen.
    Maak er eens een aantrekkelijke puzzel van de talen zodanig dat iedereen er plezier in heeft.
    groet
    eddie

  3. Mevrouw Welgraven noemt enkele terechte punten in haar kritiek, maar niet alle commentaren snijden hout. Zo is volstrekt niet duidelijk of, en hoe vaak, het voorkomt dat ‘een écht goede leerling een onvoldoende haalt op het CE’. Ook kun je de vraag stellen of het uitgesloten is dat ‘écht goede leerlingen’ in zeldzame gevallen pover scoren op een CE. Iedereen heeft wel eens zijn dag niet. Daarvoor bestaan ook herexamens.

    Het reële achterliggende probleem is dat het CE Nederlands notoir onbetrouwbaar is. Er zit teveel toeval of andere storende invloeden in het examen zoals we dat nu een jaar of 15 hanteren. Dat is al lang bekend bij het CITO en er wordt door het College voor Examens (de OCW-instantie die verantwoordelijk is voor de examenkwaliteit) en examenmaker CITO eendrachtig gewerkt aan een beter examen. Want een onbetrouwbaar examen, dat kan niet door de beugel. Dan gaat het niet alleen om ‘écht goede leerlingen’ die wel eens een onvoldoende halen, maar om zevens die ook zessen of achten hadden kunnen zijn, en om vijven die ook vieren of zessen hadden kunnen zijn. Of zelfs drieën en zevens.

    Mevrouw Welgraven koppelt de problematiek van het CE Nederlands met het verschil tussen CE en SE. Die twee problemen staan nu juist los van elkaar. De notoire onbetrouwbaarheid (en gebrekkige face validity) van het CE Nederlands leidt niet noodzakelijk tot lagere CE-cijfers, dus ook niet tot een grotere afstand tot de gemiddelde SE-cijfers. CE-cijfers zijn over een aantal jaren genomen betrekkelijk stabiel (rond de 6,4) maar vertonen wel verschillen tussen de jaren (van 5,9 tot 7,0). Daartegenover zijn de gemiddelde SE-cijfers per school bijzonder constant; die worden door de docenten i.h.a. tussen de 6,5 en de 7,0 gehouden. Er zijn scholen met al te optimistische SE-cijfers, en de verdenking bestaat dat zij hun leerlingen te gemakkelijk laten slagen. Ze wapenen de leerlingen a.h.w. tegen een tegenvallend CE-cijfer. Maar die hoge SE-cijfers worden gegeven vóórdat de leerling het CE maakt. De problemen met de afstand SE-CE komen dus niet voort uit de gebreken in dat CE zelf.

    De stelling dat ‘de geleide samenvatting nauwelijks iets toetst’ is zonder grond. Dat deel van het huidige CE toetst best wel wat – namelijk of leerlingen geleide samenvattingen kunnen maken. De kritiek is echter dat het weinig zinvol is om leerlingen zo’n soort opdracht te laten maken. Ze komen dat soort opdrachten – het afwerken van een ‘boodschappenlijstje’ met in de samenvatting op te nemen punten – in het vervolgonderwijs niet tegen. Kortom, de ecologische validiteit deugt niet. Dat is op zich al reden om er afscheid van te nemen.

    De vraag of de onderdelen van het SE – net zoals vijf jaar geleden – een vaste weging moeten hebben staat los van de kwaliteit van het CE.

    Wel is de vraag terecht of het CE zoals nu uit maar één vakonderdeel moet bestaan (tekstbegrip) of dat het juister is om een groter deel van het schoolvak Nederlands te examineren. Ik ben daar een voorstander van, en wel van opname van schrijfvaardigheid in het CE.

    Dat doet recht aan het grote belang dat schrijfvaardigheid heeft voor het vervolgonderwijs. En het maakt het CE-cijfer niet langer 100% afhankelijk van hoe goed de leerling toevallig in lezen is (en niet in schrijven, spreken, luisteren, literatuur of taalbeschouwing). Ook betekent het dat de uitdagingen van een goed schrijfexamen – een goede opdracht, een reële normering, een deugdelijke beoordelingswijze – collectief worden aangegaan. En hopelijk met succes.

    Dat beoordelaars van schrijfproducten ‘getraind’ moeten worden, is nogal wiedes. Om te beoordelen moet je expertise hebben. Bovendien moet je gebruik kunnen maken van een beoordelingsmethodiek die storende factoren voorkomt; factoren in de beoordelaar zelf en buiten hem/haar. Iedereen die ervaring heeft met het beoordelen van schrijfproducten weet welke contaminerende factoren er allemaal op de loer liggen. Die problemen verdwijnen niet door het schrijfexamen in het SE te houden; hooguit vegen we ze daarmee onder het vloerkleed. Maar daar zijn leerlingen ook niet mee gediend.

    Mijn keuze zou zijn: schrijven weer in het CE, met een eigen zitting, in de vorm van een gedocumenteerde schrijfopdracht met beperkte documentatie die leerlingen ter plekke krijgen uitgereikt, en waarbij de leerling pas op het examen te horen krijgt of hij een opiniërende of een uiteenzettende tekst moet schrijven. Daarbij een aparte zitting voor een CE leesvaardigheid met inderdaad meer en beknoptere teksten. Niet alleen omdat leerlingen al of geen affiniteit hebben met het onderwerp van de huidige ‘lange tekst’ (verreweg de meeste leerlingen hebben daar maar een matige affiniteit mee) maar omdat je dan bepaalde belangrijke aspecten van leesvaardigheid (bijv. hoofdgedachtes van alinea’s) *bij herhaling* kunt toetsen. En juist dat is de kern van betrouwbaar meten. We willen nu te veel en te diverse zaken aan één tekst ophangen, en dat levert domweg geen betrouwbare metingen op.

    Een ding staat buiten kijf: onze leerlingen hebben recht op een deugdelijk examen. Hierboven hebben we het over het CE, maar precies hetzelfde gaat natuurlijk op voor de schoolexamens. Het is een beetje mal om scherpe kritiek te hebben op de Centrale Examens, terwijl de kwaliteit van de schoolexamens minstens zo dubieus is en die net zo hard meetellen bij de slaagkans.

    Bij de schoolexamens speelt dan nog een ander, minstens zo groot probleem waar het CE geen last van heeft, namelijk normverschuiving. Zelfs als de betrouwbaarheid van de schoolexamens in orde zou zijn (een aanname zonder fundament) dan nog worden leerlingen van school A niet naar dezelfde normen beoordeeld als op school B. Het betoog waar een examenleerling op school A een zes voor krijgt, zou op school B tot een onvoldoende hebben geleid. Of misschien wel een zeven. Niet vanwege instabiel beoordelen, maar omdat scholen verschillen in strengheid. Bij het CE worden leerlingen tenminste nog volgens dezelfde norm becijferd. Bij het schoolexamen is daar geen sprake van.

    Ook het type examenopdrachten verschilt per school. Bij de ene school komt een examenleerling weg met het uit zijn hoofd leren van een standaard sollicitatiebrief, bij de andere school moet de leerling zich van tevoren uitvoerig documenteren en een weloverwogen beschouwing in elkaar draaien plus bijbehorend bouwschema. Zelfs als de leerlingen in beide gevallen een zes krijgen, is die zes toch echt niet even veel waard.

    Dat wordt nu allemaal met de mantels der liefde en autonomie toegedekt, maar examentechnisch deugt daar niets van.

  4. In dit tijdperk, waarin we per raket voorbij Mars reizen, breinchirurgie een routineuze operatie is, en tablet-PC’s met vrachtwagens in donker Afrika belanden, moet het toch mogelijk zijn dat webpagina’s *alinea’s* aankunnen?

    De alinea is een zinvolle teksteenheid. Het valt me op dat op steeds meer webfora bijdragen van inzenders van de alineaindeling worden ontdaan. Webmaster, neem uw verantwoordelijkheid. Dit kan beter.

  5. Dank voor uw reactie betreffende de alinea-indeling. Indeling in alinea’s zou de leesbaarheid absoluut vergroten. Het is een technisch probleem binnen het CMS, waar momenteel aan gewerkt wordt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here