Home » Column: Als het schooltje roept

Column: Als het schooltje roept

Ik ben geen avondmens, dus over het algemeen lig ik op een zeer burgerlijk moment klaar voor een welverdiende nachtrust. Dekbed goed, kussen goed, hoofd langzaam in de stand om af te dwalen naar het land van Nod. Het is zo’n moment waarop je niets meer wilt hoeven, niemand meer hoeft te spreken en de dag gewoon klaar is. Precies dan gaat mijn telefoon. Op het scherm zie ik de naam van mijn voorganger. Veertig dienstjaren heeft hij op deze school, waarvan meer dan de helft als directeur. Dan neem je niet achteloos op, zeker niet op dat tijdstip. Met enige schrik in het lijf druk ik op het groene knopje.

‘De buurvrouw heeft gebeld,’ zegt hij. ‘Je weet wel, die van daar en daar. Er zijn net een stuk of twintig leerlingen over het hek geklommen. Ze heeft de politie al gebeld, maar die waren niet zo happig.’

Waarschijnlijk gaat het om eindexamenkandidaten die hun laatste schooldag willen vieren. Dat is op zichzelf nog geen ramp. Een beetje baldadigheid hoort bij pubers, bij afscheid nemen, bij het gevoel dat je na jaren eindelijk loskomt van een gebouw waar je ook behoorlijk klaar mee kunt zijn. Maar een beetje baldadigheid en een gesloopte school liggen soms dichter bij elkaar dan je zou willen.

‘Dank voor je belletje,’ zeg ik. ‘Ik ga wel even kijken.’

Een moment balanceer ik op de gedachte dat het allemaal wel mee zal vallen en dat ik niet overal meteen bovenop hoef te zitten. Tegelijk ken ik pubers. Ik vind ze fantastisch! Maar ik ken in deze examenklas helaas ook te veel Pappenheimers voor wie lol maken niet helemaal dezelfde definitie heeft als voor mij. Dus trek ik een trainingsbroek aan, schiet in een paar slippers en stap in de auto.

Te snel rijd ik de acht kilometer naar school.

‘Twee schooldirecteuren buiten kantooruren, beiden net iets minder indrukwekkend dan de functietitel doet vermoeden.’

Bij aankomst sein ik via de app mijn schoolleiding in over wat er speelt. Mijn vrouw is geen groot voorstander van mijn eenmansactie in het donker, maar ach, het zijn maar gewoon leerlingen, houd ik mezelf voor. Ik loop een stuk over het plein, luister naar de stilte, kijk langs de gevel en probeer in het donker te ontdekken of er ergens beweging is. Na een paar minuten besluit ik dat het verstandiger is om eerst binnen een zaklamp te halen.

Terwijl ik de conciërge-loge uitloop, hoor ik de voordeur. Heel even besluipt mij een weinig verheffende gedachte, want als ze nu ook nog binnenkomen, zijn we verder van huis. Op hetzelfde moment gaat mijn telefoon weer. Het is mijn voorganger.

‘Ik ben binnen,’ zegt hij.

Even later treffen we elkaar op de gang. Senior en junior. Hij op zijn sloffen, ik in mijn trainingsbroek. Twee schooldirecteuren buiten kantooruren, beiden net iets minder indrukwekkend dan de functietitel doet vermoeden.

Samen struinen we een rondje over het plein. We kijken langs het gebouw, langs de ramen, langs de hoeken waar je overdag nooit zo bewust komt. Misschien hopen we stiekem dat het bij de Brielse traditie blijft: een paar prikkelende leuzen op de ramen, wat flauwe grappen, krijt dat er morgen weer af kan. Iets dat je met lichte irritatie bekijkt, maar waar je later ook om kunt glimlachen.

Maar we treffen niets aan.

‘Omdat zo’n plek na al die jaren niet alleen meer je werkplek is, maar ergens in je hart en in je ziel is gaan zitten.’

Geen leerlingen. Geen schade. Geen spoor van een grote examenactie. Alleen een donker plein, een stil gebouw en twee mannen die blijkbaar nog steeds opdraven als het schooltje roept.

Terug in school kletsen we nog wat na. We constateren dat het meevalt. Ik controleer nog wat deuren, laat voor de zekerheid wat lichten aan en daarna gaan we allebei weer richting huis.

Ik heb recent afscheid genomen van deze school. In de periode daarna kreeg ik vaak de vraag of ik het niet ga missen. Natuurlijk ga ik het missen, maar wat precies, is lastig in woorden te vangen.

Het antwoord zit denk ik in die avond. In dat stille vanzelfsprekende gevoel van verantwoordelijkheid. Niet vanwege de nachtelijke telefoontjes, de onrust of de trainingsbroek op het schoolplein, maar omdat zo’n plek na al die jaren niet alleen meer je werkplek is, maar ergens in je hart en in je ziel is gaan zitten.

En dat gun ik mijn opvolger ook: dat je ergens zo lang en zo intensief aan verbonden raakt, dat je zelfs mopperend nog met liefde ernaartoe gaat.

Portret van Danny Weeda

Danny Weeda is directeur van een kleine familiaire middelbare school. Hij heeft bijna twintig jaar voor de klas gestaan en staat nog steeds in goed contact met de leerlingen van zijn school. Met zijn frisse kijk op onderwijs stelt hij vaak en graag de vraag: waarom? Dat geeft mooie gesprekken en discussies die soms uitmonden in een artikel of column. ‘De wijze waarop de jeugd zich een weg baant door het leven is een eervol iets om getuige van te zijn en geeft verhalen voor het leven.’

Laatste onderwijsnieuws

Omslag de eerste Alix

De eerste Alix

Bovenbouw De eerste Alix Anna Woltz Querido Het nieuwe boek van Anna Woltz is een originele detective voor de bovenbouw. Alix, een meisje uit onze tijd, belandt op mysterieuze wijze in een landhuis op de Veluwe in het jaar 1926. Er is zojuist een moord gepleegd en zij moet die als undercover detective oplossen. Iedereen […]

Bekijk
Omslag Wolfke

Wolfke

Op een dag neemt de moeder van Holly een bijzonder meisje mee naar huis vanuit het laboratorium waar ze werkt.

Bekijk
Omslag willewete de boerderij

Willewete: De boerderij

Van mestverspreiding tot het verschil tussen trekker en tractor: allerlei vragen komen aan bod.

Bekijk
Een meisje springt op in hinkelpad als een zomerse energizer

Vijf zomerse energizers

Deze zomerse energizers helpen kinderen om even uit hun hoofd te komen, het bloed te laten stromen en een verse dosis concentratie aan te boren.

Bekijk

Onbeperkt toegang
met je OvM account

Met het OvM account krijg je als onderwijsprofessional toegang tot meer artikelen en regel je welke informatie je wilt ontvangen. Bijvoorbeeld de nieuwsbrief of Juf & Meester.