Perceptuele stijlen en spiegelneuronen

8

Voordat ik overga naar de volgende  perceptuele stijlen is het belangrijk even een tussenstap te maken. Er moeten namelijk eerst enkele vragen worden beantwoord. Naar aanleiding van het vorige artikel merkte een lezer op dat er verschillende geheugens moeten zijn die op verschillende manieren reacties veroorzaken.

Dilemma van de vis

Neem de poes uit het filmpje. Hij neemt met de ogen de contouren van een vis waar in een kom. Hij stuurt het beeld door naar zijn visuele geheugen. Er is een match: het is een vis. De poes associeert de vis met voedsel. Dus erop af! Op het moment suprême blaft de vis. De poes stuurt het geluid door naar zijn auditief geheugen. Er is weer een match: het is een hond. Een poes associeert een hond met gevaar. Dus wegwezen!

In een eerder artikel over de biologie van agressie hebben we gezien dat er zich enkele ingebouwde systemen in ons brein bevinden die zich primair richten op veiligheid (hersenstam) en op verbondenheid (limbische systeem). De vis appelleert op twee manieren aan veiligheid. In eerste instantie ziet de poes de vis als een bron van voedsel. Dit houdt veiligheid in, omdat voedsel in dienst staat van het voortbestaan van de poes. In tweede instantie krijgt echter de auditieve cortex een geheel ander signaal: geblaf. Het auditief geheugen signaleert nu echter een gevaar voor de veiligheid: er is onmiddellijk levensgevaar. De poes moet hu kiezen en kiest natuurlijk voor het opheffen van het levensgevaar en loopt weg.

U ziet dus hoe gecompliceerd de werking van het brein kan zijn. Zonder vooraf ingebouwde, genetisch bepaalde en dus razendsnelle modules, zouden we niet kunnen overleven.

Spiegelneuronen en autisme
Nog een ander voorbeeld. Onlangs was ik op een huwelijksfeest en natuurlijk was er een fotograaf. Een van de gasten had haar baby meegenomen van zo’n zes maanden oud. Er verder was er een allleraardigst jongetje van net twee jaar.

Als je regelmatig voor onderwijsvanmorgen.nl schrijft, ontkom je op den duur niet aan enige beroepsdeformatie en ik zag daarom sociale processen die de meeste andere aanwezigen ontgingen.

De ingehuurde fotograaf maakte foto’s. Dat ging heel professioneel en heel natuurlijk. De mensen glimlachten, lachten, keken ernstig al naar gelang de loop van hun gesprek. Het was duidelijk: hier werkte de ethiek van de verbondenheid vanuit het limbische systeem.

Er werden ook aparte groepjes gemaakt. Als die eenmaal juist waren gegroepeerd, riep de fotograaf: “Glimlachen!”. Er verschenen echter geen glimlachjes, maar slechts pogingen daartoe die soms meer op “grijnzen” leken. Toen keek ik naar het baby’tje. Zij ging van hand tot hand, van vrouw tot vrouw. De dames maakten daarbij allerlei geluidjes en glimlachten allerhartelijkst. En wat deed de baby? Haar ingebouwde modules voor veiligheid en geborgenheid zetten de spiegelneuronen aan het werk en zij lachte terug. Daarmee verzekerde zij zich van opname in de groep en dus voor veiligheid en geborgenheid. Het tweejarig jongetje had deze les allang geleerd en bespeelde de omstanders naar hartelust. En dit gedrag, beste lezers, kennen kinderen met autisme niet. Hun spiegelneuronen werken niet of slechts gebrekkig. Hier zit een belangrijke bron van hun problematiek.

Filmpje met ondertiteling

U kunt de presentatie van neurowetenschapper Vilayanur Ramachandran over spiegelneuronen mét ondertiteling bekijken bij TED Talks. De Nederlandse (Dutch) ondertiteling kunt u direct onder het filmpje activeren.

8 REACTIES

  1. Wij raden de lezers aan het buitengewoon interessante filmpje over spiegelneuronen te bekijken, NU MET ONDERTITELING. Zie daarvoor de laatste alinea van dit artikel. Het filmpje zal voor veel lezers een EYE-OPENER zijn!!

  2. Hoe zit het met kinderen die aanverwante autistische stoornissen hebben (PDD nos, Asperger)? Of nog vager: de kinderen die ” kenmerken” hebben van PDD nos? (die wel zeer vage diagnose wordt in de praktijk echt gesteld!). in de DSM 4 staan een aantal criteria voor autisme. Niet aan alle hoeft te worden voldaan. Er zijn criteria, waarbij ik me het ontbreken van die spiegelneuronen wel kan voorstellen als oorzaak bijv. de criteria onder “kwalitatieve tekortkomingen in sociale wisselwerking”. Ik kan me echter niet vooratellen dat bij alle stoornissen vallend onder ASS deze spiegelneuronen missen! Hoe kijkt u daar tegenaan, meneer Witteman?

  3. Jack. Volgens David Biello lijden meer dan 1 op de 500 kinderen aan een vorm van autisme. Hij schrijft dit in the Scientific American van 5 december 2005. Een groep wetenschappers deed onderzoek bij hoog-functionerende autisten. Uit het onderzoek kwam naar voren dat er een neurobiologische basis was voor hun sociale problematiek.
    Neorowetenschapper Mirella Dapretto van de University of Calofornia Los Angeles en haar mede-onderzoekers kwamen tot de conclusie dat elk autistisch kind in tenminste in één opzicht verschilt van zijn leeftijdgenoten, namelijk dat bij ieder aitistisch kind verminderde activiteit in de pars opercularis van de inferior frontale gyrus werd geconstateerd. Deze gyrus ligt bij de slaap. Andere studies hebben aangetoond dat zich hier ook de spiegelneuronen bevinden die mensen in staat stellen medemensen te begrijpen en hun gedrag te imiteren. Wanneer dit gebiedje is beschadigd kan het zelfs het leren van taal bemoeilijken.
    Het is waar Jack, dit is nog geen sluitend bewijs. Maar toch!!

  4. Ik heb van dit artikel genoten en in het bijzonder ook van het filmpje van Ramachandran. Gezien zijn spreeksnelheid en zijn accent was ik blij met de vetaling.

  5. Jack- Ik kan me ook niet goed voorstellen dat alle gediagnosticeerde ASS kinderen spiegelneuronen missen. Het antwoord zit volgens mij opgesloten in he getal van 1 op 500. Dit moet wel klassiek autisme zijn, want in Nederland spreken we altijd over 1% van de bevolking. Daar moeten dan veel kinderen bij zitten met PDD nos (not otherwise sepcified). Dat is gewoon oprekken van de criteria.

  6. Dag Margje,
    Ik heb begrepen dat in Nederland 60% van de kinderen vallend onder ASS, de diagnose PDD nos heeft. Die verhouding schijnt ook nog landgebonden te zijn. Het is naar het zich laat aanzien een typisch Nederlands verschijnsel. Daarbij komt nog dat ik tijdens een lezing van Balans ouders hoorde dat in verschillende delen van Nederland de diagnose AD(H)D meer werd / wordt gesteld en in een ander deel meer PDD nos. Er schijnt veel overlap en verwarring te zijn. Vooral in de beginfase (negentiger jaren) kwam dit veel voor. Tegenwoordig zal dat wel beter worden gediagnosticeerd, hoop ik.
    PDD nos is een pure onmachtssdiagnose. Er zijn kenmerken aanwezig van autisme, maar niet uitdrukkelijk genoeg. Een diagnose uit verlegenheid om de juiste diagnose te stellen: Not otherwise specified. Men komt er niet uit.
    Verder heeft PDD nos vele verschijningsvormen van meer autistisch (naar binnen gekeerd) gedrag tot naar buiten toe gericht (maar de sociale normen overschrijdend).

    En dan is er nog de nog (de al eerder door mij genoemde)vagere, vage diagnose: Heeft kenmerken van PDD nos (als niet aan 6 criteria wordt voldaan, maar aan bijv. 5). Als je zo redeneert dan kom je wel op 4 % of meer.
    Interessant om uit te zoeken of die allemaal problemen hebben met spiegelneuronen. Ik vermoed eigenlijk het antwoord wel.

  7. Ik geloof dat ik het filmpje van Ramachandran nog eens moet draaien om helemaal te volgen wat hij zegt. Ga ik zo doen. Ik heb ook zo’n PDD nosser thuis (16). Ik volg Jack en Margje wel met hun vraagtekens bij het “ontbreken” van spiegelneuronen bij autisten. Mijn exemplaar loopt bij tijd en wijle over van de empathie met anderen. Vooral mensen die emotioneel of fysiek beschadigd zijn of in de put zitten. Maar tegelijkertijd valt me op dat ze volstrekt geen invoelend vermogen heeft bij grens en norm overschrijdend gedrag dat ze zelf aan de lopende band laat zien. Haar 3 jongere zussen (9-13) weten haarfijn voor te doen hoe het hoort en wijzen haar hier ook op. De voordelen daarvan voelt / ziet ze niet. Staan de spiegelneuronen soms aan en soms uit en waar zit het knopje dan?

  8. De bekende Prof. Minshew onderzocht de hersenen van een groep volwassen autisten. Uit dit onderzoek bleek dat verschillende hersengebieden bij deze autisten niet goed met elkaar samenwerkten. Vooral bij complexe taken is samenwerking tussen bepaalde hersengebieden van belang. Ontbreekt een goede communicatie, dan zijn problemen te verwachten. Zoals ik al schreef in mijn eerdere reactie op Jack wordt in ons land veelal ook PDD nos gediagnosticeerd. Deze valt buiten het bereik van klassiek autisme. IOok Jack wees op dit verschijnsel. k kan dan ook niet zeggen of hier niet werkende spiegelneuronen per sé debet zijn aan dit gebrek aan invoelingsvermogen.
    Dr Minshew en collega’s maakten bij hun onderzoek gebruik van fMRI-scans van de hersenen van autististische volwassenen. Hierbij bleek dat er in het neurologische netwerk in het brein zich verschillende gebieden bevonden met abnormale afwijkingen . Professor Minshew: “Ons onderzoek is een sterke aanwijzing dat autisme niet primair een stoornis in de sociale interactie is, maar een globale stoornis in hoe het brein omgaat met informatie die het ontvangt – zeker als deze informatie complex is.”

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here