Rond een uur of drie liep ik als directeur weleens richting de snoepautomaat. Ja, ook als directeur. En ja, daar moest ik gewoon voor betalen. Dat kon leerlingen soms nog het meest verbazen. Alsof de directeur vrij spel had in het gebouw. Hoppa, nog wat repetitiepapier mee naar huis, misschien een whiteboardstift in de binnenzak. Gratis Mars erbij! De privileges van het onderwijsmanagement zullen we maar zeggen.
Ik leef niet op Marsen en Twixen gelukkig en ik let best aardig op wat ik eet. Maar na een vervelende mail, een vastgelopen Excelbestand, de zoveelste Haagse hobby, een vergadering over een proces rondom een proces of, meestal, een combinatie van al die zaken tegelijk, kon die reep zoetigheid ineens opvallend goed worden goedgepraat, heerlijk!
Op veel scholen waar ik kom, valt me bij die automaten iets op. Tussen de populaire repen en zakken chips staan opvallend veel ‘betere keuzes’. Soms complete rijen van hetzelfde product. Autodrop ‘Rode Cadillac’ bijvoorbeeld.
Kinderen eten in mijn beleving geen Autodrop. Zeker niet in de hoeveelheid waarin het soms wordt aangeboden. Sommige zakjes stonden er vermoedelijk al toen de examenklassen nog brugklassers waren. Maar deze automaat stond er rijen dik vol mee.
‘Dat kleurige, suikerrijke, voedingsloze assortiment kan toch keurig binnen de regels voor een gezonde schoolkantine passen leerde ik.’
Dat kleurige, suikerrijke, voedingsloze assortiment kan toch keurig binnen de regels voor een gezonde schoolkantine passen leerde ik. Niet omdat leerlingen tijdens de pauze plotseling massaal snakken naar ‘gezonde’ drop of popcorn met de structuur van piepschuim, maar omdat het systeem rekent in percentages en categorieën. Genoeg ‘betere keuzes’ tegenover de ongezonde keuzes en het predicaat ‘gezond’ komt binnen bereik.
Dat is toch fascinerend?! Onze hedendaagse manier van gezond en ongezond categoriseren.
Ondertussen krijgt cola zero namelijk een Nutri-Score C omdat er zoetstoffen in zitten. Sinaasappelsap heeft ook een C vanwege de hoeveelheid suiker, maar een zak versie friet krijgt doodleuk een A. Want ja, aardappel en zonnebloemolie, niks mis mee, puur natuur. Dat mensen die patatjes vervolgens thuis in een frituurpan veranderen in een cardiologisch experiment, is blijkbaar hun eigen verantwoordelijkheid.
Water is onder dranken de enige echte heilige. Al schijnt tegenwoordig alleen bronwater met elektrolyten nog écht water te zijn. De rest is waarschijnlijk een chemische aanval op je mitochondriën. Een moeilijk woord wat ik leerde van influencers die ons ook vertellen dat een banaan na acht uur ’s avonds ontstekingen veroorzaakt, dat havermelk je hormonen ontregelt, je heel veel vlees moet eten en ze in een filmpje van twaalf seconden precies uitleggen waarom je laatste prakkie een bloedsuikerpiek veroorzaakt waar je kleinkinderen nog last van krijgen.
‘Dat mensen die patatjes vervolgens thuis in een frituurpan veranderen in een cardiologisch experiment, is blijkbaar hun eigen verantwoordelijkheid. ‘
En dan school. Daar zouden we een beetje weg moeten blijven van al die voedselclaims. We hoeven ze niet wijs te maken dat een automaat vol ‘minder slechte keuzes’ daarmee gezond is. Als er snoep, chips, chocoladerepen en frisdrank in een kantine liggen, en die liggen er op veel scholen, dan is die kantine niet gezond. Er zijn dan simpelweg gezonde én ongezonde keuzes. Punt.
Laat influencers zich druk maken over de vreselijke aspecten van smeerboter. Maar laten wij op school alsjeblieft niet óók beginnen met het verbouwen van de werkelijkheid omdat de rekensom toevallig klopt. Woorden mogen hier gewoon betekenen wat ze betekenen. Dus zolang je onder het bordje ‘gezonde school’ door kunt lopen om even verderop een naast twee pistoletjes kaas liggend broodje kinderboerderij te bestellen: weg met dat bordje (of het ongezonde assortiment).

Danny Weeda begon zijn loopbaan als docent en stond bijna twintig jaar voor de klas. Daarna werd hij schooldirecteur en inmiddels is hij bestuurder van een samenwerkingsverband voor passend onderwijs. Die verschillende plekken in het onderwijs voeden zijn nieuwsgierigheid naar waarom we de dingen doen zoals we ze doen en vooral of ze in de praktijk ook werken zoals we hebben bedacht. Verwondering en soms wat ergernis daarover leiden regelmatig tot een artikel of column. ‘De wijze waarop de jeugd zich een weg baant door het leven is een eervol iets om getuige van te zijn en geeft verhalen voor het leven.
