Een initiatief van Malmberg

Van wie moeten tienermoeders hulp krijgen?

Vergeleken met andere landen telt Nederland weinig tienermoeders. Dat blijkt uit recente cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Volgens de definitie van het CBS is een meisje een tienermoeder als ze bij de geboorte van het kind jonger was dan twintig jaar. In 2015 kregen 1574 tienermoeders een kind ofwel 3,2 op de duizend meisjes onder de twintig jaar. Het geboortecijfer onder tieners in Nederland behoort tot de laagste ter wereld. Binnen Europa is het alleen in Zwitserland en Denemarken nog iets lager dan in Nederland. Bulgarije en Roemenië kennen de hoogste aantallen tienergeboorten. In 2014 werden in deze landen ongeveer 40 op de duizend tienermeisjes moeder. Het aantal Nederlandse tienermoeders neemt al jaren af. Uit CBS-cijfers blijkt dat sinds 2011 jaarlijks minder dan 5 op de duizend meisjes tussen de vijftien en twintig jaar moeder worden. In de jaren zestig van de vorige eeuw waren het er nog ruim 20 op de duizend.

Verklaringen

Op de website van Rutgers geeft directeur Ton Coenen verschillende verklaringen voor deze daling. ‘We zien dat meiden over de gehele linie meer toegang hebben tot voorlichting en tot anticonceptie. Verder zijn de opvattingen van meiden van Turkse en Marokkaanse herkomst over anticonceptie veranderd’, aldus Coenen. ‘En als meiden langer in het onderwijs blijven, stellen zij vaak het krijgen van kinderen uit tot een latere leeftijd.’ Volgens het CBS was 80 procent van de tienermoeders in 2015 achttien of negentien jaar. Coenen maakt zich zorgen over de drempel rond anticonceptie die meiden vanaf hun achttiende ervaren. Anticonceptie gaat dan via de huisarts en zij betalen een eigen bijdrage. ‘Wij pleiten ervoor dat voor hen de drempel zo laag mogelijk wordt en dat zij anticonceptieadvies op maat krijgen. Daarvoor is voorlichting op scholen en toegang tot zorg en informatie zeer belangrijk’, stelt Coenen.

Multi-problemen

Het CBS meldt dat iets minder dan de helft van de tienermoeders in 2015 een andere herkomst dan de Nederlandse had. Bijna 15 procent had een westerse en ruim 30 procent een niet-westerse achtergrond. ‘Niet alle tienerzwangerschappen zijn ongewenst of problematisch’, benadrukt Ellen Giepmans op de website van FIOM. Wel krijgt FIOM signalen dat de problematiek rond tienermoeders complexer wordt. Giepmans: ‘De jonge moeders zitten vaak in multi-probleemsituaties. Het risico voor maatschappelijke uitval is bij deze groep hoog. Uit onderzoek blijkt dat tienermoeders en hun kind meer dan anderen risico lopen op problemen bij opgroeien en opvoeden. Daarom is het belangrijk om in te blijven zetten op preventie, voorlichting en hulp bij (onbedoelde) tienerzwangerschap.’

Mijn Malmberg

logo Dilemma

Meer opdrachten

Je actuele lessen maatschappijleer op een nieuwe plek

Uit het archief van maatschappijleer