INTRO
Door problemen met koelwater konden verschillende Europese energiecentrales afgelopen zomer minder elektriciteit produceren. Dat had ook gevolgen voor Nederland: de gascentrales moesten bijspringen en de elektriciteitsprijs steeg.
Welke invloed heeft klimaatverandering op de energieproductie?
Lees het artikel ‘Energieprijs ook in Nederland omhoog door problemen met koelwater door droogte’. Maak daarna de volgende opdrachten.
Opdrachten
1 De energiecentrales uit het nieuwsartikel staan misschien ver van jouw huis. Toch kunnen problemen bij deze centrales invloed hebben op jouw dagelijks leven.
a Noem drie activiteiten waarvoor jij op een gewone dag elektrische energie gebruikt. Geef bij elke activiteit aan welk apparaat je gebruikt.
b Kies één van deze apparaten. Welke energieomzetting vindt daar plaats?
2 Door de lage waterstand van de rivieren komen kerncentrales in de problemen. In een kerncentrale komt bij atoomsplijting energie vrij. Neem de onderstaande zinnen over en vul de ontbrekende tekst in. Kies uit: bewegingsenergie – elektrische energie – generator – stoom – turbine – warmte – water.
Bij atoomsplijting komt … vrij. Daarmee wordt … verhit, waardoor er … ontstaat. Die laat een … draaien. Deze drijft een … aan, die … omzet in ….
3 Volgens het artikel veroorzaken zowel de lage waterstand als de hogere watertemperatuur problemen.
a Leg uit waarom een lage rivierstand de elektriciteitsproductie van een centrale kan beperken.
b Het koelwater stroomt warmer terug naar de rivier. Waar komt deze extra warmte vandaan?
c Waarom mag een centrale niet onbeperkt koelwater in een rivier lozen?
4 Een fictieve centrale heeft normaal een elektrisch vermogen van 900 MW.
a Bereken hoeveel elektrische energie de centrale normaal in 8 uur levert.
b Door koelwaterproblemen wordt het vermogen teruggebracht tot 600 MW. Bereken met hoeveel procent het elektrisch vermogen is afgenomen.
5 Door het warme weer en de lage rivierstand kunnen sommige energiecentrales minder elektriciteit leveren. Volgens het artikel stijgt daardoor de inkoopprijs van elektriciteit. Huishoudens met een dynamisch energiecontract merken dit aan hun stroomtarief: dat beweegt mee met de prijzen op de energiemarkt. Zij betalen dan meer voor elke kWh die ze gebruiken.
Een huishouden gebruikt op een dag 10 kWh. De oude prijs was € 80 per MWh; de huidige prijs is € 200 per MWh. Bereken het verschil tussen de inkoopkosten. Gebruik 1 MWh = 1 000 kWh.
BURGERSCHAP
6 Stel: door langdurige droogte produceren energiecentrales minder elektriciteit. Een gemeente vraagt inwoners en bedrijven om tijdens drukke avonduren minder stroom te gebruiken.
a Waarom is een tekort aan elektriciteit een maatschappelijk probleem?
b Welke voorzieningen of gebruikers moeten volgens jou voorrang krijgen bij de elektriciteitsvoorziening? Kies er twee en onderbouw je keuze.
c Een inwoner zegt: ‘Iedereen moet hetzelfde percentage elektriciteit besparen. Dat is eerlijk.’ Geef een argument vóór en en een argument tegen dit voorstel.
Antwoorden bekijken
Om de antwoorden te kunnen zien, moet je zijn ingelogd. Heb je nog geen account? Meld je dan nu aan! Het is GRATIS.

