Home » Van zoek- naar survivaltocht

Van zoek- naar survivaltocht

Twee studenten praten met elkaar bij de kluisjes in een schoolgang.

“Waar is lokaal VZ106?” vraagt een groepje nieuwe studenten, duidelijk zenuwachtig. Ze lopen samengeklonterd bij elkaar de afdeling binnen, klaar voor hun eerste dag na de zomervakantie en hun keuze voor een opleiding in de zorg.

De zenuwen zijn voelbaar, maar het enthousiasme is er ook, ook bij mijzelf. Elk jaar geniet ik opnieuw van de nieuwe gezichten die hun weg gaan vinden in de zorgsector. Voor deze toekomstige zorgmedewerkers draait het nu vooral om overleven. Een goede outfit, make-up, haar strak in de gel: het lijkt alsof ze extra aandacht besteden aan hoe ze eruitzien. Pubers die langzaam volwassen worden.

Een student vraagt mij naar de kluisjes. Het is ook voor mij een nieuw systeem, dus samen stuntelen wij naar een oplossing toe. Gelukt!

Welkom bij de introductieweek.

Ik ben telkens weer verrast hoeveel wij als mbo in een paar dagen proberen te bereiken. Studenten leren andere studiegenoten kennen, hun coach, de campus, systemen, rooster, opleiding, regels én hopelijk ook zichzelf. En dat allemaal nog voordat ze weten wat het betekent om mbo-student te zijn…

Toch steken wij als opleiding erg veel energie in die eerste dagen. De start van het schooljaar wordt niet voor niets ‘golden weeks’ genoemd, vanwege de groepsdynamiek die dan ontstaat. Welke studenten kennen elkaar al? Wie neemt het voortouw? Wie maakt voorzichtig een grap? En wie blijft wat op afstand?

Een goed begin is het halve werk, klinkt er onder collega’s.

Volgens het Trimbos-instituut kun je studenten samenbrengen en activiteiten aanbieden, maar voelen ze zich daardoor nog niet vanzelf onderdeel van de groep. Daarvoor moeten ze ervaren dat ze gezien worden en erbij horen. Daar doen we als onderwijs dagelijks ons best voor. Maar het gebeurt ook buiten de schoolbanken.

In de middagpauze plak ik nieuwe posters op een prikbord in onze open leerruimte. Studenten die eerder zwijgend naast elkaar zaten, proberen nu het gesprek aan te knopen: “Jouw naam is toch …?”

Deze meiden gaan vervolgens door: “Die bingo was écht cringe (= ongemakkelijk), hè?” Ik neem dat als een compliment. Binding betekent ook dat je samen ventileert. Ze weten gelukkig nu elkaars naam.

Wat de studenten nog niet weten: morgen doen we weer iets cringe: vlotten bouwen en survivallen. Maar dan letterlijk survivallen…

Laatste onderwijsnieuws

Onbeperkt toegang
met je OvM account

Met het OvM account krijg je als onderwijsprofessional toegang tot meer artikelen en regel je welke informatie je wilt ontvangen. Bijvoorbeeld de nieuwsbrief of Juf & Meester.