Thema's Differentiëren Meer over het brein: hoe komt kennis tot stand?

Meer over het brein: hoe komt kennis tot stand?
M

Iedereen onthoudt informatie op zijn of haar eigen manier. Sommige mensen kunnen goed namen onthouden, anderen moeten dit koppelen aan een visueel beeld. Dit is te verklaren vanuit de verschillende geheugenpaden die toegang geven tot het geheugen. Er zijn vijf verschillende toegangen tot het geheugen: het semantische, episodische, procedurele, automatische en emotionele geheugenpad. De komende weken wordt in deze reeks aandacht besteed aan de verschillende geheugenpaden en mogelijke toepassingen hiervan in het onderwijs.

In de eerste aflevering van deze reeks is gesteld dat de biologische basis van intelligentie wordt bepaald door het vermogen van neuronen om onderlinge verbindingen aan te maken in reactie op invloeden uit de omgeving. Mensen worden slimmer door het vergroten van het aantal synaptische verbindingen tussen de hersencellen. De uitleg van de opslag van kennis in het brein [zie model] is een nogal technisch verhaal. Het is echter belangrijk voor het begrip van de verschillende geheugenpaden en om het leren ook biologisch te verklaren.

Voor de informatieoverdracht en dus ook het leren zijn neuronen – zenuwcellen – van groot belang. Neuronen liggen aan de grondslag van ons volledig zenuwstelsel. De hersenen alleen al tellen waarschijnlijk zo’n 100 miljard neuronen en de rest van ons zenuwstelsel bevat er minstens evenveel. Een neuron heeft meerdere uitlopers, neurieten, die op lange draderige tentakels lijken. Zij weten zich door weefsels heen te wringen en zich met andere zenuwcellen in verbinding te stellen voor het doorsturen van zenuwsignalen. Er zijn twee soorten neurieten: axonen en dendrieten. Een zenuwcel heeft maar één axon, een lang uitsteeksel dat vertakkingen kan hebben en meerdere dendrieten, korte twijgvormige uitlopers. Bij de meeste neuronen, vooral deze van de hersenen, zijn de dendrieten zo talrijk en zo vertakt dat zij zo’n 90% van de totale celoppervlak beslaan.

Neuronen ontvangen zenuwimpulsen van de axonen van andere neuronen of van sensorische cellen. De boodschappen worden doorgegeven op verbindingspunten – de synapsen. Het axon van een neuron vervoert prikkels naar andere neuronen of naar andere cellen, bijvoorbeeld spiercellen.

Nu terug naar de geheugenpaden: het maken van synapsen is een puur biologische activiteit. Daarvoor moet inspanning verricht worden. Als we bijvoorbeeld het episodisch of emotioneel geheugenpad gebruiken hebben we daar minder aandacht en dus minder bewuste energie voor nodig. Het kost dus minder inspanning. Gebruiken we het semantisch geheugenpad dan hebben we daar veel aandacht en dus veel energie voor nodig.Het kost dus meer inspanning. Als we erin slagen meer geheugenpaden te gebruiken, dan is de gezochte kennis via meer paden te bereiken en is dus gemakkelijker toegankelijk. Dit zou positieve effecten op het leren van leerlingen kunnen hebben.

Herkent u dit in de manier waarop uw leerlingen informatie onthouden? Speelt u hierop in bij het lesgeven? We zijn benieuwd naar uw reactie.

26 REACTIES

  1. Leuk onderwerp; ik denk aan meerdere dingen tegelijk…
    Als eerste stel ik mijzelf de vraag wat de essentie van kennis is en hoe deze opgenomen wordt.
    Kennis is in feite een verzameling samenhangende gegevens waaraan we betekenis geven.
    Dit houdt in dat ons bewustzijn bij kennisopname onderscheid maakt, rangorde aanbrengt en categoriseert.
    Daarnaast is een grote mate van betekenis essentieel voor het lange termijngeheugen (dus blijvende kennis).
    Betekenis met grote impact kan pas plaatsvinden wanneer er sprake is van affect; de informatie moet een sterkere emotionele lading hebben voor de betrokkene wil deze goed in het geheugen blijven steken.
    In dat opzicht vormt het emotionele geheugenpad de basis voor een bewuste, heldere opname van informatie.
    We kennen allemaal het eureka-gevoel, de aha-erlebnis, maar ook de bewustwording bij het herkennen van oplossingen voor vraagstukken waar we nog geen oplossing voor gevonden hebben.
    Indien informatie belangrijk wordt geacht, speelt het affect en dus de emotie een grote rol.
    Daarnaast is het episodische geheugen primair.
    Elk nieuw gegeven waaraan we betekenis kunnen geven, wordt gerefereerd aan eerdere ervaringen en herinneringen, die tezamen ons referentiekader vormen en die ook in een persoonlijk geordend geheel in het lange termijngeheugen zijn opgeslagen in abstracte vorm.
    Elk stukje informatie, voor zover niet of slechts gedeeltelijk bekend, wordt automatisch vergeleken met de al aanwezige abstracte kennis om dingen te herkennen en te plaatsen middels analogen en parallellen.
    Deze manier van het verkennen van de wereld begint al vanaf het moment dat een peuter de eerste dingen kan herkennen als zijnde overeenkomstig met…vul maar in.
    Een kritische opmerking ten aanzien van de bewering dat emotionele en episodische geheugenpaden minder energie zouden verbruiken, omdat deze minder bewust zouden verlopen: in mijn optiek valt er geen uitspraak te doen over het energieverbruik over ‘onbewuste’ paden, aangezien deze immers onbewust plaatsvinden.
    De hersenactiviteit, en dus het energieverbruik hoeft er daarom niet minder op te zijn.
    Als laatste zou ik nog iets over de beide hersenhelften willen zeggen.
    Zover ik kan zien worden het semantische en procedurele geheugenpad behelst door de linker hersenhelft (ook de woordenschat).
    Terwijl de rechter hersenhelft gaat over emoties, het leggen van verbanden (onder meer concepten, ideeen, ordenen, maar ook taalgebruik), en creativiteit.
    De ordening van informatie is een essentieel onderdeel van het episodische geheugen, en geeft dat een persoonlijke noot.
    Daarom zou ik ook het episodische geheugen hoofdzakelijk onder het domein van de rechter hersenhelft willen plaatsen.
    Kort door de bocht samengevat: links verzamelt feitenkennis, rechts is een leven lang gegroeid in het affect en in het aanbrengen van ordening van de feiten.
    Kennis kan in mijn optiek gemakkelijker opgenomen worden, wanneer het affect vatbaarder wordt voor ‘platte’ informatie (feiten).
    Hiervoor is m.i. wel een apart soort aanpak voor nodig, die inspeelt op de creativiteit en op het bewust nadenken.
    Dit kan middels brainstormen, maar men kan leerlingen oook interessante (persoonlijke) vraagstukken geven, waarbij iedere leerling individueel de hoeden van DeBono toepast op zijn/haar individuele vraagstuk van persoonlijke interesse (zie het affect).
    En daarbij nog de opdracht krijgt om het proces van de eigen gedachtengang te evalueren en op papier vast te leggen.
    Op die manier wordt er nadruk gelegd op het gebruiken van beide hersenhelften, en zal er dus meer activitiviteit in de hersenen plaatsvinden zodat informatie diepere betekenis krijgt.
    Een beroemd voorbeeld van iemand die geen verbinding heeft tussen beide helften, is Kim Peek, ofwel de Rainman die gespeeld werd door Dustin Hoffman.
    Deze man heeft een geweldig geheugen en kent ongeveer evenveel feiten als in de boeken staan van een kleine bibliotheek.
    Helaas kan hij er geen goede betekenis aan geven en kan verschillende stukken informatie niet combineren of er normale verbanden tussen leggen.
    Hij heeft dan wel veel kennis, maar hij kan er niets mee en emotioneel gezien zegt het hem niets; de informatie is wat dat betreft ‘plat’ te noemen.
    Voor leerlingen is dat neem ik aan niet de bedoeling, als ze tenminst kennis diepere betekenis willen geven en ook als ze enige vreugde willen beleven bij het opdoen van kennis.
    Daarom is mijn gedachte dan ook dat oefening volledig zou moeten zijn, en niet alleen toegespitst op procedures, protocol en platte feitjes. Dat is niet wat mensen slimmer, creatiever, of inventiever maakt.
    Wat betreft dit stukje tekst: meer dan 80% is het resultaat van inventief combineren van en creatief omgaan met basale kennis.
    Een behoorlijk stuk ‘duimzuigerij’ dus; maar oordeel zelf maar of dit van enige waarde is, en of het uw affect aanspreekt.

  2. Beste heer H. Witteman,
    Beste heer M. van Veen,

    Mooie artikelen, die duidelijk maken welke ontwikkeling essentieel is in de hersenen bij het leerproces. Ik proef echter de tendens, en dat is ook heel begrijpelijk, dat door een specifiek aanbod, de kennis bij de leerling beklijft.

    Als wij echter blijven denken dat we het het AANBOD van het onderwijs moeten verbeteren, veranderen, hoe goed dat aanbod ook is (!!), dan zullen we nooit de leerling ZELF bereiken. Wij hebben een fundamentelere oplossing: bewustzijnsontwikkeling, de leerling ZELF ontwikkelt hier AL zijn creatieve en intelligente vermogens. Dat is ook wat aansluit bij uw beschouwingen over hoe de verschillende paden naar kennis open te leggen: emotioneel, episodisch, semantisch, etc. Die verschillende paden moet de leerling zelf SPONTAAN leggen. En dat kan….en gebeurt ook, nl. door bewustzijnsontwikkeling! Wij doen dat op onze school: het Onoverwinlijkheidscollege.

    Wat is het unieke van het onderwijs daar op basis van bewustzijn?
    Laten we het nu weer bekijken van de fysiologische kant: Elk kind van 12 jaar is begonnen met de ontwikkeling van een nieuw deel van zijn hersenen: de prefrontale cortex. Hiermee ontwikkelt het zijn inlevingsvermogen, zijn moreel besef, zijn vermogen tot overzicht, plannen maken, vooruitzien. Dit deel maakt een mens tot mens en bepaalt wat hij in zijn leven besluit te doen. Hij legt dus met deze ontwikkeling een basis voor zijn geluk en succes in de rest van zijn leven.

    De ontwikkeling van deze prefrontale cortex wordt afgerond omstreeks zijn 25e levensjaar. Ons onderwijssysteem met Transcendente Meditatie (TM) is als enige in Nederland gebaseerd op deze hersen- cq. bewustzijnsontwikkeling. Tientallen jaren ervaring en vele onderzoeken tonen aan, dat met dit systeem de leerling zijn volledige geestelijke en menselijke capaciteiten ontwikkelt. Mentaal, emotioneel en sociaal.

    Hoe ziet dit er dan uit in de praktijk (op onze school bv.)?
    Angst, agressie, stress verdwijnt. Leren wordt ontdekken. Jezelf ontwikkelen wordt een plezier!*) Niet omdat de school het beweert of omdat het in de leerboeken wordt gesuggereerd, maar omdat de leerling vanuit zichzelf zijn innerlijke en uiterlijke belevingswereld zichtbaar ontplooit. Dit is wat wij leraren op school van dag tot dag meemaken.

    Bij de ontwikkeling van de hersenen van een jongere is het namelijk: “Nu of nooit!”. Het is dus van cruciaal belang, dat het middelbaar onderwijs dat hij gaat volgen gegarandeerd*) in staat is om zijn volledige geestelijke vermogen en al zijn menselijke kwaliteiten te ontwikkelen. Mentaal, emotioneel en sociaal.

    Veel van onze informatie staat op onze website: http://www.onoverwinlijkheidscollege.nl en dan ziet u “Vedisch Onderwijs”. De Veda gaat veel verder terug dan het hindoeisme of het westerse beeld van “een oosterse godsdienst”. Het leert fundamenteel, dat de mens niet gelukkig is of wordt als hij niet transcendeert, dwz als hij zijn innerlijke belevingswereld niet versterkt en verruimt. Bewustzijnsontwikkeling is hier een kernbegrip, een sleutelwoord.

    Mijn bijdrage schrijf ik niet met het doel: “wij doen het beter”… Het is een bijdrage, die laat zien, dat we gebruik moeten en kunnen maken van wat al honderden, zelfs duizenden jaren bekend is over de innerlijke, geestelijke en emotionele ontwikkeling van de mens. Dat willen wij ook graag delen en zoveel mogelijk aan iedere school laten weten. Vandaar oa. dat wij een “pilot” opgezet hebben met een havo – vwo-schooltje in Lelystad, waar we open staan vool onderzoek

    Hein Brik
    Directeur Onoverwinlijkheidscollege

    *) verklaring: Zie http://www.cbeprograms.org/research/findings.html met het jarenlange, uitgebreide onderzoek naar hoe het onderwijs op basis van bewustzijn met TM angst, agressie en stress reduceert en de leerlingen zichzelf ontplooien in intelligentie en creativiteit. Geen enkele onderwijsmethode is zo uitgebreid onderzocht en beproefd.

  3. Hein Brik, M. van Veen. Dit zijn twee indrukwekkende bijdragen. Ik nodig iedereen uit om op delen of op de gehele artikelen te reageren. Ik neem er een weekje de tijd voor, maar ik kom erop terug.

  4. Hein Brik. Ik las bij de Stichting promise de volgende waarschuwing tegen TM:
    Een “wetenschappelijke” religie.
    Transcendente meditatie is een hindoeistische meditatietechniek die ongeveer 30 jaar geleden naar het westen is gebracht door Maharishi Mahesh Yogi, een hindoemonnik en natuurkundige. De kern van het meditatieonderricht bestaat uit een inwijdingsritueel (poedja), waarbij in de oudste hindoeistische taal (Sanskriet) een aantal overleden “meesters” worden aangeroepen en waarbij de aspirant een godennaam (mantra) ontvangt om mee te mediteren. Dit alles wordt verhullend gebracht als “ceremonie van dankbaarheid” en “een betekenisloze klank”.
    Hoewel de “poedja” de kern is van het TM gebeuren, wordt het door de TM organisatie naar buiten toe afgedaan als een kleine bijkomstigheid en concentreert men zich voor het publiek vooral op het tonen van een wetenschappelijk gezicht.

    De organisatie paradeert met vele wetenschappelijke rapporten en onderzoeksresultaten, die overigens voor bijna 100% in eigen kring zijn geproduceerd. De meeste mensen die op een TM lezing komen, weten dit niet en worden er nogal door geimponeerd.

    De organisatie is internationaal wijd vertakt. Maharishi is het absolute en onfeilbare(!) hoofd van de TM organisatie. Hij streeft ernaar in elk land van de wereld een nationaal centrum met plaatselijke stichtingen te vestigen. Deze zijn weer in een netwerk met elkaar verbonden, via nationale leiders die allen direct verantwoording moeten afleggen aan Maharishi. Het internationale hoofdkwartier is gevestigd in het bergdorpje Weggis in Zwitserland, tevens de verblijfplaats van de goeroe.

    De organisatie streeft er verder naar per land zoveel mogelijk doelgroepen te bereiken in de samenleving, waarbij men zich vooral richt op onderwijs en bedrijfsleven, symboliserende: groeikracht, financiën en macht. Sinds enige jaren geven ze ook onderricht in de zgn. siddhi-technieken. Deze technieken bouwen voort op de allereerste TM techniek en zijn gericht op het ontwikkelen van paranormale vermogens via manipulatie van de zielekracht van de mens. Het doel is de omgeving en anderen te beïnvloeden.

    Naarmate er meer mensen mediteren, komt de samenleving, ja zelfs de hele wereld dichter bij een transformatie van het bewustzijn, waarbij lijden, ziekte, ouderdom en zelfs de dood uitgebannen worden: zo stelt de TM organisatie. Met zo’n transformatie zou de TM organisatie haar doel verwezenlijken, namelijk “een hemel op aarde” te vestigen, onder leiding van een wereldregering van meesters, die geen politieke-, maar bovennatuurlijke macht uitoefenen over de totale wereldbevolking.
    Ik weet wel dat de Stichting Promise Christelijk is en dat zij TM misschien zien als een religieuze concurrent. Maar de wetenschappelijke bewijsvoering lijkt me nogal dubieus.

  5. Hein Brik, homo ludens. Zoals ik heb beloofd, kom ik terug op de reactie van Hein Brik, die een pleidooi doet voor transcendente meditatie (TM). Homo Ludens heeft hierop een uitgebreide reactie gegeven.
    Ik heb geprobeerd wetenschappelijke bronnen te vinden in publicaties vanuit puur wetenschappelijk onderzoek. Hieronder versta ik onderzoek dat niet wordt verricht door belanghebbenden. Ik beweer niet dat onderzoek door belanghebbenden per definitie onbetrouwbaar is, maar de bewijsvoering wordt dan bij voorkeur verricht vanuit één vooronderstelling of vanuit één perspectief. Op dat moment komt er een element bij en dat is GELOOF. Ik gun iedereen zijn geloof en besef dat waarheid vele gezichten kent.

  6. Ik ben blij, dat Homo Ludens zo uitgebreide reactie geeft op mijn artikel. Wat mij opvalt (eigenlijk: tegenvalt!), is dat hij de discussie in de religieuze sfeer trekt. Hij beschrijft in mijn ogen een organisatie, de TM-organisatie, die op slinkse wijze de wereld wil veroveren door iedereen hindoeistische denkbeelden aan te praten en Maharishi als een soort opperhoofd neer te zetten. Bovendien manipuleert zij de geest van de mens. Graag commentaar als ik het niet goed samenvat. En ik zal vast wel iets overhet hoofd gezien hebben. Voor de goede orde: ik ben niet lid van de TM-organisatie, ik heb een christelijke achtergrond, maar als ik de christelijke organisatie ga bekijken dan blijft er niet veel heel. Het is dat we dat een beetje vergeten zijn, maar er is heel wat gemarteld en gemoord in het verleden in naam van God. Toch heeft het cristendom veel betekend en positief bijgedragen tot de gewetensvorming van de westerse mens al moet je dan nog steeds wel veel kaf van het koren scheiden, vind ik. Ik heb de TM-organisatie nu zo’n 40 jaar meegemaakt, ik ben het zeker niet altijd eens met wat ze doen en hoe ze het doen, maar ik vind dat ze met een minimum aan geld en menskracht ongelooflijk veel hebben bereikt. Alleen bedrijfsmatig, marketingtechnisch gesproken al.

    Ik begrijp de uitlating wel dat het onderzoek naar TM dubieus genoemd wordt. Niet omdat het onderzoek gefaald heeft, integendeel. Er zijn inmiddels een aantal meta-onderzoeken gedaan naar de artikelen over de effecten van TM, die de degelijkheid van dat onderzoek weer bevestigen. Natuurlijk: als de onderzoekers zelf aan TM doen terwijl ze dat ook onderzoeken, geeft dat vragen. Zelfs als de TM-organisatie het onderzoek ook nog financiert. Waar is de objectiviteit? Theoretisch gesproken begrijp ik deze zorg voor goed onderzoek. Maar tezelfdertijd is het onmenselijk te vragen om te stoppen met TM of er pas na een jaar mee te beginnen nadat het onderzoek is afgerond. Dat was (en is) de praktijk. TM zelf heeft helemaal geen wetenschappelijk onderzoek nodig. Er hoeft echt niets bewezen te worden, het werkt gewoon. Het is geen religie, er hoeven geen wierrookjes aangestoken te worden, je hoeft geen altaartje in te richten. Het is verbazend wat mensen allemaal kunnen verzinnen. Meestal om het “weg te kunnen zetten” en weer over te gaan tot de waan van de dag.

    De TM organisatie is helemaal geen religieuze organisatie maar degenen die voor het eerst in contact komen kunnen vaak de achtergrond, de wetenschap der creatieve intelligentie, alleen maar plaatsen in hun eigen religieuze kader. Het omvat en overstijgt dit kader echter, is mijn opvatting en ervaring. En nu kom ik weer terug bij de wetenschap en de ontwikkeling van de menselijke geest. De wetenschap der creatieve intelligentie is het enige model, dat ik ken, dat zowel Darwin als het creationisme eenzelfde basis geeft, om maar iets te noemen. Het is het enige model dat verklaart en laat zien hoe de menselijke geest werkt en hoe je die kunt ontwikkelen. Het is kennis van millenia her, maar zo praktisch en helder door Maharishi uiteengezet, dat wij westerlingen het kunnen begrijpen. Daar blijkt ook uit hoe het mechanisme van het doen van ontdekkingen werkt. Heeft iemand zich ooit afgevraagd hoe je van wetenschapper een briljant wetenschapper wordt? Met een of meerdere fundamentele bijdragen aan de wetenschap? Watson en Cricket vertellen er wat over, Einstein geeft een kijkje in de keuken, Lorentz al wat minder, Schrodinger en Heisenberg schrijven over hun filosofische achtergrond, maar niemand geeft een concrete methode hoe alle talenten, kwaliteiten van de menselijke geest tot ontplooing te brengen. Meestal wordt er bericht over een “harde leerschool”, loutering, doorzettingsvermogen, maar de vreugde, de emotie, die de brandstof is voor de wetenschappelijke ontdekking blijft vaak wat mysterieus. Het is die vreugde, soms extase (en nu moet ik al weer oppassen, want nu zijn alle TM-mers weer niet beter als… (vul maar in)), die de grote drijfveer is en aan kan zetten tot haast onmenselijke prestaties. Deze ontwikkeling, van deze vermogens, daar wordt in het westerse onderwijs vrijwel geen aandacht besteed. Transcenderen zou als eerste prioriteit moeten gelden. Ontdekking van de eigen menselijke geest, de innerlijke wereld. Een puber doet in feite niets liever. Hij/zij staat voor een immense opgave zichzelf als individu in deze maatschappij neer te zetten, zichzelf te ontdekken en vertrouwen te krijgen in zijn potentieel, dat is: de volledige ontwikkeling van lichaam en geest.

    En ja, daar moeten we voor naar onze oosterburen, dat kunnen we niet zelf met onze wetenschap, we schieten schromelijk tekort als het gaat om de ontwikkeling van zelfbeheersing, voeding en gezondheid. Zie bijvoorbeeld hoe wij vrede stichten, hoe de wapenindustrie daarvan bloeit en hoeveel ziekenhuizen we nodig hebben, hoe we de gezondheidszorg in hebben gericht en wat het ons aan geld kost omdat we liever iemand eerst in de afgrond laten vallen ipv. echt zorg te besteden aan preventie door bijv. de Chinese geneeskunde te raadplegen. Geen wonder dat de huidige puber zich erg ongemakkelijk voelt met onze inrichting van de samenleving.
    Wij westerlingen zijn arrogant en weigeren te kijken naar wat andere volkeren (Indianen, Eskimo’s, Chinezen, Indiers) op geestelijk gebied werkelijk te bieden hebben. Nou ja, kijken doen we nog wel, maar serieus ter harte nemen? Maharishi heeft in feite de weg geplaveid voor ons westerlingen om deze kennis over onze eigen menselijke geest toegankelijk te maken en met een simpele methode (TM, dus) volledig te kunnen ontwikkelen, op basis van ons verlangen naar meer geluk, meer wijsheid, meer innerlijke ruimte. Want zo werkt de menselijke geest en onze leerlingen op het onoverwinlijkheidscollege kunnen daarover meepraten omdat ze dit dagelijks ervaren.
    Gezien de weerstanden die mijn verhaal oproept zal het nog even duren.

  7. Dr. Mark Roberts , Marten Hoffman en Paul Dirac. Ik wil nog even verder gaan op de discussie die wij bij een ander artikel hebben gevoerd. De discussie spitste zich toe op de leertheorie van het (sociaal) constructivisme. Tegenstanders van het constructivisme die zweren bij vormen van kennisoverdracht , accepteren meestel niet dat kennis kan ontstaan uit “onbewust” denken. Ik wil u daarom graag wijzen op een onderzoek dat gedaan is door Prof. dr. A, Dijksterhuis, hoogleraar psychologie van de Radboud Universiteit Nijmegen in samenwerking met het Algemeen Pedagogisch Studiecentrum (APS) te Utrecht. Het onderzoek heeft laten zien dat onbewust denken – denken zonder aandacht, bijvoorbeeld tijdens de slaap – bij complexe keuzes tot betere beslissingen leidt Ook zijn wij creatiever wanneer wij onbewust denken en de kans op het welbekende “aha”- moment” bij een lastige abstracte puzzle is groter bij een periode van onbewust denken. Een verklaring (volgens de onderzoekers) kan zijn dat onbewust denken op een aantal punten wezenlijk verschilt van bewust denken. Zo heeft het onbewuste meer capaciteit dan het bewuste. Wanneer je onbewust denkt kun je dus veel meer informatie tegelijk verwerken, terwijl het bewuste slechts een aantal aspecten tegelijk kan bekijken (de bekende 7plus of min 2 theorie) Daarnaaast is het onbewuste beter in het bepalen welke informatie van belang is en welke factoren minder belangrijk zijn. Ook is onbewust denken een zeer associatief proces, waar bewust denken vaak vasthoudt een bestaande schema’s. Aldus de onderzoekers.

  8. @Henk Witteman
    Fijn dat u (in de andere draad) de relatie met religie legt. Het sociaal constructivisme heeft veel weg van een religie (‘sekte’ is waarschijnlijk zelfs een betere omschrijving). Er is geen wetenschappelijk bewijs voor het sociaal constructivisme als effectieve leertheorie (dat tonen de artikelen die ik in de andere draad noem aan). Het is geloof.

    Natuurlijk is het waar dat voorkennis uitmaakt bij het aanleren van nieuwe kennis. En natuurlijk heeft het ‘onbewuste’ veel meer leren te maken. Geen van beide zijn vindingen van het sociaal constructivisme en beiden zijn altijd al belangrijk gevonden in de vormgeving van ‘instructief’ onderwijs. Je kunt zelfs stellen dat het klassieke instructieve onderwijs met beide veel meer rekening houdt dan het op het sociaal constructivisme gebaseerde onderwijs.

    Wat betreft het ‘onbewuste’: denk bijvoorbeeld aan het ‘realistisch wiskundeonderwijs’ (volgens de bedenkers op het sociaal constructivsme gebaseerd) waar de bedenkers benadrukken dat kinderen bij alles bewust na moeten denken. De voorstanders van instructief rekenonderwijs zijn nu juist degenen die het belang van automatismen (en dus het onbewuste) benadrukken.

  9. Dr Mark Roberts. Dank voor uw reactie. Voordat ik een discussie met u aanga wil ik eerst uw achtergrond kennen. Ik vind het namelijk erg moeilijk te discussiëren met mensen die meningen verkondigen vanuit een religieuze achtergrond. Dergelijke discussies geven mij hetzelfde gevoel als die ik krijg als ik spreek met een Jehova-getuige of een Mormoon die bij mij thuis aanbelt. Natuurlijk heb ik er geen bezaar tegen als iemand religieus geïnspireerd is. Maar discussies zijn dan niet zinvol, omdat zij hun overtuigingen nooit ter discussie stellen. Daartoe zijn ze niet in staat, omdat de zich dan blootstellen aan existentiële angst (zie o.a. Garcia Narvaez, 2008). Daarom mijn vraag:
    Bent u deze Dr. Mark Roberts?
    The Rev. Dr. Mark D. Roberts is a pastor, author, retreat leader, speaker, and blogger. Since October 2007 he has been the Senior Director and Scholar-in-Residence for Laity Lodge, a multifacted ministry in the Hill Country of Texas. Before then, he was for sixteen years the Senior Pastor of Irvine Presbyterian Churchin Irvine, California (a city in Orange County about forty miles south of Los Angeles). Prior to coming to Irvine, Mark served on the staff of the First Presbyterian Church of Hollywood as Associate Pastor of Education. (Thanks to Janel Pahl for taking the photo to the right.)

    Mark studied at Harvard University, receiving a B.A. in Philosophy, an M.A. in the Study of Religion, and a Ph.D. in New Testament and Christian Origins. He has taught classes in New Testament for Fuller Theological Seminary and San Francisco Theological Seminary.
    Als dit zo is, dan bent u “an eminent scholar, worthy of respect”. Maar acht ik het zinloos met u in discussie te treden. Daarom vraag ik u: Is waarheid subjectief? Zijn meer dan één integere interpretaties van bijvoorbeeld de Bijbel mogelijk? Ik wacht uw antwoord af. And, if it is easier for you to correspond in English, it is no problem for me.

  10. Mark Roberts is een heel veel voorkomende naam. Ik ben niet die Mark Roberts die u vond, maar een Nederland wonende Engelsman, ingenieur van beroep.

  11. Dr. Mark Roberts. Dank voor uw reactie, al heeft u mijn laatste vraag niet beantwoord. Deze luidde: Daarom vraag ik u: Is waarheid subjectief? Zijn meer dan één integere interpretaties van bijvoorbeeld de Bijbel mogelijk? Ik wacht uw antwoord af.
    Terwille van de lezers wil ik wel met u de theorie van het constructivisme beetje bij beetje doornemen. Niet alles in één keer, want dit is geen artikel.
    Het constructivisme is een theorie die wordt gebruikt om te verklaren hoe mensen weten wat ze weten. Het onderliggende idee is dat probleemoplossing het hart vormt van leren, denken en ontwikkeling. Terwijl mensen problemen oplossen en de gevolgen van hun daden/inspanningen ervaren – door na te denken over eerdere ervaringen en hun onmiddellijke gevolgen, construeren zij hun eigen kennisbestanden. Leren is aldus een actief proces dat veranderingen teweegbrengt bij de lerende. Dit wordt bereikt door activiteitem waarin de lerende zich begeeft, waaronder de gevolgen van deze activiteiten en door ervover te reflecteren. Mensen begrijpen slechts wat zij zelf hebben geconstrueerd. Evolutioninsten zouden zeggen dat organismen (dus ook mensen) leren door hun interactie met en aanpassing aan de omgeving. De kwaliteit van hun vermogen tot aanpassen (=leren) bepaalt hun kansen om te overleven.

  12. dr. Henk Witteman, aangezien ik niet ‘die’ Mark Roberts ben dacht ik dat uw laatste vraag niet meer relevant was. Aangezien u toch om een antwoord vraagt, dan hier het antwoord.

    Het is niet zo relevant of ‘de waarheid’ subjectief is: of alles zich alleen maar in mijn hoofd afspeelt of dat er een platonische wereld buiten ons is. Onze subjectieve werkelijkheden blijken zozeer overeen te komen dat we ook in het geval dat de werkelijkheid feitelijk subjectief is, we toch net kunnen doen alsof de werkelijkheid objectief is. Daar is de hele wetenschap, en dus onze hele technologische maatschappij, op gebaseerd.

    Interpretaties van de bijbel vallen buiten dit discours van ‘subjectieve’ versus ‘objectieve’ waarheid. En ook buiten mijn terrein van expertise….

    We kunnen hier hele lappen tekst over de filosofische basis van het constructivisme schrijven, maar ook dat is niet zo relevant. Zoals ik al schreef in een eerdere reactie: het gaat erom of het constructivisme een effectieve leertheorie is. Dat wil zeggen: leren leerlingen meer? De artikelen die ik in de andere draad noemde, Kirschner-Sweller-Clark (2006) en Anderson-Reder-Simon (2000), bestrijden dat. Gaat u daar eens op in.

  13. Ik wil zo vrij zijn op deze discussie over het constructivisme in te haken. Het verbaast me in dit kader veel begrippen gebruikt worden die met elkaar te maken hebben maar verschillende betekenissen hebben. Zoals ‘waarheid’, ‘kennis’ en ‘begrip’. Over precieze definities wordt al eeuwenlang gefilosofeerd en ik denk dat gesteld kan worden dat deze niet dezelfde betekenis hebben. Maar door ze door elkaar te gebruiken wordt de discussie troebel. Als de verschillende begrippen niet dezelfde betekenis hebben dan is het antwoord op de vraag “is waarheid subjectief?” niet van toepassing op de vraag of kennis subjectief is. Zo ontstaat verwarring rondom onderwijskundige theorieën die mij eerder voorkomen als een rookgordijn t.b.v. een vooringenomen agenda dan een gedegen wetenschappelijke theorie. Ik ga dan twijfelen aan het wetenschappelijkheid gehalte van een sociaal-constructivistische theorie. Wat betreft objectieve kennis, ik denk dan aan Popper: een theorie is waar totdat het tegendeel bewezen is. Daartoe dient een theorie wel falsificeerbaar te zijn. Wellicht kunt ook antwoord geven op de vraag of sociaal-constructivisme en elke andere onderwijskundige theorieën falsificeerbaar zijn? Zo ja, hoe? G.

  14. G. Ik ben het met u eens dat theorieën gefalsifieerd moeten kunnen worden. God bestaat of God bestaat niet kunnen bijvoorbeeld niet wetenschappelijk getoetst worden. Bede beweringen zijn dus niet objectief waar. Ik ben het met u eens dat “taal” het grote probleem is. Woorden die hetzelfde klinken, kunnen door individuele mensen heel anders begrepen worden. Daarom wordt kennis in mijn visie geconstrueerd. Bekend zijn bijvoorbeeld de meervoudige intelligenties van Howard Gardner. Ze zijn populair in onderwijskundige kringen, maar veel minder populair in onderwiswetenschappelijke kringen. In Wikipedia wordt het voorbeeld van de zwaartekracht gegeven. Dat deze bestaat is boven alle twijfel verheven.
    Ik citeeur nu Wikipedia:
    Poppers falsificationisme kreeg van verschillende kanten kritiek. Eén probleem met het falsificationisme is dat veel theorieën uit de wetenschap in de praktijk niet falsifieerbaar zijn. Dat komt doordat deze theorieën niet in isolatie te testen zijn, maar alleen in combinatie met andere theorieën. Als in zo’n geval een experiment een negatieve uitkomst heeft, is het aan de wetenschapper om te beslissen welke van deze theorieën hij laat vallen of als foutief aanmerkt. In de praktijk blijkt dan vaak dat juist de theorie die getest zou worden wordt aangehouden door de wetenschapper, terwijl deze een “minder belangrijke” theorie laat vallen.
    Zo zou in het bovenstaande voorbeeld over zwaartekracht een experiment waarbij een steen blijft zweven er nooit toe leiden dat de theorie van de zwaartekracht als weerlegd wordt beschouwd. De wetenschapper die het experiment uitvoert zal niet concluderen dat, aangezien de steen blijft zweven, de zwaartekrachttheorie onjuist is en zich afvragen waarom stenen in andere situaties dan wel terugvallen. Hij zal er in tegendeel juist alles aan doen om te verklaren waarom de steen in de specifieke situatie van het experiment niet terugvalt, en zo proberen de zwaartekrachttheorie te behouden.

    Een ander probleem met Poppers falsificationisme is dat inductie binnen de wetenschap nog steeds als een geldige bewijsvorm wordt gezien en dat wetenschappers gericht zijn op het bewijzen van theorieën en niet op het falsificeren van theorieën. Dat lijkt er op te duiden dat Poppers falsificationisme enkel beschrijft hoe wetenschap zou moeten werken, maar niet hoe ze daadwerlijk werkt.

  15. Henk Witteman, G., Mark Roberts. Ik heb zelf een tijdje te maken gehad met Probleemgestuurd Onderwijs en dat was volgens mij een typisch voorbeeld van constructivistisch onderwijs. Zoals ik het zie staat binnen het PGO de persoonlijke ontwikkeling en zelfwerkzaamheid van de student centraal. Het PGO gaat ervan uit dat het begrip metacognitie centraal centraal staat. Dit begrip omvat volgens prof. Dr. A. Minnaert (Universiteit Groningen) de kennis en opvattingen die iemand`heeft over zijn cognitief functioneren (denken, redeneren, leren, onthouden en dergelijke) en over de wijze waarop dit functioneren gestuurd kan worden. Metacognitief betekent dus dat er niet alleen vakinhoudelijk geleerd wordt, maar ook dat er over de manier van leren wordt gesproken.
    “De meest actuele variant van de metacognitieve theorie is het constructivisme. Volgens Kallenberg, van der Grijspaarde, ter Braak, en van Horzen (2006) benadrukt deze theorie nog sterker dat leren een actief en constructief proces is. Volgens deze auteurs is “leren eigenlijk alleen maar goed mogelijk wanneer de student zelf construerend bezig is met de leerstof. Het gaat erom dat nieuwe informatie wordt gekoppeld aan bestaande voorkennis. Omdat elke student allerlei eigen soorten van voorkennis betrekt bij het construeren van een nieuw kennisniveau, is het niet mogelijk het koppelingsproces van iemand over te nemen of te structureren. De individuele situatie vormt een unieke figuratie.”
    Ik vind deze theorie heel aannemelijk. Ik heb zelf ondervonden dat het PGO een inspirerende vorm van leren is, inspirerender dan bijvoorbeeld de collegevorm. Dit wil niet zeggen dat er docenten zijn die geweldige instructie kunnen geven. Maar deze dwingen je na te denken, zodat je met jezelf en studiegenoten en je docent de dialoog aangaat. Dus toch constructivistisch??
    De universiteiten van Maastricht en Rotterdam passen PGO met veel succes toe. Ik begrijp wel dat de discussie tussen constructivisme en instructivisme nog lang niet beslecht is. Ik hoop dat de nu snel groeiende inzichten vanuit de breinwetenschappen ons onderwijsmensen nieuwe handvatten kunnen aanreiken.
    Verder vind ik dit een boeiende en leerzame discussie.

  16. Margje citeert: dat “leren eigenlijk alleen maar goed mogelijk [is] wanneer de student zelf construerend bezig is met de leerstof. Het gaat erom dat nieuwe informatie wordt gekoppeld aan bestaande voorkennis.” Dat is geen inzicht van het constructivisme. Tijdens instructie is de docent het overgrote deel van de tijd bezig het nieuwe te koppelen aan de bestaande voorkennis. Kern van het instructivisme is dat dit koppelen op een doordachte manier gebeurt. Bij het constructivisme wordt de leerling veelal aan zijn lot over gelaten met de mededeling: zoek het maar uit.

    Margje citeert verder: “Omdat elke student allerlei eigen soorten van voorkennis betrekt bij het construeren van een nieuw kennisniveau, is het niet mogelijk het koppelingsproces van iemand over te nemen of te structureren. De individuele situatie vormt een unieke figuratie.” Dit nu is absolute onzin. Er zijn inderdaad verschillen in voorkennis tussen leerlingen, maar die zijn in de klassieke onderwijssituatie marginaal (en de leraar houd in de instructie -via bijvoorbeeld verlengde instructie- rekening met die verschillen die voortkomen uit bijvoorbeeld een verschil in niveau tussen leerlingen). Het citaat komt heel erg dicht in de buurt van zeggen dat elke zinvolle communicatie tussen mensen onmogelijk is. We ondervinden allemaal iedere dag dat dit aperte onzin is.

    Ik herhaal maar weer eens: het gaat erom of het constructivisme een effectieve leertheorie is. Dat wil zeggen: leren leerlingen meer?

  17. Dr. Mark Roberts. Inderdaad beweer ik dat studenten in het PGO veel meer tijd hebben om nieuwe informatie te integreren in voorafgaande kennis. Uw bewering dat docenten die volgens een instructieve methode werken daar ook een groot deel van de tijd mee bezig zijn, klopt wel, maar tegelijkertijd betekent dit dat er minder tijd overblijft voor bijvoorbeeld nadere uitleg. Ik heb culltuurwetenschappen gedaan en ik kan u zeggen dat bij mijn medestudenten veel meer voorkennis aanwezig was dan de docent maar kon vermoeden. Ik heb dan ook het meest geleerd van het overleg met mijn medestudenten. Er was ook altijd een docent bij, maar die greep pas in als onze discussies ons deden verdwalen. Misschien dat zo’n leerproces anders verloopt bij exactere vakken. Overigens moet mij wel iets van het hart. Ik reageer frank en vrij op de diverse bijdragen. Ik vind het echter onplezierig dat u een bewering van mij kwalificeert als ABSOLUTE ONZIN. Dat is slechts een INTERPRETATIE van uw kant. Dit is SUBJECTIEF OOK VAN EEN DOCTOR!

  18. Beste Margje, volgens mij was het niet uw bewering die ik totale onzin noemde, maar een bewering van Kallenberg en anderen die u citeert. Er is heel veel onderzoek waaruit blijkt dat die uitspraak van Kallenberg en anderen totale onzin is. Bijvoorbeeld het artikel van Anderson-Reder-Simon dat ik eerder noemde (met vele referenties). Iets dat totale onzin is zal ik totale onzin blijven noemen.

  19. Margje. Ook ik volg deze discussie met belangstelling. Maar misschien heb je gelijk als je het hebt over verschillende vakgebieden. Ik kan me voorstellen dat de belevingswereld van Mark Roberts, technisch ingenieur, heel anders is dan die van jou als cultuurwetenschapper. In kan me bijvoorbeeld voorstellen dat een vreemde taal heel anders werkt dan wiskunde, Ik denk dan bijvoorbeeld aan de serie vreemdetaalverwerving op onderwijsvanmorgen. Mij is o.a. de flipperkast goed bijgebleven.

  20. Dr. Mark Roberts, Margle, Margot en alle andere volgers van deze discussie over constructivisme versus instructivisme. De discussie is interessant en leerzaam. Inzichten komen en gaan en daarmee fine-tunen we op de werkelijkheid van de dagelijkse onderwijspraktijk. We komen er niet uit, want zoals mij oude leermeester P. Eradus van de School voor Taal- en Letterkunde al zei: “Where shaIl I decide, when doctors disagree”. In deze situatie zijn we terechtgekomen. De strijd tussen instructivisme en constructivisme is nog lang niet beslecht. Maar ik ben het eens met Margje waar ze de hoop uitspreekt dat de breinwetenschappen straks nieuwe inzichten zullen verschaffen.n Werkt ons brein als een digitale computer of als een analoge? Serialistisch of holistisch? Ik stuur jullie een link naar nieuwe inzichten. Klik op http://www.iep.utm.edu/embodcog/#H3 en lees over “embodied cognition”. Ik heb nog een Nederlandstalig artikel gevonden vanuit de Universiteit van Maastricht. Hier wordt op evenwichtige wijze de diverse opvattingen tegenover elkaar geplaatst zonder stelling in te nemen. Hier wordt ook het artikel van Anderson et al genoemd. De komende maand moet ik 3 artikelen schrijven voor onderwijsvanmorgen.nl. Daaraan moet ik tijd en zorg besteden. Ik zal me dus excuseren. U kunt natuurlijk als lezers de discussie voortzetten. Vriendelijke groet en bedankt voor uw inbreng (HW).

  21. Zoals gezegd wordt dit even mijn laatste bijdrage aan deze discussie.
    Ik heb twee artikelen voor u: klik op: http://act-r.psy.cmu.edu/papers/misapplied.html (van Anderson et al.)
    en een doctoraalsciptie waarin (in het Nederlands ) bedenkingen met betrekking tot het constructivisme worden uiteengezet.
    klik op: http://www.cop.hva.nl/download.php?id=3602
    Het is duidelijke dat Anderson et al vooral spreken over wiskunde. Marje sprak bijvoorbeeld over clultuurwetenschappen. Ikzelf ben niet alleen onderwijswetenschapper, maar ik ben ook afgestudeerd in Engelse taal en letterkunde. Ik kan mij bijvoorbeeld bij letterkunde niet veel voorstellen bij het instructivisme. Wel veel bij het constructivisme. Er blijken dus veel waarheden te zijn. Een goed docent zal daarom kiezen voor variaties in doceervormen en werkvormen. Succes en zet vooral de discussie voort!

  22. Dr. Marc Roberts, Marten Hofman e.a. In het artikel http://www.onderwijsvanmorgen.nl/maand-van-de-b-ta-van-start-gegaan komen instructivisme en constructivisme weer aan de orde. Het artikel is gericht op de beta-vakken waar het artikel van Anderson et al (2002) ook op doelt. Misschien vindt u het interessant hieraan mee te doen. Ik meenm te weten dat Marten Hofman van Beter Onderwijs Nederland is. Het is interessant zijn uitgesproken visie met docenten exacte vakken te delen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf hier je reactie
Vul hier je naam in

Meer van deze auteur

Gerelateerd

Advertisment

Meest gelezen

8x creatieve tips om tafeltjes oefenen

1 x 8= 8, 2 x 8 = 16, 3 x 8 = 24 en ga zo maar verder. Het eindeloos oefenen van tafeltjes...

Top 5 online toets- en quiztools

Wil je de les meer pit geven? Of misschien extra oefeningen bieden? Met digitale toets- en quiztools kan het allemaal. Er zijn er alleen zoveel...

5x leuke taalspelletjes

Actief en spelenderwijs met taal bezig zijn draagt bij aan de motivatie van leerlingen om te leren. Het loont dan ook om naast de...