Bèta op de basisschool?

0

Onbekend maakt onbemind? Dat is de vraag bij vakken als wiskunde, scheikunde en natuurkunde. In het basisonderwijs kom je deze vakken nog niet veel tegen. Op het voortgezet onderwijs zijn ze vaak niet erg populair. Toch heb je met deze vakken in je pakket grote kans op een goede baan. Uit onderzoeken blijkt dat er vanaf 2020 een groot tekort aan technisch personeel zal zijn. Zou een eerste kennismaking op de basisschool al helpen? 

Onderzoek bèta en basisonderwijs

Waar aardrijkskunde en Nederlands op de basisschool heel normale vakken zijn, zijn natuurkunde en scheikunde dat niet. Uit internationaal vergelijkend trendonderzoek naar het onderwijsniveau in de exacte vakken in groep 6 van het basisonderwijs blijkt dat in 2015 het prestatieniveau van Nederlandse kinderen weer daalt. Ook is de internationale positie van Nederland duidelijk slechter geworden, wat betreft de toetsresultaten op exacte vakken. Daarnaast wijst het onderzoek uit dat ‘als gekeken wordt naar de tijdsbesteding, de aandacht voor experimenten en proefjes, het zelfvertrouwen en toerusting van leerkrachten, de deelname aan scholing en knelpunten die het onderwijs belemmeren, blijkt dat Nederland hierin lager scoort dan de meeste andere landen.’ 

Aandacht voor exact

Vorig jaar augustus kregen vo docenten natuurkunde en scheikunde een bevoegdheid om les te geven in het po. Om zo jonge talenten al vroeg in contact te laten komen met bijvoorbeeld natuurkunde. Om echt veranderingen teweeg te brengen moet het exacte onderwijs wel structureel zijn, zegt Gerard Boeijen, betrokken bij een rapport over relevantie van natuurkunde en techniek voor de basisschool van het Cito.

Jong geleerd…

Naast de ontwikkeling van talent zijn er nog meer redenen om exacte vakken structureel op te nemen in het primair onderwijs. Allereerst is veel techniekonderwijs heel praktisch, leren door te doen. Iets zelf maken, proberen of aanraken is voor kinderen een natuurlijke manier van leren en ontwikkelen. Ook de nieuwsgierigheid van jonge kinderen sluit perfect aan bij de aard van het bètaonderwijs zo staat te lezen in het artikel talentontwikkeling met wetenschap en techniek. Bovendien gaat het bij bètavakken niet alleen over natuurlijke verschijnselen en formules. In de les zal altijd ook een link zijn naar sociale aspecten als communiceren, overleggen, meningsverschillen uitwerken en samenwerken. Vaardigheden waaraan kinderen ook op het po al moeten werken.

Zelf aan de slag met proefjes en projecten

Een begin maken met de bètavakken. Wat vraagt dat van jou als leraar? Allereerst voldoende kennis en vaardigheden maar ook een positieve houding. Als leraar ben je rolmodel. Maak het uitdagend, spannend en boeiend en je geeft het negatieve imago van exacte vakken direct een positieve boost. Hoe dan? Er zijn tal van proefjes waarmee je de klas alvast kan laten kennismaken met de exacte vakken. Slimme Handen heeft proefjes en maak-lessen voor kinderen van groep 1 tot en met groep 8.  Kies voor de Hebocon – een wedstrijd voor onzinrobots of het mirakel van de kogelketting, een proef over beweging en snelheid. Liever creatief? Maak je eigen led-armband, de lampjes gaan pas branden als de armband sluit. Je kunt zelf kiezen aan welk thema je aandacht wil besteden. Beweging, balans, luchtdruk, magnetisme, temperatuur of veerkracht. Keus genoeg voor een heel schooljaar gevuld met bètalessen.

Hoe besteed jij aandacht aan exacte vakken? Laat een reactie achter via onderstaand reactieformulier. 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here