Een initiatief van Malmberg

VTV-reeks (2): waarom grammatica?

Twee gebeurtenissen in het recente verleden hebben mij er toe gebracht om me te gaan verdiepen in vreemdetaalverwerving (VTV). De eerste was enkele jaren geleden toen ik interim-directeur was van een school voor voortgezet onderwijs en een Franse lerares mij meedeelde dat: “de kinderen van het vmbo veel te dom waren om Frans te leren, omdat ze niets van grammatica begrepen.” Op mijn vraag of ze het wel zouden leren als ze een jaar naar Parijs mochten gaan, antwoordde ze echter: “ja natuurlijk, dan leren ze het wel.”

Ze bedoelde hiermee te zeggen dat haar leerlingen voldoende taalvermogen hadden, maar dat de benadering van het vak, lees: de didactiek, niet geschikt was.

De tweede gebeurtenis was enkele jaren later en wel in 2007. Ik volgde toen een lezing van Hans Hulshof, hoogleraar taalkunde aan de Universiteit Leiden. Prof. Hulshof liet ons onder meer het volgende diagram zien (klik hier).
Uit dit diagram blijkt dat Prof. Hulshof van mening is dat grammaticale instructie pas belangrijk wordt na het bereiken van het niveau B1 van ERK en dat tot die fase een hoge fouten-tolerantie dient te worden gehanteerd.

1   Waarom zou prof. Hulshof van mening zijn dat grammatica in de eerste twee jaar van het vreemdetaalverwervingsproces beter naar de achtergrond kan worden geschoven in onze taaldidactiek? Graag uw reactie.

2   Als u het met deze opvatting eens bent, hoe beoordelen we dan het werk van onze leerlingen? Graag uw reactie.

Grammatica versus vaardigheidsontwikkeling
In de afgelopen twintig tot veertig jaar heeft in de taaldidactiek een opmerkelijke accentverschuiving plaatsgevonden, met meer nadruk op taalvaardig worden en minder op taalanalyse en taalbeschouwing met behulp van grammaticaonderwijs. Historisch gezien heeft grammatica nooit als doel gehad leerlingen met taalproblemen te helpen. Grammatici als Den Hartog en Lohr beschouwden aan het einde van de 19e eeuw het grammaticaonderwijs als een middel om kinderen bewust te maken van reeds aanwezige intuïtieve kennis van de taal. Toch wordt grammatica nog massaal gebruikt om kinderen een vreemde taal te leren.

3   Hoe rijmt deze rol met het gegeven dat de intuïtieve kennis van de vreemde taal veelal niet aanwezig is bij onze leerlingen? Graag uw reactie.

En last but not least:
4  
Waar gaat het in ons vreemdetalenonderwijs dan wel om? Graag uw reactie.

U kunt reageren op één, of meerdere vragen.

(De auteur heeft Engelse Taal en Letterkunde en Onderwijskunde gestudeerd)

 

41 Responses

  1. Ik ben benieuwd waar deze discussie op uit gaat draaien. Ik ben pas begonnen als leerkracht en voel me erg onzeker. Deze discussie heb ik op de opleiding nooit meegemaakt. Ik hoop er wijzer van te worden.

  2. Van Christine (adres bekend) kreeg ik per e-mail een opmerking dat mijn vragen wat te “professoraal” waren gesteld. Alsof jhe overhoord wordt. Letterlijk zegt ze: “Misschien kun je ze nog aanpassen of er iets aan toevoegen.
    Want het kan zijn dat meer mensen dat gevoel hebben en dat is zonde voor deze interessante discussie”. Einde citaat. Ik beloof mijn best te zullen doen en vraag iedereen niet te schromen mee te doen. ER WORDEN GEEN CIJFERS GEGEVEN!!

  3. Als je eerst grammatica krijgt, kan je na 2 jaar nog niet spreken. Als je eerst leert spreken dan komt de grammatica vanzelf. Zo ging het tenminste bij mij met Spaans. Ik dacht dat iedereen dat wel wist. Daar hoef je geen zware discussies over te houden, toch?

  4. Op mijn school zijn er diverse meningen over de rol van grammatica. Als je zoals prof Huishoff wil, fouten tegen grammatica niet mee wil tellen, krijg je je collega’s niet mee. Bij ons worden toetsen uniform beoordeeld, dus blijft de juiste toepassing van regels erg belangrijk. En de leerlingen werken voor cijfers. Er zijn dus weinig voorstanders voor een andere aanpak. Al zou ik dat wel willen. Ga daarom door met deze discussie. Misschien komen we dan een heel klein stapje verder.

  5. Grammatica is in het begin niet belangrijk: je moet een taal met plezier kunnen leren. Eerst het gevoel van succes kweken is zeer belangrijk. Constant gecorrigeerd worden is demotiverend.
    Het beoordelen van het werk: kijk niet alleen naar de fouten. Wanneer een zin grammaticaal niet correct is maar de woorden wel, moet je ook punten toekennen. Natuurlijk moet je fouten daarna bespreken.

  6. Tsui. Wat leuk om van jou een reactie te krijgen. Voor de lezers: Je bent leraar Chinees aan de Vertaalacademie van de Hogeschool Zuyd, maar je geeft ook Chinees in het Voortgezet Onderwijs. (ja lezers, u leest het goed, Chinees!). Mede dank zij de inspanningen van Tsui wordt er al op 32 scholen in de basisvorming Chinees gegeven. Beste Tsui, ik ken je didactische opvattingen. Deze zijn goed verwoord in het commentaar van een gebruiker van je methode: Chinees? ’n Makkie! Ik citeer de gebruiker:
    Ik gebruik dit boek nu nog maar een paar weken en ik heb al ontzettend veel geleerd. De opbouw van het boek in gewoon zo eenvoudig dat je je volledig kan storten op het leren van de taal. Er wordt goed aandacht besteed aan zowel de uitspraak als het schrijven van karakters, wat het een stuk makkelijker maakt. Echt een super methode! Zeker aan te raden voor voor diegene die graag wat basis Chinees willen leren, zonder er extreem veel voor te hoeven betalen! Einde citaat. Ik weet dat je (tenmiste deels) kan vinden in de opvattingen van Prof. Hulshof, die verwoord zijn in deze tekst. Bedankt voor je bijdrage.

  7. Ik volg deze discussie met veel plezier. Ik wil proberen in te gaan op de laatste vraag over het waarom van het onderwijs in de vreemde talen. Ik heb de serie artikelen over motivatie van Henk Witteman op deze site goed gelezen. Een van de zinnen die mij trof was: “Op zich is het streven naar goede prestaties en hoge cijfers natuurlijk niet slecht. Toch kan het gevaarlijk zijn voor de motivatie van leerlingen: leerlingen zullen hard werken als ze succes hebben, maar zich afwenden van de taak als ze bang zijn de taak niet aan te kunnen.” Tot zover het citaat. Het waarom voor de leerlingen is hiermee beantwoord. MIJN CONCLUSIE IS DAT ER EEN DIEPGAANDE DISCUSSIE MOET KOMEN OVER DE PLAATS VAN HET MODERNE TALEN ONDERWIJS EN OVER EEN UNIFORME AANPAK.

  8. Tsui – Ik ben het met Tsui eens. Weliswaar zijn kinderen ouder dan 12 jaar niet meer in de “taalgevoelige” periode, maar ze zijn nog steeds in staat talen te leren. Dat geldt ook voor ouderen op latere leeftijd. Waarom kinderen dan zo gemakkelijk hun moedertaal leren, weet ik niet. Talen werken duidelijk anders dan bijvoorbeeld rekenen. Rekenen gaat beter als je wat ouder bent. Rekenen kun je niet goed leren met een laag IQ. Taal wel. Maar dat is dan je moedertaal. Hoe een tweede taal gaat voor kinderen met een laag IQ weet ik niet. Misschien kan iemand ons dit vertellen. Of misschien komt dat nog in een volgend artikel. Of kan een kind met een IQ van bijvoorbeeld 80 als zij een jaartje naar Madrid gaat toch Spaans leren? Dat zijn vragen die mij bezig houden als oud-leerkracht van een basisschool.

  9. In het artikel op onderwijsvanmorgen.nl onder differentiatie/vloeiend frans? staat mogelijk het antwoord op de vraag hoe de rol van grammatica rijmt met het gegeven dat de intuïtieve kennis van de vreemde taal veelal niet aanwezig is bij leerlingen. In dit artikel las ik dat een Française op een school in Rotterdam als docente Frans uitsluitend Frans sprak met haar leerlingen. En deze kinderen bleken de taal bijna vanzelf op te pikken. Hetzelfde las ik in het artikel over tweetalig onderwijs aan het Portamosana College in Maastricht. Daar gebeurde precies hetzelfde als in Rotterdam. De brugklassers waren in staat na enkele maanden de lessen te volgen die uitsluitend in het Engels werden gegeven. Hiervan kunnen docenten vreemde talen het nodige leren. En grammatica dan? Heeft dat toch een rol? Zelf denk ik dat grammatica een rol gaat spelen als het fundament van de vreemde taal is gelegd.

  10. Fijne discussie! Ik vroeg me ineens af: wat is eigenlijk taalgevoel? Ik ben altijd heel slecht geweest in grammatica, d.w.z. in het begrijpen en toepasen van de regels (en in wiskunde, misschien verduidelijkt dat iets), maar leer vreemde talen heel makkelijk en pas zonder veel nadenken de grammatica goed toe. Misschien werkt taalintuïtie wel beter zonder regels, moet je juist zo lang mogelijk wachten met regels en zoveel mogelijk spreken, luisteren en lezen omdat het natuurlijke systeem het wel opvangt?

  11. Corinne, Margreet en Anja, maar ook de andere respondenten. Jullie tasten allemaal naar de “waarheid” achter taal. En iedereen zit mijns inziens in een goede richting. In de komende weken gaan we taal bekijken vanuit verschilende hoeken. Het leren van taal door kinderen (komende artikel). Een neurobiologische invalshoek (wat leert MRI ons? En nog veel meer. Als jullie blijven reageren, gaat de discussie door. DUS: BETREK JULLIE COLLEGA’S ERBIJ. GA MET ELKAAR AAN EN IN DE SLAG. Wist u bijvoorbeeld dat mensen met het syndroom van Huntingdon, met een IQ van 50 vlot kunnen spreken, maar te gehandicapt zijn om op enig niveau te kunnen rekenen! WAT IS HET GEHEIM VAN TAAL? DAAR ZIJN WE MET ELKAAR NAAR OP ZOEK!! Op deze site brengen we wetenschap en praktijk bij elkaar. Samen moeten we enkele belangrijke stappen vooruit kunnen zetten.

  12. Reactie op vraag 3
    Ik denk dat we de oorzaak van het gebrek aan intuïtieve kennis bij onze leerlingen moeten zoeken in de didactische aanpak. Leerlingen worden vandaag de dag maar met een beperkt aantal oefeningen geconfronteerd en krijgen derhalve nauwelijks de kans om zich vertrouwd te maken met grammatica. Om ervoor te zorgen dat een leerling zonder nadenken Franse zinnen kan produceren, zal deze leerling eerst de kans moeten krijgen om de verworven kennis op de automatische piloot te leren toepassen en te leren herkennen. Verder zal de docent er op moeten toezien dat het leerproces niet blijft steken op het niveau van reproductie. De transfer tussen de leerstof en de toepassing ervan in nieuwe situaties waarbij instinctief moet worden gereageerd, vindt pas plaats als de leerling reeds geoefend heeft met het creatief toepassen van verworven kennis. Het intuïtieve niveau wordt waarschijnlijk sneller bereikt indien de leerling veelvuldig oefent met het toepassen van kennis in een praktijkrelevante context. Wanneer grammatica wordt geplaatst in een realistische, communicatieve context wordt voor de taalleerder duidelijk dat hij bepaalde taaluitingen in bepaalde situaties paraat hoort te hebben. Kennis van een vreemde taal kan, mijns inziens, intuïtief worden d.m.v. een didactische aanpak gericht op automatiseren, het werken aan verschillende beheersingsniveaus en betekenisvol leren.

  13. Dear Colleagues,

    I am a teacher of the English language who is still struggling with the Dutch language, hence the reason for writing this response in English.

    The question of “why do we need grammar” is quite an interesting one and will probably always lead to debates amongst language teachers. My response is directed primarily towards that of teaching English. One could argue that grammar is not really that important, because being able to use the language in order to communicate is far more important.
    A cynic might question the need to learn all those grammar rules and yet still not be able to speak because the person concerned is too busy worrying whether the correct form of verbs and tenses are being used! Up until now, I have had the pleasure of teaching in the Dutch secondary school system from vmbo Basis to Gymnasium level. As you already know there is a considerable difference in the ability for students to grasp the many intricacies that a language has to offer. There is no grammar at vmbo Basis and this is because these students have other qualities.
    There is no need to overwhelm these students with grammar that they will almost certainly never use. However, it is in my view important to develop their listening and speaking skills. It is only when you progress up the intelligence ladder that you are able to examine the language in more detail and therefore have a better understanding in how to communicate more effectively. As I mentioned at the start of my response, my own level of Dutch grammar is not sufficiently high enough to write this reply in Dutch. Therefore not having a good understanding of Dutch grammar is still quite a handicap for me.

    This leads to my next point as to why grammar is important.

    I believe that understanding grammar will provide you with better communications skills, making you a better listener, speaker, reader, and writer. Knowledge of grammar will enable you to communicate effectively in any situation, allowing you to form more successful and meaningful relationships with your colleagues, friends, and family.
    Understanding grammar and being able to use it well helps you to think logically. Without logic and organization, your thinking will be disorganized and so will your listening, speaking, reading, and writing skills. The more you understand grammar, the more clearly and fluently you will be able to organize and communicate your own ideas as well as comprehend the ideas of others. How well you communicate your ideas and how well you understand the ideas of others, be they spoken or written, is governed by your understanding of grammar. Mastering this subject will make you a more logical thinker and allow you to understand and appreciate all speech and writing. It would be a shame to limit ones-self to being able to comprehend only simple speech or having only one or two simple ways of communicating your thoughts.

    Ladies and Gentlemen, I therefore conclude that grammar is important, although you need to find the correct balance based upon the needs of your students.

    Steve

  14. ‘- Steve en Sophie – Ik ben een gepensioneerde leraar Engels die nog les heeft gegeven aan de HBS. Ik heb mijn MO a en B gehaald op de School voor Taal- en Letterkunde in Den Haag. Ik heb nog les gekregen van één van de beste grammatica-docenten van die tijd. Niee, niet Prof. Zandvoort maar Eradus. Hij wist ons, zijn leerlingen (we noemden ons toen nog geen studenten), tot grote grammaticale hoogten op te zwepen. Zelfs onderweg naar het Gymnasium Haganum, waar de MO opleidingen Engels en Duits zich afspeelden, spraken we in de tram nog over grammaticale problemen. Ik heb vele jaren les gegeven en met plezier. Ik volg de ontwikkelingen in onderwijsland nog op de voet. Na al die jaren ben ik enigszins afgestapt van het dogma van de grammatica. Tot op zekere hoogte ben ik het zelfs eens met Prof. Hulshof als hij er voor pleit eerst zoveel mogelijk praktische kennis bij te brengen alvorens theoretische kennis bij te brengen. Wat dat betreft ben ik het eens met Sophie en Steve. Steve: It was wonderful to read your contribution to this discussion. It was well balanced and to the point.And it was in authentic English. Please accept this compliment from an “old examiner”.

  15. Moeten we er echt vanuit gaan dat het proces van het leren van een vreemde taal verschilt van het leren van de moedertaal? De moedertaal spreken, lezen en schrijven we perfect zonder maar één regel grammatica te beheersen, als we de taal maar goed aangeleerd hebben gekregen. Waarom zou dat voor VTV niet gelden? Maar wat we willen is dat VTV veel sneller gaat dan moedertaalverwerving. In een paar jaar, met een paar lessen per week naar B2. Ja, dan heb je grammatica nodig, en uren woordjes stampen. Als je via ‘immersion’ een vreemde taal zou leren zou het proces al veel efficiënter gaan. En leuker zijn. Grammatica vertraagt. Steek die uren in lezen, spreken en luisteren. En probeer geen drie talen tegelijk te leren. In klas 1: alleen Engels, 8 uur per week, 5 uur spreken en luisteren, 2 uur lezen en 1 uur een combinatie, bv. gamen. In klas 2 een 2e taal erbij, ook 8 uur per week. In klas 3 eventueel een derde taal, voor degenen die dat leuk vinden. Nooit minder dan 8 uur per week, altijd van docenten die de taal als natives beheersen. Het onnatuurlijke proces, van een taal leren uit een boek zou afgeschaft moeten worden.

  16. Selma. Ja, dat is een goede vraag die je daar stelt. En eigenlijk wel essentieel. Is er verschil tussen het leren van de moedertaal en van elke andere taal? That’s the question. Het is een vraag die in de volgende artikelen beantwoord gaat worden. Maar je hebt gelijk als je vermoedt dat veel processen toch hetzelfde moeten zijn. We gaan in de komende afleveringen taalverwerving o.a. bekijken vanuit neurologisch perspectief. We gaan ook naar de theoriën van Noam Chomsky en Steven Pinker kijken. Afhankelijk van de reacties van lezers kunnen wse desnoods nog wat verder gaan. IN IEDER GEVAL DOE JE EEN UITSTEKENDE DIDACTISCHE SUGGESTIES als je spreek over immersie, een ander lesrooster en een andere verdeling van aandacht over de verschillende aspecten van taal. We komen hier zeker nog op terug! Misschien vind je het interessant te kijken naar een ander artikel van mij op deze site: https://staging-onderwijsvanmorgensowmedia.kinsta.cloud/meer-over-het-brein-vloeiend-frans.

  17. AAN DE DEELNEMERS VAN DEZE DISCUSSIE
    In verband met de meivakanties wordt het derde artikel pas omstreeks 5 mei geplaatst. Na het derde artikel komt een evaluatief tussenartikel met voorlopige conclusies. BLIJF SCHRIJVEN. HOE MEER INPUT DES TE BETER DE OUTPUT.

  18. ‘-Selma. Het verschil tussen moedertaal en vreemde taal? Als je moeder bijvoorbeeld Frans spreekt en je vader consequent Nederlands dan leert een kind twee talen tegelijk, las ik pas ergens in een tijdschrift. Later schijnt dat veel moeilijker te zijn. Waarom dat zo is, weet ik niet. Heeft misschien met ontwikkeling van de hersenen te maken. Heeft er iemend een idee? Zijn er lezers die dit van dichtbij meemaken? Hoe gaat dat bijvoorbeeld bij Arabische kinderen? Leren zij nog accentloos Nederlands? Of blijven we een accent houden? Dat filmpje van die kat en die goudvis in het eerste artikel vond ik wel tof.

  19. Ik ben moeder van twee kinderen (jongen van 6 en meisje van 8) die tweetalig worden opgevoed. Mijn man is Brit en spreekt alleen Engels met hen. Ik spreek alleen Nederlands. Onze kinderen spreken inderdaad twee talen. Zodra ze met mijn man praten, schakelen ze over op het Engels. Het Nederlands is echter verder ontwikkeld dan het Engels en ze hebben een licht Nederlands accent. Je zou kunnen concluderen dat het te maken heeft met het feit dat we in Nederland wonen, maar daar ben ik niet van overtuigd. Ik denk zelf dat, als wij in Engeland zouden wonen en de kinderen buiten huis alleen Engels zouden horen en spreken, hun Nederlands van hetzelfde niveau zou zijn als nu. Waarom? Ik praat graag en veel met de kinderen en ben ook veel met ze bezig. Mijn man is rustiger en doet veel met ze, maar praat minder. Volgens mij zit daar het verschil. We hebben een voorbeeld in onze omgeving. Vrienden van ons hebben ook tweetalige kinderen. De moeder is Italiaanse, de vader is Nederlander en ze wonen in Nederland. Het Italiaans van de kinderen is net zo goed als het Nederlands. Ik ben meer van dit soort voorbeelden tegengekomen op reis in de boot naar Engeland. Kinderen waarvan de moeder Nederlands was en de vader Engels en die in Engeland woonden. De kinderen spraken accentloos en perfect Nederlands!. Heet het daarom ‘moedertaal’? Is de taal die je moeder spreekt doorslaggevend? Komt het door het intensievere contact (veelal) die de moeder heeft in de eerste levensjaren, of omdat vrouwen nu eenmaal communicatiever zijn ingesteld? Wellicht heeft een deskundige hier een antwoord op.

  20. Ik wil graag nog even iets aan de discussie toevoegen. Ik geloof helemaal niet in grammatica. Tenminste niet totdat je een bepaald niveau hebt bereikt. Zelf geef ik spelenderwijs Engels aan jonge kinderen (vanaf 4 jaar) en Engels en Nederlands aan volwassenen volgens de methode van natuurlijke taalverwerving. het is ongelooflijk hoe snel je een taal leert, als je niet gehinderd wordt door regeltjes. Dat geldt voor de kinderen net zo goed als voor de volwassenen. Ik ben mezelf nu Italiiaans aan het leren. Met, lach niet: muziek van Laura Pausini en Muzzy. Ik weet niet waarom ik iets op een bepaalde manier moet zeggen, maar wel dat je het zo zegt. Het is veel leuker om te doen en gaat hartstikke snel!

  21. Aan collega’s klassieke talen – Overigens ben ik van mening dat docenten klassieke talen ook mee behoren te doen aan deze discussie. Ceterum censeo….

  22. Ik kan me voorstellen dat het verschil tussen moedertaalverwerving en VTV te maken heeft met het feit dat je nog geen geactiveerd systeem hebt als je voor het eerst een taal leert. Heb je zo’n systeem eenmaal geactiveerd, dan blijf je refereren aan die eerste taal, of als je tweetalig bent opgegroeid aan je eerste talen, en vertraagt dat het proces. Bij het leren van een moedertaal is de noodzaak ook heel hoog om de taal te begrijpen dus een groot deel van de aandacht en hersencapaciteit gaat naar de taal. Reden te meer om andere settings op te zoeken dan een schoolse (boeken, voorgekauwde stof) om een taal te verwerven. Muziek inderdaad, de suggestie van Christine kan ik delen, ik ken alle Franse liedjes nog die ik op school leerde (Gerard Lénorman! een favoriet van onze uitgetreden non-juf) en zou ze zelfs foutloos kunnen opschrijven terwijl veel Frans is weggezakt.

  23. Aan alle respondenten. Jullie bijdragen zijn fantastisch, maar één vraag is nog helemaal niet beantwoord. Hoe beoordelen wij dit alles? HOE GEVEN WIJ CIJFERS? Daar gaat het om bij veel leerlingen (en docenten). Ons onderwijs is TEST-DRIVEN. En niets is zo gemakkelijk als met het RODE POTLOOD de grammaticale fouten aan te strepen. Dan voel je je pas ECHT LERAAR zegt prof. Hulshof. IMMERSIE, zegt Selma, ONDERDOMPELING, daar gaat het om! We weten dat ze gelijk heeft. Onlangs sprak een lerares Duits mij aan. Ik had bij haar enkele lessen gevolgd. Er werd nauwelijks een woord Duts gesproken. Ja, zei ze, ik weet dat ik meer Duits moet spreken, maar ik kom er gewoon niet aan toe. Ik word doodmoe als ik de hele dag Duits spreek. Toch kan het wel. Onlangs was ik op het Porta Mosana College in Maastricht waar tweetalig onderwijs wordt gegeven. Jullie vinden mijn verslag onder https://staging-onderwijsvanmorgensowmedia.kinsta.cloud/kijk-mee-tweetalig-onderwijs-op-het-porta-mosana-college
    BLIJF SCHRIJVEN ONDANKS DE VOORJAARVAKANTIE!

  24. Cristine, het stukje van Cristine die schreef over haar twee kinderen sprak mij aan. In de literatuur kom ik de termen “motherese” en “mamamaise” tegen voor het typische taalgebruik van moeders (en vaders) als ze communiceren met hun kinderen. Moeders lijken intuitief de juiste toon te gebruiken. Ze spreken steeds ïn de zone van naaste ontwikkeling (vygotsky) zoals ik in mijn studie aan een Belgische Hogeschool heb geleerd. Dit betekent dat ze altijd ietsje moeilijker spreken dan waarop het niveau van het kind zich bevindt. Ze trekken het kind dus mee omhoog. Ze geven geen grammaticaregels, maar zullen correctief reageren op fouten door een verkeerde zin van het kind correct te herhalen. Ze zullen ook steeds een aangename verrassing tonen als het kindje zich juist heeft uitgedrukt. Hiermee wordt het beeld dat het kind van zichzelf heeft omhoog gekrikt. Dat heeft een heel ander effect dan het rode potlood waar Henk Witteman over schrijft. Veel plezanter.

  25. Student Jane, Christine, Sophie, Selma en andere respondenten. Jullie wijzen expliciet of impliciet op hetzelfde fenomeen: het belang van impliciete kennis bij de productie van taal. Impliciete kennis ontstaat door de abstractie van episodische ervaringen. Dit klinkt ingewikkeld. Ik bedoel hiermee dat ons brein in staat is kennis op een hoger niveau te destilleren vanuit ervaringskennis. Deze kennis komt ongemerkt ter beschikking van de lerende. Hierop wordt in de komende artikelen nader ingegaan.
    Grammatica is een vorm van abstracte, impliciete kennis als het door het brein wordt gedestilleerd uit taalcontacten. Hier komt een belangrijk motivationeel aspect bij. Wij leren het liefst in een omgeving die als “echt” wordt ervaren. Zie hiervoor mijn artikel uit de motivatiereeks: https://staging-onderwijsvanmorgensowmedia.kinsta.cloud/de-toekomst-van-het-onderwijs-terug-naar-het-verleden
    Wij zullen niet terug kunnen gaan naar samenlevingen zoals mijn vrouw en ik die hebben ervaren in de jungle van het Amazonegebied. Maar wij zullen mogelijk wel leeromgevingen kunnen creëren die door onze leerlingen als echt en motiverend worden ervaren.
    KENT U DAAR AL VOORBEELDEN VAN?

  26. Cijfers geven, tja. Ik heb veel met MBO-leerlingen gewerkt en daar waren we meer met voortgang bezig dan met cijfers. Is een leerling vooruitgegaan, dan krijgt hij daar een bewijs van en bespreek je wat zijn volgende stap is. Dat kan alleen wanneer ieder zijn eigen traject volgt, niet wanneer een hele groep hetzelfde moet kunnen op hetzelfde moment. Het Montessori-onderwijs werkt ook zo denk ik. Voor taalleerders ook wel een goed idee, de één schiet erdoorheen, de ander heeft veel tijd nodig. Maar als je dat wilt in het VO moet je hele organisatie op de schop, daar zijn weinig scholen toe bereid waarschijnlijk.

  27. Selma, iedere leerling die haar best doet, gaat vooruit. Sommige leerlingen gaan sneller dan andere. Cijfers? Meet hoeveel ze vooruitgaan. Vergelijk de leerlingen niet met elkaar. Dit leidt tot motivatie voor iedereen. Eigenlijk is de oplossing heel eenvoudig. Of niet soms?

  28. Dayenne, Selma en andere respondenten. Denk eens na over de sugestie van Dayenne. De voortgang per individu vaststellen lijkt veel eerlijker dan het vergelijkende systeem dat op veel scholen (nog) wordt toegepast. Wat voor gevolgen zou een dergelijke wijze van toetsen kunnen hebben op het leerproces. REAGEER op de interessante suggestie van Dayenne.

  29. Sinds kort ben ik geabonneerd op deze nieuwsbrief van Malmberg. Deze discussie over vreemde taalverwerving boeit mij in hoge mate als docent Nederlands als tweede taal en sind kort ook inburgering examinator.
    Of grammatica in de eerste twee jaar van het vreemdetaalverwervingsproces beter naar de achtergrond kan worden geschoven in onze taaldidactiek, hangt volgens mij af van de persoon die de taal leert. Leerstijl in combinatie met voorkennis. Zelf heb ik vorige week een studiereis naar Turkije gemaakt met Turkije Speciaal en Delken & Boot. ‘Andersom inburgeren in Turkije’ kennis maken met de Turkse bevolking en de Turkse taal. De les Turkse grammatica gaf mij meer grip op de taal, dit vond ik prettig. Voor iemand die nooit eerder iets over grammatica leerde in de moedertaal lijkt het me eerder een balast om iets over de grammatica van een vreemde taal te moeten leren als beginner.

  30. Francine Hendriks. Heel interessant! U komt vermoed ik veel met Turkse mannen en vrouwen in aanraking als docent Nederlands als tweede taal en als inburgerings-examinator. Ik vermoed dat u al enige voorkennis had van het Turks toen u in Turkije een soort Turkse integratiecursus ging volgen. Bij voldoende voorkennis en ook een goede voorkennis van grammatica in het algemeen, zal kennis van grammatica niet als een belemmering werken. Waar het snijvlak ligt ziet u bijvoorbeeld in het door mij vermelde diagram dat Prof. Hans Hulshoff toonde tijdens een cursusdag voor Docenten Chinees. Zie:https://staging-onderwijsvanmorgensowmedia.kinsta.cloud/vtv-reeks-2-waarom-grammatica.

  31. dr. Henk Witteman bedankt voor uw reactie. Voorkennis van grammatica in het algemeen heb ik natuurlijk vanzelfsprekend meegekregen bij de verwerving van mijn moedertaal Nederlands. Als kind (geboren in 1952) vond ik het een leuk vak. Hoewel ik de regels nog weleens verkeerd toepaste in de zesde klas van de basisschool. Dit stond in ieder geval op mijn raport van klas 6 vermeld zag ik nu ik naar aanleiding van uw artikelen mijn rapporten van de basisschool weer bekijk en met plezier lees.
    Voorkennis van de Turkse taal had ik helemaal niet en de Turkse mensen vielen als groep niet speciaal op tussen de andere cursisten toen ik nog bij een ROC werkte. Het snijpunt in het schema vind ik zeer interessant. Het bevestigt mijn gevoel dat ik bij beginnende NT2 leerders en stagnerende leerders onder C.E.F A2 me niet te veel met grammatica bezig moest houden. Dit heb ik daarom ook lang niet gedaan. De laatste jaren is er door velen en ook door deelnemers steeds meer kritiek uitgeoefend op de NT2 taallessen. Het feit dat er weinig aan grammatica werd gedaan werd weer vaker genoemd. Eerder werd er vooral om meer spreekvaardigheid gevraagd. Iedere tijd heeft blijkbaar zijn eigen eisen……..wat het onderwijs van morgen zal brengen kunnen we misschien mede een basis geven vanuit het onderwijs van gisteren. Daarbij denk ik vooral aan het prachtige Multimedia programma voor NT2 onderwijs: Nieuwe Buren in de negentiger jaren van de vorige eeuw uitgegeven door uitgeverij Malmberg. Bij u bekend?

  32. Gelukkig niet mijnheer Witteman. Kwaliteit houdt zijn waarde. Ik heb nog minstens een meterboekenplank in huis met docentenhandleidingen, werkboeken en materialen van de eerste Nieuwe Buren versie waarmee ik ooit begonnen ben in huis. ‘Learning by doing’ nooit mijn favoriete leerstijl geweest, nu ik terugkijk op mijn eerste Nieuwe Burengroep denk dat daar de basis ligt van mijn huidige vak: integratiecoach. De coachende docent rol is op mijn lijf geschreven realiseer ik me. Mag ik u erop wijzen dat u mijn vraag nog niet beantwoord hebt? Is de multimediale NT2 methode Nieuwe Buren bij u bekend?

  33. Francien, zoals ik heb beloofd heb ik je vraag doorgespeeld aan Joop van der Put, jou welbekend. Hij antwoord het volgende:
    Wil ik best doen maar dan moet ik wel de vraag weten. Als de vraag is of de multimediale methode Nieuwe Buren bekend is dan is het antwoord natuurlijk ‘ja’. Nieuwe Buren is nog steeds in de markt en wordt nog steeds gebruikt. Francine is iemand van de eerste lichting gebruikers. De veranderende rol van docent naar coach was en is bij Nieuwe Buren erg belangrijk. Francine heeft daar een behoorlijke rol in gespeeld.

    Voor meer vragen houd ik me aanbevolen

  34. Heel attent van U mijnheer Witteman. De naam Joop van der Put is bij mij zeker bekend door Nieuwe Buren natuurlijk. Ik heb hem een keer gezien, maar niet gesproken, tijdens de manifestatie Deltaplan Inburgering de eerste stap. Dit evenement vond plaats in Rotterdam. Ella Vogelaar zette toen de eerste stap letterlijk in de klei samen met een aantal hoge pieten waarvan ik naam en functie niet meer weet. Maar wat dit alles nog met grammatica te maken heeft………..;-(.
    Over verdere vragen aan Joop van der Put ga ik zeker nadenken na Pinksteren.

  35. Een volgende vraag van mij voor Joop van der Put is de volgende:
    Wat is er te vertellen over Blended Learning en Nieuwe Buren. De eerste keer dat ik tekst en uitleg kreeg over dit fenomeen werd het gebracht als iets totaal nieuws. Mijn eerste toen onuitgesproken reactie was: ‘Dat bestaat toch al heel lang met Malmberg’s Nieuwe Buren!’

    Een volgende vraag: Kunnen wij d.m.v. Nieuwe Buren en Blended Learning het spontaan aanleren van de juiste grammaticale constructies bevorderen?

  36. Dayenne, bedoel je dat we het beheersingsniveau van taallerende kinderen zouden moeten uitdrukken in termen van het Europees Referentiekader (Raad van Europa, 2001) i.p.v. in cijfers? In het Europees Referentiekader (ERK) worden voor luisteren, lezen, spreken en schrijven drie brede niveaus van taalvaardigheid onderscheiden: A, B en C. Elk niveau is onderverdeeld in een lage kant en een hoge kant. Opdat in verschillende landen en verschillende onderwijssectoren dezelfde onderverdelingen worden gehanteerd, zijn gemeenschappelijke referentiepunten in globale, cumulatieve schalen beschreven. Het gebruik van het ERK veronderstelt wel competentiegericht mvt-onderwijs. Er bestaan geen een-op-eenrelaties tussen taalhandelingen en grammaticale taalmiddelen.

  37. n.a.v. Steve’s ”It is only when you progress up the intelligence ladder that you are able to examine the language in more detail and therefore have a better understanding in how to communicate more effectively” het volgende. Ik ben het helemaal met Steve eens, en ik denk dat daar ook de valkuil voor (onzekere) leerlingen (op Vwo-niveau) naar voren komt: het weten dat je een taal moet leren die (qua grammatica) zo omvangrijk is dat je het idee hebt dat je dat nooit zal kunnen beheersen, was voor mij genoeg om er direct vanaf te zien. Helemaal als in het beginstadium (het toepassen van) de grammatica een grote rol speelt, en er geen plek is voor fouten. , dan zal de onzekerheid bij het leren spreken alleen maar toenemen, gezien je hier zowel de juiste woorden en vervoegingen moet gebruiken alsook de uitspraak! Een extra hindernis, en het ging al niet zo goed met je cijfers! (waar iedereen zo halsstarrig aan vasthoudt).
    Het luisteren naar een (liefst native) sprekende docent doet wonderen en stimuleert om het zelf ook te proberen. Dan is er houvast; een belangrijk aspect voor o.a. degenen die wanhopig proberen hun cijfers op te krikken…
    @ Sophie: het geven van ERK waarderingen voor taal ipv cijfers lijkt me een stap in de goede richting, hoewel ik de stappen erg groot vind. Er moet vooruitgang te zien zijn (het liefst snel) dat motiveert om door te gaan. Zonder motivatie (1 jaar voordat je een niveau omhoog gaat) stagneert ook de wil om er moeite voor te willen doen. Leerlingen van nu willen verandering zien, het liefst zo snel mogelijk. Wellicht een interactief systeem met een peilmeter die bij elke (taal)opdracht een stapje hoger gaat? Of is het aanpassen van de methode speciefiek gericht op de ERK voldoende?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerd

Advertentie

Volg OvM

0 K
volgers
0 K
volgers
0 K
likes
0 K
volgers

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor de nieuwsbrief van Onderwijs van Morgen. Dan houden we je maandelijks op de hoogte van onderwijs ontwikkelingen, trends en tips.