Home » Volg je leerlingen en laat ze groeien

Volg je leerlingen en laat ze groeien

Veel scholen volgen hun leerlingen met een leerlingvolgsysteem (LVS). Maar met welk doel? Vaak wordt een LVS gebruikt als determinatietool of als verantwoordingsinstrument naar de inspectie of de schoolleiding. Dat is jammer, vindt Peter Hoogendijk van Bureau ICE. ‘Als school kun je een LVS ook als groei-instrument inzetten.’ ‘Precies’, bevestigt zijn collega Sergej Visser. ‘Wanneer je de ontwikkeling van je leerlingen goed volgt, kun je ze veel beter begeleiden!’

Dit artikel verscheen eerder op Onderwijs van Morgen.

Peter Hoogendijk is oud-docent wiskunde en productmanager bij JIJ!, het label voor het voortgezet onderwijs van Bureau ICE. Sergej Visser is oud-docent Engels en trainer en adviseur bij Bureau ICE.

In plaats van één keer per jaar de leeropbrengst te meten, kan een LVS-toets het startpunt zijn om leerlingen te helpen groeien en ontwikkelen, aldus Peter, productmanager van het JIJ! Leerlingvolgsysteem. ‘Volgen is heel belangrijk’, vult Sergej aan. ‘Als docent wil je je leerlingen zo veel en zo goed mogelijk helpen. Dat kan niet als je hen niet volgt. Volgen is onderdeel van het leerproces. Als je weet waar een leerling goed in is of nog moeite mee heeft, kun je de leerling gericht begeleiden. Leerlingen kunnen dat zelf nog niet overzien. Daar hebben ze de docent voor nodig.’

Formatief toetsen: waar staat de leerling?

Peter Hoogendijk: ‘Met valide, genormeerde, methode-onafhankelijke toetsen kun je heel scherp kijken naar leerlingen. Je kunt die toetsen summatief gebruiken, om bijvoorbeeld vast te stellen of een leerling luistervaardigheid op 2F-niveau beheerst. Maar je kunt ze ook formatief inzetten om inzicht te krijgen in waar een leerling staat en waarin deze zich nog verder kan ontwikkelen. Op een later moment kan de docent weer een toets afnemen om te kijken wat het onderwijs en de inzet van de leerling hebben opgeleverd en welke vervolgstappen nodig zijn.’ ‘Je hoeft niet bij iedereen dezelfde toets af te nemen’, gaat Peter verder. ‘Als een leerling rekenen op 2F-niveau beheerst, hoef je deze leerling niet samen met de klas nóg een keer op 2F te toetsen. Dan kun je deze leerling toetsen op 3F en weet je na afname aan welke leerdoelen deze leerling nog kan werken om zelfs 3F te behalen. Verder kun je ook volgen of leerlingen bepaalde leerdoelen al beheersen. Gebruik in dat geval toetsvragen die gekoppeld zijn aan een specifiek leerdoel. Deze toetsvragen zet je formatief in om te kijken welke leerdoelen leerlingen makkelijk halen en welke niet.’

Volg executieve functies en sociaal emotionele ontwikkeling

Je kunt ook de sociaal emotionele ontwikkeling van leerlingen volgen en de mate waarin ze beschikken over executieve functies. Sergej Visser: ‘De relatie met je leerlingen is heel belangrijk. Een “self assessment” dat kijkt naar executieve functies en meet hoe het met een leerling gaat is een mooie aanleiding om het gesprek aan te gaan. De meeste leerlingen zijn niet “standaard”. Een gedemotiveerde hoogbegaafde leerling kan bijvoorbeeld vastlopen als de lesstof complexer wordt. Als je er met een zelftest achter komt dat deze leerling nooit heeft geleerd om te leren, weet je waar je samen aan kunt werken!’

Breder kijken

Ook na een lockdown heeft het meerwaarde om leerlingen breed te toetsen. ‘Je kunt je afvragen of leerlingen cognitieve achterstanden hebben opgelopen, maar het is minstens zo belangrijk om te weten hoe het gesteld is met de sociale ontwikkeling en de ontwikkeling van executieve functies van leerlingen’, vindt Peter. ‘De combinatie van deze aspecten zorgt voor de ruimte en de mogelijkheid om te groeien. Ik ben dan ook blij dat daar in het Nationaal Programma Onderwijs aandacht voor is.’ Van scholen die in aanmerking willen komen voor extra middelen wordt verwacht dat zij voor de zomervakantie in kaart hebben gebracht waar leerlingen staan, zowel op cognitief als op sociaal emotioneel en executief vlak.

Tips

Peter Hoogendijk is er een voorstander van dat docenten zelf de regie hebben over de manier waarop zij leerlingen volgen. Enkele tips van hem:

  • Als docent zie je het beste wat je leerlingen nodig hebben. Dan is het handig als je zelf kan bepalen welke vaardigheid, op welk niveau, voor welke leerling en op welk moment je toetst.
  • Zet de toetsvragen informeel in, bijvoorbeeld om aan het eind van de les met één toetsvraag te toetsen of de les toereikend was om een specifiek lesdoel te bereiken.
  • En laat leerlingen reflecteren op behaalde resultaten, bijvoorbeeld met een reflectiewijzer. Zo geef je ze eigenaarschap.

 

Sergej Visser heeft nog ook een paar eenvoudige tips voor docenten, maar waarmee je ontzettend veel bereikt.

  • Toon interesse in je leerlingen.
  • Werk met heldere leerdoelen.
  • En laat leerlingen voorbeelden zien van goed werk.

Verder lezen op Onderwijs van Morgen?

 

Hoe gebruik jij een leerlingvolgsysteem en hoe ga je om met toetsmomenten? Deel je ervaring via onderstaand formulier.

Laatste onderwijsnieuws

Onbeperkt toegang
met je OvM account

Met het OvM account krijg je als onderwijsprofessional toegang tot meer artikelen en regel je welke informatie je wilt ontvangen. Bijvoorbeeld de nieuwsbrief of Juf & Meester.