Wat kun je doen als je – binnen of buiten school – discriminatie ervaart? Voor volwassenen was er sinds 2024 al een landelijk meldpunt discriminatie en sinds vorige week is dat uitgebreid met een meldpunt speciaal voor kinderen en jongeren.
Het meldpunt is opgezet naar aanleiding van onderzoek van de Kinderombudsman Amsterdam, waaruit bleek dat kinderen hun ervaringen met racisme of discriminatie op een gemakkelijke manier willen kunnen delen. Dat kan vanaf nu via Discriminatie.nl Jeugd. Kinderen en jongeren kunnen telefonisch of via de website een melding doen. Medewerkers luisteren naar de melding en bespreken met het kind welke vervolgstappen mogelijk zijn, bijvoorbeeld een gesprek op school of ondersteuning bij het doen van aangifte.
‘Het is nodig omdat we uit onderzoek weten dat er heel veel discriminatie plaatsvindt onder kinderen en dat heeft een enorme impact op kinderen. Ze hebben last van stress, angsten en het kan zelfs tot een depressie lijden,’ vertelt Jessica Berkelaar-Deykerhoff van meldpunt discriminatie aan NOS jeugdjournaal.
Kinderrechten als uitgangspunt
De oprichting van het meldpunt sluit aan bij het VN-Kinderrechtenverdrag. Artikel 2 bepaalt dat kinderen beschermd moeten worden tegen discriminatie. En artikel 12 stelt dat kinderen het recht hebben om gehoord te worden in zaken die hen aangaan. Het meldpunt is daarom een belangrijke stap in de bescherming van kinderrechten.
Ook het Nederlands Jeugdinstituut (NJi) reageert positief: ‘Met dit meldpunt laat de overheid zien dat zij de ervaringen en verhalen van kinderen die met discriminatie te maken krijgen serieus neemt,’ schrijft Maryama Ismail van het NJi. ‘Het biedt een luisterend oor en passende ondersteuning. Tegelijkertijd moeten we ons ervan bewust zijn dat er soms een grote kloof bestaat tussen het meemaken van pijnlijke, discriminerende ervaringen en daar openlijk over praten. Voor veel kinderen kan het spannend zijn om daadwerkelijk contact op te nemen met zo’n meldpunt, omdat zij het moeilijk vinden om hun verhaal te delen. Juist daarom is het essentieel om als volwassenen met elkaar in gesprek te gaan over wat kinderen nodig hebben om die stap wél te kunnen zetten.’
Wat betekent dit voor scholen?
Op grond van de Wet Veiligheid op school zijn scholen verplicht beleid te voeren gericht op sociale veiligheid. Dat omvat het monitoren van de veiligheidsbeleving en het aanwijzen van aanspreekpunten. Volgens de Inspectie van het Onderwijs hoort daar ook het optreden tegen pesten, uitschelden en discriminatie bij. Deze verplichtingen maken onderdeel uit van het schoolbeleid.
Het nieuwe meldpunt verandert deze wettelijke verantwoordelijkheid niet. Het biedt leerlingen naast de interne schoolroutes een externe mogelijkheid om discriminatie te melden. Zoals Maryama Ismail van het NJi benadrukte, is het belangrijk om over het onderwerp met kinderen in gesprek te gaan en te blijven. Het herkennen van signalen van discriminatie en het gesprek over verschillen en inclusie worden gezien als onderdeel van sociale veiligheid. Dat gaat niet alleen om meldroutes, maar ook om duidelijke afspraken, voorbeeldgedrag en structurele aandacht voor inclusie binnen de schoolcultuur.
Hoe bespreek je discriminatie in de klas?
Volgens Voorlichting op Scholen, een organisatie die interactieve voorlichtingen verzorgt over maatschappelijke thema’s, is het belangrijk dat leerlingen leren praten over verschillen, respect en inclusie. Die gesprekken kunnen bijdragen aan bewustwording en begrip binnen de school. En leren praten betekent: oefenen!
Concrete situaties
Voor een klassengesprek kun je gebruik maken van concrete situaties, zoals een nieuwsbericht of een herkenbare schoolsituatie. Hiermee geef je het gesprek een vooraf gekozen richting. Stel tijdens het gesprek vragen die leerlingen uitnodigen om over het onderwerp na te denken en zich in een ander te verplaatsen. Zoals:
- Wat gebeurt hier precies?
- Is dit een grap, plagerij of iets anders? Waaraan merk je dat?
- Wanneer wordt een grap discriminatie?
- Zou iedereen dit hetzelfde ervaren? Waarom wel of niet?
- Hoe zou jij je voelen als dit over jou werd gezegd?
Aandachtspunten tijdens het gesprek
- Spreek gespreksregels af. Denk hierbij aan: we luisteren zonder te onderbreken, we lachen elkaar niet uit en we bagatelliseren ervaringen niet.
- Maak onderscheid tussen mening en feit: Leerlingen mogen een mening hebben, maar: discriminatie is wettelijk gedefinieerd, niet elke mening is acceptabel gedrag en vrijheid van meningsuiting kent grenzen.
- Wees je bewust van je eigen rol: Blijf neutraal en onderzoekend, geef het goede voorbeeld in taalgebruik en erken dat ook jij kunt blijven leren.
- Bespreek waar leerlingen discriminatie kunnen melden, binnen en buiten school.
Waar kunnen kinderen nog meer terecht?
Naast het landelijk meldpunt discriminatie voor kinderen zijn er andere plekken waar kinderen hulp kunnen zoeken.
De Kindertelefoon
De Kindertelefoon bestaat al sinds 1979 en is bedoeld voor kinderen en jongeren van 8 tot 18 jaar. Zij kunnen anoniem bellen of chatten over onderwerpen die hen bezighouden, waaronder pesten, discriminatie, ruzie, thuissituaties of gevoelens van onveiligheid.
De Kindertelefoon geeft geen juridisch advies, maar biedt een luisterend oor en denkt mee over mogelijke vervolgstappen. Contact is gratis via 0800-0432 of via chat op werkdagen en in de avond.
De Kinderombudsman
De Kinderombudsman ziet toe op de naleving van kinderrechten in Nederland. De organisatie behandelt klachten van kinderen, jongeren en ouders over overheidsinstanties en organisaties die overheidstaken uitvoeren, zoals gemeenten, jeugdzorg of onderwijsinstellingen.
Kinderen kunnen hier terecht wanneer zij vinden dat hun rechten niet worden gerespecteerd, bijvoorbeeld als een instantie hen niet serieus neemt of besluiten neemt die hun belangen raken. De Kinderombudsman kan:
- een klacht onderzoeken;
- in gesprek gaan met betrokken organisaties;
- aanbevelingen doen aan een organisatie;
- structurele problemen signaleren en hierover rapporteren aan overheid en politiek.

