STEM MEE Bekijk resultaat 
Digiborden bevorderen het docent-gestuurd leren.
Is daar iets mee?
Waar helaas!
Niet waar!
Leerlingen sturen mee

Theo Wismans
Gelukskunde op het Charlemagne College
Landgraaf
Hendrik Jan Groenenberg
Willem van Oranje College
Waalwijk
Tom Oud
Scholengemeenschap Winkler Prins
Veendam

LAATSTE 3 REACTIES

Dr. Henk Witteman - Bas Siebring. Bedankt Bas voor je uitvoerige en deskundige inbreng. Ik zal in etappes reageren. Eerst wil ik citeren uit een rapport van Minister Plasterk aan de Tweede Kamer. Hier... 
Lees verder 

Rob Simons - Bedankt Maurits. Maar zoals ik al schreef in de andere reactie ben ik hier slechts onderdeel van een bevlogen team dat zich hiermee is gaan bezighouden. 
Lees verder 

Bas Siebring - supergaaf! Zo zie je maar dat goede ideeën niet altijd hoogdravend of vergaand hoeven te zijn. En juist de simpele oplossingen zijn vaak het moeilijkst te bedenken! 
Lees verder 

MEEST GELEZEN ARTIKELEN
Naamvallen leren op YouTube
Enige tijd geleden vroegen wij naar ervaringen met het gebruik van YouTube in de klas. Wij waren daa Lees verder 
Kun je geluk leren?
Nare gedachtes in de prullenbak gooien, een kaarsje branden voor een zieke opa of de natuur in. De Lees verder 
Meer over het brein: het semantische geheugen
In het onderwijs draait het voornamelijk om feiten, getallen en tekst. Gedurende de schooljaren sl Lees verder 

VIDEO VAN DE WEEK

Mobile Signs heeft gebarentaal op films gezet. Voor op de mobiele telefoon, iPod, iPad, PSP en andere MP4-spelers! Mooi gedaan, nuttig voor iedereen, aantrekkelijk voor jongeren. Ga voor meer informatie of een overzicht van de filmpjes naar www.mobilesigns.nl

Vorige idee | Volgende idee DOE MEE

IDEE VAN DE WEEK

donderdag 3 september 2009, 12:48
Gemiddeld
  •  

Uw waardering
  • Currently 3 Stars.
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Het examendomein arbeidsmarkt is koploper op het gebied van misconcepten bij leerlingen. Het in kaart brengen van misconcepten is één ding, maar het oplossen ervan is veel lastiger. Want hoe leg je aan leerlingen uit hoe de arbeidsmarkt werkt? Hoe maak je vraag en aanbod concreet? Hoe is het mogelijk dat er op de arbeidsmarkt zowel vacatures als werklozen zijn? Vragen die uiteindelijk leidden tot het experiment dansfeest, waarbij leerlingen al dansend in de klas de arbeidsmarkt simuleren.


Wanneer een leerling een heel ander beeld heeft bij een begrip dan de docent verwacht of bedoelt, noemen we dat een misconcept. In samenwerking met het Ruud de Moor Centrum (RdMC) schreef Toon van Haperen een boek waarin 25 misconcepten beschreven worden. Het RdMC heeft in vervolg daarop het project ‘Misconcepten in het economieonderwijs’ opgezet. Vijf ervaren docenten gaan tijdens dit project misconcepten van leerlingen in kaart brengen. De meest voorkomende misconcepten worden gepubliceerd in de kennisbank economie. Het project is in eerste instantie opgezet om beginnende docenten te ondersteunen. Die zijn dan al bij de start van een onderwerp voorbereid op de meest voorkomende fouten bij leerlingen en hoeven dit niet door middel van trail-and-error te ontdekken.


De arbeidsmarkt is een onderwerp dat dichtbij leerlingen staat, maar zeker ook een onderwerp waar leerlingen veel moeite mee hebben omdat hun beeld niet overeenkomt met de economische definities. Het bekendste voorbeeld van een misconcept bij het examendomein arbeidsmarkt is wel het door elkaar halen van vraag en aanbod. Of de aanname dat gehandicapten niet tot de beroepsgeschikte bevolking behoren. Daarnaast is het begrip arbeidsjaar volgens sommige leerlingen het aantal uren dat een persoon per jaar werkt, dus 36 uur x 52 weken. En het uitrekenen van het deelnemingspercentage en werkloosheidspercentage lijkt soms wel prijsschieten met getallen, geliefd is om te delen door de gehele bevolking.


Helaas is de lijst met misconcepten erg lang. Naast het in kaart brengen van voorkomende misconcepten denkt de projectgroep ook na over hoe zo’n misconcept in de toekomst voorkomen kan worden. Hoe leg je een moeilijk begrip  het beste uit? In de kennisbank economie wordt alternatief lesmateriaal rond het onderwerp verzameld. Bij gebrek aan lesmateriaal kan een misconcept de basis vormen voor nieuw lesmateriaal, een voorbeeld hiervan is het ‘experiment dansfeest’, ontwikkeld door Evelien Hoekman, economiedocent en winnaar van de Professor Peer-prijs 2008.


Klaslokaalexperimenten hebben de toekomst. Leerlingen worden actief betrokken bij de lesstof. Wel staat of valt het leereffect met een goede nabespreking. In het experiment dansfeest wordt de arbeidsmarkt gesimuleerd aan de hand van een dansfeest. Het herkenbare beeld van schoolfeesten is dat ook al zijn er evenveel jongens als meisjes, er blijven er altijd een paar aan de kant die niet willen dansen. Het klaslokaalexperiment bestaat uit vijf rondes. De klas wordt verdeeld in twee groepen, de meisjes aan de ene kant (de werkgevers) en de jongens aan de andere kant (de werknemers). Maar in principe maakt het niet uit welke rol de leerling heeft, ze doen hetzelfde. Afhankelijk van de groepssamenstelling is er sprake van krapte, evenwicht of een ruime arbeidsmarkt. Leerlingen schrijven op ‘de danskaart’ vooraf op met wie ze in die ronde willen dansen en daarna of ze ook daadwerkelijk een date hadden. Daarnaast noteren ze het aantal werkgevers en werknemers en het totaal ontstane stelletjes in de klas. Deze gegevens gebruiken ze later bij het maken van het verslag waarin ze de theorie gaan koppelen aan het experiment. De documenten zijn te downloaden in de kennisbank economie (ga in het linkermenu naar
lesonderwerpen HAVO VWO, Domein B - arbeidsmarkt, lesmateriaal).

Willem te Wierik deed als werknemer mee aan het dansexperiment. Hij schreef het volgende verslag:

‘We hebben in de klas, een dansfeest gehouden. We begonnen met een opstelling dat de meisjes aan de ene kant van de klas stonden en de jongens aan de andere kant van de klas. We hebben 5 dansrondes gehouden, hierbij was de bedoeling dat je een date zou krijgen, met iemand van de andere kant van de klas, ik moest in het begin dus zorgen dat ik een date zou krijgen met een meisje. Na elke ronde was het de bedoeling dat je de info van de ronde op een papier zou schrijven. We moesten de volgende dingen opschrijven:

  • Aantal werknemers. (de jongens in het begin)
  • Aantal werkgevers. (de meisjes in het begin)
  • De naam van degene met wie je wilt dansen.
  • Uitleg van de keuze voor je partner.
  • Had je een date? (Ja/Nee)
  • Hoeveel mensen wilden met jou dansen?
  • Hoeveel mensen wilden met jouw date dansen?
  • Totaal aantal dates in de klas?


Voor mij had dit experiment wel nut. Ik heb geleerd om een beetje in te zien, wat verstandig is om wie te kiezen, en een beetje omgaan met hoe het in het echt ook gaat. Ik vond het experiment wel leuk, vooral ook omdat dit niet gewoon een opdracht is waarbij alleen maar gerekend en geschreven hoeft te worden. Ook omdat we gewoon letterlijk hebben gedaan wat er stond, en bijvoorbeeld niet alleen maar opgeschreven dat je met iemand hebt gedanst, nu kun je het je meer voorstellen.

Op de hoogte blijven van het project ‘misconcepten’ kan door een mailtje te sturen naar evelien.hoekman@ou.nl.

 


Auteur: de redactie (stuur een e-mail)Stuur dit idee door | 14978 keer gelezen