Een initiatief van Malmberg

Het brein in de 21e eeuw 2: is de toekomst aan de jagers?

Om te willen voorspellen in welke richting het onderwijs zich zal (moeten) ontwikkelen, moeten we naar de wereld om ons heen kijken. We zien een groeiende wereldbevolking die een steeds groter beroep doet op de schaarse middelen.

Grondstoffen worden duurder, we zoeken dus naar alternatieven. Dit zoeken naar alternatieven noemen we ‘globalisering’. De bevolking van China bijvoorbeeld bevindt zich in een achterstandssituatie. Wij, in het Westen, verplaatsen onze fabrieken naar Azië en profiteren van de goedkopere producten uit deze regio. Iedereen blij zou je zeggen, behalve natuurlijk de mensen die door deze productieverplaatsing hun baan verliezen. Mensen hebben echter één ongekende kracht die door M. Tomasello (1999) ‘cultureel leren’ wordt genoemd.

Over de gehele wereld zijn miljoenen mensen dagelijks op zoek naar methodes om nog inventiever een beroep te doen op de schaarse middelen. Wanneer zo’n methode wordt bedacht, treedt al snel het ‘tandrad-effect’ op: andere mensen nemen de vondst over. Zo ontstaat een ongekende jacht en een ongekende groei. Volgens Daniel H. Pink (2006), speech writer van Vice-President Al Gore, verliep deze jacht in de eerste helft van de vorige eeuw veel langzamer. Er was veel minder kennis en men kon rustig de tijd nemen om de nieuwe vondsten te analyseren. Traditioneel wordt analyse geassocieerd met het denken van de linker hersenhelft. Hieronder vindt u een globaal schema:

 Linker hersenhelft  Rechter hersenhelft
 Taal  Ruimte
 Logica  Ruimtelijke waarneming
 Nummers  Gestalt
 Volgorde  Verbeelding
 Lineariteit  Dagdromen
 Analyse  Synthese

Docenten die in de tweede helft van de vorige eeuw zijn opgegroeid en opgeleid, hechten dan ook veelal aan logisch denken en oplossen via analyse. Hun linker hersenhelft is hiertoe ruimschoots in staat. In mijn artikel Denken of doen links of rechts? zijn we hier al op ingegaan. Hoe anders geldt dit voor de jongeren nu! Zij ontvangen informatie van grote complexiteit via een grote diversiteit van media. Zij zijn nog jong en reageren meestal niet analytisch op de binnenkomende informatie. Zij schakelen vaker hun rechter hersenhelft in. De kracht van de rechter hersenhelft ligt niet in analyse maar in synthese, volgens D.H.Pink. Rechterhersenhelftdenkers ondergaan de chaos van de binnenkomende informatie en proberen hier patronen in te ontdekken. Ze zijn daardoor in staat sneller problemen te doorgronden en roepen al snel dat ze het wel weten. Dit alles tot wanhoop van de arme leraar voor de klas die nog het liefst een potlood en een krijtje hanteert.

Een uitstekend voorbeeld van dit culturele conflict tussen de opvattingen van de gemiddelde leraar en die van de gemiddelde leerling vind je in “A vision of students  today”, het filmpje bij dit artikel. Hierin klagen leerlingen over de passieve wijze van kennisverwerking (overdracht), over boeken die ze moesten aanschaffen, maar die helemaal niet worden gebruikt. En over de eisen van schriftelijke taalbeheersing terwijl ze zelf gewend zijn honderden e-mails te versturen en uren lang te msn-en.

Toch zijn het de kwaliteiten van deze leerlingen die onze welvaart moeten redden. Volgens Pink zullen wij de slag om de linker hersenhelft verliezen van de opkomende markten, want:

  • In een eeuw vol overvloed is het niet genoeg een beroep te doen op functionaliteit (dus op de rationele LH).
  • In een volle markt moet elk bedrijf of samenleving zich onderscheiden door “design”, inlevingsvermogen, speelsheid en andere “softe” vaardigheden (dus RH-gericht).
  • In een wereld vol van licht worden nog miljarden kaarsen verkocht!

Kortom: laat ons profiteren van de mogelijkheden van veel ADHD-ers.

Welkom! Hier kan je discussiëren over het onderwijsnieuws, tips uitwisselen, vragen stellen en inhoudelijk bijdragen aan artikelen. Reacties die niet in overeenstemming zijn met onze richtlijnen worden geweigerd. Het kan even duren voordat jouw reactie zichtbaar is.

55 Responses

  1. Uit dit artikel zou je kunnen concluderen dat de hoogontwikkelde westerse landen ideeën genereren (dus rechterhersenhelft) en dat de landen in ontwikkeling zich concentreren op het vervolmaken van deze concepten door ze perfect uit te voeren (linkerhersenhelft). Gebeurt dit al niet? Of zie ik dit verkeerd? Blijft zo (of komt zo) de wereldeconomie in evenwicht?

  2. Henk ik heb op Twitter dit artikel onder de aandacht gebracht. Of het daardoor door aan een breder publiek verspreid wordt weet ik niet. Bij mij roept deze informatie vooral verwondering op en de behoefte er op een gemakkelijkere manier (dat is voor mij real life) over van gedachte te wisselen. Reflecterend op de afgelopen zes jaar komen bij mij de allochtone vrouwen naar boven die tijdens een excursie in het ziekenhuis allemaal bijzonder geinteresseerd waren in de folders over ADHD en deze gretig meenamen. Ik dacht dat zij nauwelijks konden lezen…..tja. Henk ik weet niet of je oranjegezind bent maar volgens mij verdien jij een lintje 😉

    En mocht je hem weer eens tegenkomen…….de hartelijke groeten voor prof. dr. Nico Schraag 😉

  3. Marion. Ik kwam een artikel tegen van de onderwijskundige Jeanet Vroom Kasper. Ik heb het enigszins ingekort, maar het geeft wel een antwoord op je vraag over ADHD-ers. Aan het eind van deze bijdrage vind je mijn oorspronkelijke bron:
    De rechterhersenhelft in beeld
    Verschillende leerstijlen
    In een eerder artikel in Lugos ben ik ingegaan op het belang van aandacht voor de
    verschillende manieren waarop kinderen leren.
    Ons onderwijs is auditief- analytisch ingericht. Dit betekent dat lesstof veelal stapje voor
    stapje wordt aangeboden, van eenvoudig, naar moeilijker naar moeilijk. Daarbij wordt
    veel (mondelinge) uitleg gegeven op die stapjes en worden de stapjes afzonderlijk
    uitgebreid toegelicht met de manier waarop je deze aan moet pakken.
    Ongeveer 1/3 van de leerlingen heeft een voorkeur voor de auditief – analytische
    leerstijl. Wanneer zij moeilijkheden op school ondervinden, hebben ze veelal ook baat bij
    de extra hulp die hen geboden wordt. De leerstof wordt nogmaals aangeboden, met
    daarbij extra uitleg en uitgebreidere werkvormen.
    Een groep van 45 % van de leerlingen maakt niet alleen gebruik van deze leerstijl maar
    combineert die met een andere: de zgn. visueel ruimtelijke leerstijl, waarover dadelijk
    meer. Ook deze groep kinderen doet het best goed in het onderwijs of profiteert van de
    extra begeleiding die hen geboden wordt.
    Maar: de lezer die even met mij meegerekend heeft, komt al snel op een percentage van
    25%, dat nog ontbreekt in deze groepering. Deze groep leerlingen geeft de voorkeur aan
    die heel andere leerstijl, de visueel ruimtelijke leerstijl.
    De visueel ruimtelijke leerstijl
    Wat is dat dan: een visueel ruimtelijke leerstijl: leerlingen die visueel ruimtelijk denken,
    zijn creatieve denkers, het zijn “beeldende”denkers in plaats van talige denkers, ze
    denken dus in beelden in plaats van in woorden. Ze kunnen meerder soorten informatie
    simultaan (tegelijkertijd) verwerken en zijn vaak bijzonder goed in het doorzien van
    complexe problemen en het vinden van oplossing hiervoor.
    Fantastisch toch, zou je zeggen. Grote denkers en markante mensen in de geschiedenis
    blijken een voorkeur te hebben gehad voor een dergelijk visueel ruimtelijke leerstijl,
    bijvoorbeeld Einstein en Leonardo da Vinci, maar ook Bill Gates en Jan des Bouvrie.
    Maar: in ons onderwijs vormen deze leerlingen een risicogroep.
    Laten we als voorbeeld eens een dictee nemen. De leerkracht vraagt de kinderen het
    woord “schip” op te schrijven. Een leerling met een visueel ruimtelijke leerstijl krijgt
    onmiddellijk een beeld in zijn hoofd van een schip, voorzien van vlaggen, scheepstoeters
    en personeel. En dit beeld wordt onmiddellijk gevolgd door beelden van de boot van
    sinterklaas, cadeautjes, moeders verjaardag, de taart, lekker koekjes bakken vanmiddag,
    mijn vriendje kan wel meedoen, blijven slapen bij het vriendje – en o, wat was het woord
    ook alweer, BOOT. En ondertussen is de leerkracht al vier woorden verder.
    Heeft dit kind niet opgelet? Je zou het kunnen zeggen, maar het kind heeft terdege wel
    veel informatie verwerkt. Het visuele geheugen verwerkt ongeveer 32 beelden per
    seconde, dat redt een auditief ingestelde persoon bij lange na niet.
    Soortgelijke problemen kunnen bijvoorbeeld bij rekenen optreden. In een flits weet de
    visueel ruimtelijke leerling het antwoord, maar navertellen hoe hij aan dit antwoord is
    gekomen, is een onmogelijkheid.
    Informatie overdracht
    Waar komt dit verschil in leerstijlen nu vandaan? Hiervoor gaan we kijken naar het
    proces van informatie verwerken. Bij dit proces spelen de hersenhelften een grote rol.
    Afhankelijk van het soort informatie is een van de hersenhelften dominant bij die
    verwerking.
    De linkerhersenhelft is goed in het verwerken van taal, logica, details, getallen, lijstjes,
    en seriële (opeenvolgende) informatie. Onze rechterhersenhelft blinkt uit in zaken als
    creativiteit, ritme, ruimtelijk inzicht, overzicht, verbeelding en meerdere dimensies.
    Als kind is onze rechter hersenhelft dominant bij het verwerken van informatie. We
    beschikken immers nog niet over het vermogen om ons “talig”uit te drukken. Gaandeweg
    krijgen we de beschikking over meer talige vaardigheden en verschuift bij de meeste
    mensen de dominantie van de hersenhelften naar de linkerhersenhelft. Zo rond de 9 jaar
    (ongeveer groep 5 in het basisonderwijs) is dit proces voltooid.
    Bij een groep kinderen voltrekt dit proces zich niet. Bij hen blijft de rechter hersenhelft
    dominant bij het verwerken van informatie. Deze groep mensen wordt ook wel
    “beelddenkers” genoemd.
    Beelddenkers
    Waar herkennen we deze kinderen nu aan:

  4. drs Jan Delissen e.a. Hoewel wij je citaat wel erg lang vonden, was deze toch zo interessant dat wij het hele artikel hebben opgezocht en gevonden. Wij hebben het gevoel dat hier sprake is van een mogelijke paradigma-shift. Ga zo door onderwijsvanmorgen. Juist voor ons studenten valt hier veel te leren. Misschien komt het toch nog goed met het Nederlandse onderwijs

  5. Dr Witteman en drs, Delissen,
    Ik blijf erg zitten met het denken in beelden. Ik vraag me af of alle personen die een voorkeur hebben voor informatie verwerken via de rechterhersenhelft nu ook beelddenkers zijn. Mijn zoon heeft de diagnose ADD. Me oriënterend op deze diagnose ben ik langzamerhand tot de conclusie gekomen dat Ik ongeveer dezelfede problemen en moeilijkheden heb (en ondervond vroeger), als mijn zoon nu. Ook de mogelijkheden die mijn zoon nu heeft (leren met muziek op de achtergrond of met een koptelefoon op), had ik vroeger ook. Ik studeerde voor alle examens met muziek van de radio aan, dit tot grote schrik van mijn ouders, maar toch lukte het beter dan in een stille kamer!
    Ik vraag me steeds af of ik nu zo denk in beelden? Ja, lichtelijk wel als ik er goed over nadenk, maar het hele proces dat drs. Delissen schrijft als een rechterhelftdenker het woord BOOT hoort, dat ken ik niet! Ik heb wel een groot “beeldend” voorstellingsvermogen.
    Een vraag aan de heer Witteman. Tijdens uw leuke len interessante ezing 14 mei over leerstijlen in Assen, vertelde u dat mensen eigenlijk niet in beelden denken (of heb ik dat verkeerd onthouden?), maar “mentalisch?, o.i.d.” (het kan ook een andere benaming zijn geweest). Dat gaf me toen een goed gevoel. Zo van: denken in beelden, eigenlijk onzin! Hoe zit het nu echt? Ben ik nu een beelddenker? Het hele afleidende proces van het ene beeld dat het andere weer oproept? Het zegt me niets!

    een ouder uit de HAVOplusdoelgroep

  6. Een ouder die zich herkent in zijn kind. Waarom heeft uw kind behoefte om muziek te horen als hij aan het leren is?
    Waarom zetten veel mensen muziek uit als ze vinden dat de verkeersdrukte alle aandacht vergt? Waarom kunnen mensen een gesprek voeren terwijl ze auto rijden?
    Deze vragen zijn te beantwoorden als je kijkt naar de wijze waarop onze hersenen werken. De linkerhersenhelft richt zich bij de meeste mensen op de details die sequentieel, dus achtereenvolgens, door het brein worden verwerkt. Het meeste schoolwerk verloopt via de linkerhersenhelft. Wat kan er nu gebeuren bij het maken van huiswerk? DE RECHTERHERSENHELFT GAAT ZICH VERVELEN. WIL OOK WAT TE DOEN HEBBEN! Hierbij helpt muziek, want dat wordt verwerkt in de rechterhersenhelft. Sommige mensen gaan misschien poppetjes tekenen (ook rechterhersenhelft). Het verkeer speelt zich daarentegen in de RUIMTE af en legt dus beslag op de rechterhersenhelft. Bij grote verkeersdrukte zetten veel bestuurders daarom de radio uit. Want muziek en ruimte lopen beide via dezelfde hersenhelft. Dan ontstaat er OVERBELASTING van de rechterhersenhelft. Daarom kun je ook praten en autorijden. Autorijden gaat via het procedurele geheugen en die kan op de AUTOMAAT. MAAR…als het echter druk wordt en aandacht en precisie worden vereist, dan wordt de LINKERHERSENHELFT actief ingeschakeld en wordt AANDACHT vereist. Omdat ook praten via de linkerhersenhelft verloopt ontstaat er dan OVERBELASTING en wordt het gesprek niet vervolgd. Toen ik in Assen sprak over taal, vertelde ik dat onze oertaal eigenlijk het MENTALEES is. Wij denken in beelden. We vertalen deze beelden in WOORDEN. Op zich hebben taal en denken dus niets met elkaar te maken, want ook doofstommen kunnen denken.

  7. Dr. Witteman, bedankt voor het beantwoordenvan mijn vraag en de interessante uiteenzetting.
    Toch kan ik me (met waarschijnlijk – voorkeur voor-rechterhersenhelft denken) niets bij dat beelddenken voorstellen. Ik wordt niet constant overstelpt door beelden. Ik heb moeite om me bewust te worden dat ik in beelden denk. Ik voel me geen beelddenker! Het hele proces dat drs Delissen bij het woord BOOT beschrijft, komt vreemd bij mij over! Ik hoop dat dr Delissen dit ook leest en er ook zijn licht over laat schijnen.
    Dr. Witteman: Denken doofstommen Mentalees? Hoe zit het dan met blinden? Laat staan een blinde ADHD er?
    Denken alle ADHD ers Mentalees? Hoe zit dat dan bij de “landbouwers”? Denken zij niet meer Mentalees? Is Mentalees hetzelfde als beelddenken?

  8. Ouder die zich herkent in zijn kind. Ik reageer eerst op MENTALEES. Je kunt niets aanleren zonder VOORKENNIS. Ook een taal heeft voorkennis nodig. S. Pinker in zijn beroemde boek “het taalinstinct” noemt deze voorkennis mentalees. Dit is de taal van het denken. Dit gaat heel snel, sneller dan spreken in woorden. Stel u bent met iemand in discussie. Nog terwijl hij aan het spreken is, valt u hem in de rede. Zijn woorden roepen bij u beelden op (mentalees). U weet gewoon wat hij gaat zeggen, al heeft hij het nog niet gezegd. Uw beelden gaan sneller dan zijn woorden. Woorden komen er namelijk woord voor woord uit (sequentieel), dus linkerhersenhelft, uw beelden gaan echter sneller (rechterhersenhelft). Blinden hebben ook deze beelden. U moet deze beelden niet zien als werkelijke beelden die je ZIET, maar als abstracties van beelden. (Volgt u me nog). Ook een blinde heeft deze beelden. Bkinden gebruiken dan ook ongemerkt vaak het woord ZIEN. Bijvoorbeeld Ik ZIE dat u gelijk heeft.Ik wacht even af of er nog meer reacties komen. Zo niet dan ga ik er nog nader op in. Groet Henk Witteman

  9. Een ouder die zich herkent in zijn kind en Dr. Witteman. Zoals u hebt kunnen lezen heb ik geciteerd uit een artikel van Jeanet Vroom-Kasper. Ik vond het een interessant artikel. Ik heb zoveel geciteerd, omdat ik het moeilijk vond de essentie samen te vatten. Excuses hiervoor. Mijnheer Witteman, u bent ongetwijfeld een echte deskundige. Kunt u het artikel terugbrengen tot de essentie?

  10. Dat gedoe met die BOOT maak ik vaak mee met mijn dyslectische dochter. Als zij ‘het paard staat in de stal’ moet schrijven, schrijft ze: ‘het paard staat in de schuur’. Ze moet vaak naar woorden zoeken want dat hoofd dendert maar door, ze heeft het gevoel dat ze er nauwelijks tussenkomt. Blinkt daarbij uit in praktische oplossingen voor complexe problemen al is ze pas 11. Heeft een fabuleus ruimtelijk inzicht. Heeft er allemaal niks aan op school omdat ze grote problemen heeft met lezen en dus ook het lezen van sommen. Kan niet plannen en niet opruimen. We weten dat ze dyslectisch is dankzij tests maar ik heb besloten om haar niet te laten testen op ADD. Ik wil eigenlijk helemaal niks meer te maken hebben met die plakkers en die hokjes. En ik zal haar zeker geen medicijnen toedienen om haar te laten lijken op kinderen die wel gewoon van links naar rechts lezen en die zonder mankeren hun werkjes afkrijgen. Ze is volmaakt zoals ze is en ze vindt haar weg wel.

  11. Bedankt voor alle reacties! De moeder van “die slimme meid” geeft bij mij de doorslag! Ik ga langzamerhand nu ook geloven, dat ik net als mijn zoon een beelddenker ben (hoewel het vroeger bij mij minder schoolproblemen gaf, dan nu bij mijn zoon op het ogenblik).
    Blijft bij mij de vraag, waarom ik me dat beelddenken niet bewust ben. Ik zie geen boten en wapperende vlaggetjes voor me in gesprekken e.d. Wel denk ik snel en heb ik woordvindingsproblemen! Misschien een goed onderwerp voor een nieuw artikel, meneer Witteman!
    Want helaas dwalen we af van waar het nu echt om draait:
    Er is geen tijd geweest waarin zoveel “gedragsproblemen” door de scholen werden gesignaleerd! Zelfs op de site van Passend Onderwijs werd dit gesignaleerd! Voor alle leer- “handicaps”worden op het ogenblik oplossingen gezocht en gevonden om ze (als het mogelijk is) te laten integreren in de bestaande scholen. Echter er is geen groep die zo slecht integreert als de kinderen uit cluster 4! Het is juist erger, er is geen groep die zo opvalt, als nu de laatste jaren!
    Volgens mij hebben de “jagers” op het ogenblik in deze snelle, hectische, virtuele tijden een andere aanpak nodig, dan op de “landbouwers” manier. Die noodzaak was 20 jaar geleden niet zo groot als nu! De maatschappij is te veel en te snel (haast op “jager”-achtige manier, zou ik zeggen) aan het veranderen. Misschien zijn de “landbouwers” wel de toekomstige leerlingen met leerproblemen, want uw idee dat de toekomst is aan de “jagers”, dat heeft u goed onderbouwd!
    Hoe kunnen we de scholen helpen? Wie komt er met suggesties? Hoe trekken we de scholen in het “jagers”-tijdperk?

  12. Leidse studente, dank je! Maar ik ben er nog niet met jouw link. Het legt uit wat het is, maar wat ik graag wil weten is: Hebben (jagers-) kinderen er baat bij als leerkrachten de training gaan volgen? Is dit in de lespraktijk een verbetering voor “de jagers?’ Heeft iemand hier ervaring mee?
    Wie kent andere onderwijsvormen vormen die eventueel de moeite waard zouden kunnen zijn voor begaafde “jagers”. Wie heeft bijv. practische ervaring met de volgende schoolvormen die misschien (?) meer tegemoetkomen aan de “jagers-“behoeften:
    – Het groene lyceum
    – Leonardoscholen (helaas alleen voor hoogbegaafden)
    – De Boxschool?

  13. Bert en Leidse studente. Ik kan wel reageren op de vraag van Bert. Ik heb veel ervaring met het trainen en begeleiden van leraren. De valkuil is altijd dat leraren worden afgescheept met een handvol instrumenten, waarmee ze de problemen van de klas hopen op te lossen. Ik kan jullie zeggen dat dit zelden werkt.Lesgeven, onderwijs is geen instrumenteel proces met kinderen en jonge mensen die nog in ontwikkeling zijn. Het is niet echt mogelijk om met kunstgrepen effectieve leraren te maken. Het gaat vooral om de BETROKKENHEID van docenten. Ik heb al eerder gezegd dat het in ons onderwijs met de veel te grote klassen en het Europees gezien veel te grote aantal lessen moeilijk is om echt betrokken te zijn en te blijven. Het is echter wel mogelijk als we het leraarschap uit de inidividualiteit (en de eenzaamheid) halen en daadwerkelijk gaan doen aan “team-teaching”vanuit een gezamenlijke en dus gedeelde visie. Ik heb de laatste jaren ontdekt dat er een methode is die redelijk effectief werkt. Stel dat een school veel ADD-ers, ADHD-ers en dyslectici onder zijn leerlingen telt. De school wil een effectieve leeromgeving voor deze leerlingen creëren en vraagt mijn hulp. Ik geef dan eerst een zogenaamde “inspiratiemiddag”. Het woord zegt het al. Hier wordt de basis gelegd van emotionele betrokkenheid bij de onderwijsproblematiek. Daarna ga ik enkele dagen in de klas zitten om lessen te volgen. Ik zoek dan NIET naar de ZWAKKE plekken van de docenten maar juist naar de STERKE. Daarna gaan we samen bekijken HOE we deze STERKE punten kunnen samensmeden tot een model dat past bij de doelgroep. Dit model maken de leraren zelf, waarbij ik ze op enige afstand volg en adviezen geef. De docenten maken samen met mij een observatieformulier en gaan twee maal per semester een les volgen bij een collega. Zij noteren hun bevindingen op dit formulier. Dit schept een band. Onderwisj komt weer aan de orde in de leraarskamer! Tegelijkertijd volgt een aantal docenten een MENTORTRAINING. Hun rol is in contact te treden met de leerlingen en deze te leren in zichzelf en hun mogelijkheden te (blijven)n geloven. DIT VOORKOMT VEEL UITVAL. Wie meer over deze aanpak wil weten kan mailen met a.terwisscha@ldc.nl.

  14. Dr Witteman,
    Als ik alles goed begrepen heb:worden de scholen overwegend bemand door docenten die op “landbouwers”-manier doceren. Dat is logisch en er is niks mis mee! In het huidige tijdperk is het echter funest voor de “jagers”-kinderen. Maar dat weet u en tot dat besef zijn ook al andere mensengekomen en misschien ook veelezers van uw artikelen.
    U stelt daar als oplossing tegenover om “jagers”-kinderen tegemoet te komen een training van docenten en mentoren na een inspiratiemiddag om betrokken te raken …………
    Prachtig, en dit bedoel ik niet cynisch! ! Maar ….., werkt dit effectief in de praktijk? De docenten zijn door hun dagelijkse werk moe en ongemotiveerd om te grote en extreme zaken aan te pakken. In uw vorige artikel beschreef u in een reactie de dagelijkse gang in de hedendaagse scholen. Moet er vooraf niet iets gebeuren om het schoolmanagement te motiveren dat het echt belangrijk is om iets te veranderen? Juist dat is al moeilijk genoeg, laat staan dat u de “vermoeide” docenten na 20 jaar onderwijsvernieuwing, die vaak weinig opleverde, zo ver krijgt! Zij worden alleen maar geconfronteerd met een steeds complexere schoolpraktijk, waarin geconstateerd wordt dat de kinderen met gedragsproblemen er alleen maar toenemen. Ik weet het, door uw training beoogt u juist iets aan dat laatste te doen, maar wie heeft daar in de huidige schoolpraktijk nog vertrouwen in? (Hierbij zeg ik niet dat ik er geen vertrouwen in heb!) Is het niet verstandiger om eerst een omwenteling in denken te krijgen, waardoor u ‘welkom’in de scholen bent?
    Wat dat betreft begrijp ik Bert, die vraagt naar schoolconcepten (visies), waarin de behoeften, van de groep “jagers” op ander onderwijs, worden erkend.

  15. Jack. We mogen niet opgeven. Ik zie gelukkig ook resultaten. We moeten er naar streven het leraarschap te upgraden. Dit betekent niet alleen dat we zelf op een (nog) slimmere manier aan het werk moeten, maar dat we een overheid moeten hebben die meer investeert in onderwijs dan de onze. We bungelen als welvarend land ergens onderaan binnen de OESO landen. Ik vind dit schandalig. Maar J.F. Kennedy zei het al: IF YOU DO NOT INVEST IN EDUCATION, YOU INVEST IN IGNORANCE!!

  16. HAVOplus ouder uit Groningen. Mischien kan uw link bijdragen aan een discussie. Ik ben ook op zoek en ben beland bij een Vlaamse site. Hier las ik onder meer de volgende woorden van een arts:
    ‘Een factor die tot op heden onvoldoende onderzocht is, is het verband tussen ADHD en voedselallergie. Meerdere auteurs hebben opgemerkt dat ADHD-kinderen dikwijls allergisch zijn aan courante voedingsmiddelen zoals melk, granen, nootjes, chocolade en geraffineerde suikers. Hiervoor kan een eenvoudig eliminatiedieet soms uitsluitsel brengen. Ook bewaarmiddelen, kleurstoffen, salicylaten (aspirine), fluorderivaten … kunnen allergie veroorzaken. Veelal gaat het om een opstapeling van verschillende stoffen. Soms kan echter een specifieke stof een zeer specifieke allergie te voorschijn roepen, waarvan de symptomen zeer sterk op ADHD gelijken. Wanneer eenvoudige maatregelen niet tot het gewenste resultaat leiden kan hier een uitgebreide voedingstolerantietest wenselijk zijn.’ Aldus de arts Mark Bottu.

  17. Dat van die jagers en boeren kan ik goed begrijpen. Onze zoon is 18 en is net begonnen aan de Universiteit in Utrecht. Economie. Dit artikel heeft voor mijn vrouw en mij veel duidelijk gemaakt. Er viel een pak van mijn hart. Bedankt.

  18. HAVOplus ouder uit Groningen. Bedankt voor de toezending van dit interessante artikel. Ik wil best aannemen dat de dopamine huishouding van ADHD-ers anders is dan dievan het gros van de mensen. Maar ik concludeer niet, zoals de schrijfster, dat ADHD DUS een stoornis is. In de metafoor van de landbouwers en de jagers kun je zeggen dat landbouwers een andere hormonale huishouding hebben dan jagers, zeker waar het dopamine betreft..De hormonale huishouding bij landbouwers heeft zich in de loop der eeuwen aangepast aan hun wijze van leven. Maar je kunt niet zeggen dat daarom jagers een stoornis hebben. Ze zijn niet mainstream, dat is waar. Maar dat kun je ook zeggen van homosexualiteit. Dat is ook niet mainstream, maar daarom nog geen stoornis.

  19. Dr. Witteman. Uw opmerking over homosexualiteit sprak mij erg aan. Mijn zoon is homo, dat is iderdaad niet wat u mainstream noemt, maar absoluut geen stoornis zoals veel mensen in ons dorp (eigenlijk) vinden. Nogmaals bedankt.

  20. Ik las dat jagers anders zijn dan landbouwers omdat ze problemen rechtlijnig oplossen, dus stapje voor stapje. IIemand die zo denkt en voor een gesloten deur staat zal steeds harder erop gaan slaan en desnoods trapt hij de deur in. De globale probleemoplosser (de jager) kijkt om zich heen en probeert bijvoorbeeld door het raam binnen te komen Jagers zijn bereid risico’s te nemen.Toen ik dit las moest ik aan mijn zoon denken, die vaak met eigenaardige oplossingen komt als iets hem niet lukt. U raad het al. Hij heeft ADHD.

  21. Als ik de criteria lees voor (ADHD) in jullie vorge artikel, dan verbaas ik me eigenlijk dat deze zomaar geaccepeerd worden. Ik zou zo zeggen dat heel veel mensen aan een groot aantal van deze criteria voldoen. Ze zijn nogal in algemene termen gesteld. Geen wonder dat er zo veel ADD-ers en ADHD-ers zijn. Ik kan u zeggen dat in sommige klassen van onze school wel 60% van de leerlingen ADD of ADHD hebben als ik mijn collega’s mag geloven. En soms verschilt dat per les en per vak.

  22. Beste drs. Nico van Schaik,
    U schreef: ” Ik kan u zeggen dat in sommige klassen van onze school wel 60% van de leerlingen ADD of ADHD hebben als ik mijn collega’s mag geloven. En soms verschilt dat per les en per vak.” Ik denk dat wat u zegt een treffende constatering is. AD(H)D bestaat dus en heeft natuurlijk altijd al bestaan! De laatste jaren is de toename van een bepaald gedrag zo toegenomen dat psychiaters in Amerika de afgelopen decennia geprobeerd hebben het te beschrijven. De vraag is dan: “Is het een stoornis of is het één van de manieren van in het leven staan?” Maar misschien kunt u mij als onderwijsman verder helpen? Waarom is het AD(H)D-gedrag juist tegenwoordig zo’n probleem? Waarom neemt het nu juist epidemische vormen aan? Waarom werd het vroeger nauwelijks opgemerkt? Hoe komt het dat u tot de constatering komt dat in sommige klassen 60 % van de leerlingen dit gedrag vertoont. Wat doet u anders dan de leerkrachten 20 jaar geleden? En als u niets anders doet, wat is er dan veranderd de laatste 20 jaar? Het is toch niet te geloven dat zo veel mensen zich juist nu anders (moeilijker) gaan gedragen en dat we dit een stoornis blijven noemen?

  23. eigenlijk ben ik van mening dat de dualiteit, zoals geschetst in uw artikel niet helemaal opgaat. Ik zie in de meeste mensen die ik ken niet of de linker helft of de rechterhelft terug. Veel meer is er sprake van accenten naar de ene of de andere kant. Endat leert ons(denk ik) dat we alllemaal verschillend zijn. Een inclusieve maatschappij waarin ieder gebrek kan maken van zijn eigen accenten en talenten, dat is waar we naar moeten streven

  24. Hinke-ann Eleveld. Klopt, de dualiteit gaat niet altijd geheel op. Alleen bij mensen bij wie het corpus calossum (hersenbalk) is doorgesneden kun je op onderdelen zien dat de dualiteit verloren is. In mijn artikelen over leerstijlen heb ik o.a. de versatilistische leerstijl beschreven. Leerlingen met deze stijl zijn in staat hun leerstrateieën aan te passen aan de taak, omdat beide hersenhelften uitstekend samenwerken. Klik op: https://staging-onderwijsvanmorgensowmedia.kinsta.cloud/denken-of-doen-de-versatilistische-leerstijl/

  25. Geachte redactie, uw laatste zin: Kortom: laat ons profiteren van de mogelijkheden van veel ADHD-ers’ deed mij goed. Een moeder van een ADHD dochter.

  26. Ouder uit Groningen. Wie was er vroeger als kind niet druk? Zijn kinderen van tegenwoordig anders? Het zijn nog steeds gewone kinderen. Dus sommigen zijn stil, anderen zijn druk en sommigen zijn heel druk. Is het omdat ouders en scholen hopen dat ze extra geld krijgen als ze kinderen een etiket op plakken? Ik kan het me een beetje voorstellen als ik zie hoe groot de klassen zijn. Er is minder discipline dan in de tijd toen ik les gaf aan een lagere school. Maar misschien is mijn generatie daar wel schuldig aan. Weet u nog in de jaren ’60? Toen alles ineens moest kunnen? Mijn man, toen leraar aan een HBS, is er tot mijn verdriet niet meer. Maar hij voorspelde toen al dat het mis zou gaan.

  27. Beste oma van een druk kleinkind,
    U schreef: “Is het omdat ouders en scholen hopen dat ze extra geld krijgen als ze kinderen een etiket op plakken? ” Bij het lezen moest ik denken aan een artikel van enkele jaren geleden dat stond op “Ouders Online”. Het geeft u gelijk, maar het kaart meer zaken aan, zoals de veranderde houding van de inspectie door de opkomst van geijke cito-toetsen. Hierbij de link: http://www.ouders.nl/mond2004-langzaamleren.htm
    Uw reactie spreekt me ontzettend aan: niet de kinderen van nu zijn veranderd, maar wel de omstandigheden. Ook de artikelen van dr Henk Witteman zijn daarom voor mij een verademing. Niet de kinderen moeten worden gediagnosticeerd (en/of gestigmatiseerd), maar de scholen zouden zich moeten oriënteren op een andere aanpak. De hele samenleving is veranderd, sneller geworden, hectischer geworden. Misschien ligt daar de link voor de scholen om uit de gedragsproblemen te komen.
    Scholen horen de ontwikkelingen in de samenleving te volgen en dat deden ze ook altijd, maar tegenwoordig gaat alles wel erg snel. Het zou kunnen zijn dat de ouders van de jaren 60 en 70 dus dan maar gedeeltelijk “schuld” hebben aan de veranderde jeugd en was het een en ander niet te voorkomen door de snel veranderende maatschappij. Het zal in de toekomst alleen nog maar sneller gaan (een spannende tijd voor de “jagers’- kinderen die stil moeten zitten in school).
    De regering zou meer moeten inzetten op de man en vrouw voor de klas bij Passend Onderwijs. Er is in Nederland jarenlang roofbouw gepleegd op het onderwijs. Ik las in dit verband vanochtend dit bericht http://kleineklassen.blogspot.com/search?updated-min=2009-01-01T00%3A00%3A00%2B01%3A00&updated-max=2010-01-01T00%3A00%3A00%2B01%3A00&max-results=3.
    Ik hoop nog op een reactie van drs. Nico van Schaijk.

  28. Boeiend verhaal. Is de toekomst aan de jagers?, vraagt u. Ik hoop dat er wat jagers komen. Ons huidige kabinet zijn volgens mij boeren in ruste. Actie, dames en heren.

  29. Fank en ouder uit Groningen. Ik hoop met u dat de toekomst van onze zogenaamde gestoorde kinderen er zonniger uit gaat zien. We moeten de handen ineen slaan.

  30. Een neef van me heeft te horen gekregen dat zijn zoon Asperger heeft. Wat is het verschil tussen Asperger en Autisme. Wie kan mij daar een antwoord op geven?

  31. Wim Kuiken, ik heb het even voor je opgezocht. Het verschil tussen autisme en het syndroom van asperger is dat een asperger geen vertraagde taalontwikkeling heeft en een normale intelligentie vertoont.

  32. Dr. Witteman, ik heb wel eens gehoord dat autisten denken met de linkhersenhelft, maar dat dit dan toch loopt via de rechter. Dat lijkt me toch wel erg gek. Kunt u mij en alle lezers daar iets van vertellen?

  33. Arjen Verhaak, je schreef: Ikheb wel eens gehoord dat autisten denken met de linkhersenhelft, maar dat dit dan toch loopt via de rechter. Dat lijkt me toch wel erg gek. Kunt u mij en alle lezers daar iets van vertellen?
    Om at meer te weten over denken met de rechter- of linkerhesenhelft, klik op https://staging-onderwijsvanmorgensowmedia.kinsta.cloud/denk-en-of-doen-links-of-rechts .
    Er is veel bewijs dat een van de problemen van veel autisten hun onvermogen is onderscheid te maken tussen voorgrond en achtergrond prikkels. Zij zijn dan niet in staat onderscheid te maken tussen relevante en irrelevante prikkels. Wat voor ons voorgrond is, kan voor hen achtergrond zijn en andersom. Alle prikkels komen zowel in detail (linkerhersenhelft) als globaal (rechterhersenhelft) door (Olga Bogdashina, 2005. Zij gebruikt de term “Gestalt perceptie”. Vooorbeeld: Als u en ik een kamer binnenkomen vormt deze kamer voor ons een concept. Wij weten dat het onze kamer is, omdat wij uit ons Lange Termijn Geheugen (LTG) onze kamer opdiepen. Wij zien enkele kenmerken en dat is voor ons genoeg. Wij herkennen onze kamer dan ook in. Wij zien maar enkele dingen, maar ons LTG diept de rest van de infomatie voor ons op. Hoe anders kan dit bij autisten zijn. Zij zien de kamer in al zijn details.Zij wsorden niet geholpen door het LTG. Langzaam bouwen zij aan de hand van de details de kamer op en ziedaar onze autistische leerling concludeert: “Dat is onze kamer”. Maar stel dat wij de stoelen weghalen. Omdat de autist niet in staat is het concept “onze kamer” uit zijn LTG op te diepen, raakt in paniek want hij is plotseling in de verkeerde kamer, denkt hij. ADHD-ers hebben dit probleem niet.

  34. Als ik dit alles zo lees zien veel mensen in dat de mensheid bezig is te evolueren in een steeds sneller tempo. Mede door de opkomst van internet is de hoeveelheid informatie groter die men direct kan raadplegen en het belang van het eigen kennis neemt daardoor af. Zeker gelet op het feit dat mensen momenteel veel meer moeten weten dan vroeger. Met andere woorden veel meer informatie nodig hebben om te kunnen functioneren in deze maatschappij.
    De mensheid verandert hierdoor en degene die het beste hierop reageren zijn volgens mij de AD(H)D-ers, de aspergers en de creatieve kinderen. Zij zijn geschikt voor de komende maatschappij die zich nu al vormt. Alleen loopt het onderwijs behoorlijk achter om deze groep te ondersteunen in hun ontwikkeling. Want deze groepen laten zich maar moeizaam leiden zoals de nu ‘normale’ kinderen zich dat wel laten doen. Deze groepen zijn kritisch, snel van geest en voor een buitenstaander niet één op één te volgen. Zij kunnen werken met verbanden ipv seq kennis. Zij zijn in staat bij een goede begeleiding om veel meer in abstracties te denken en om te gaan met al de informatie die tegenwoordig beschikbaar is EN daarmee hun voordeel doen.
    Maar het onderwijs is (meestal terecht, vroeger zeker) terughoudend vwb vernieuwing omdat het onderwijs de zorg heeft over de kwaliteit van de maatschappij van morgen en overmorgen. Dus is het goed om alleen dan iets te veranderen als er zekerheid is over het te behalen resultaat. Maar het onderwijs kan ook te behoudend zijn. Zeker in tijden zoals nu waarin de ontwikkelingen vele malen sneller gaan dan ooit te voren. Ik denk dat het onderwijs niet zozeer moet veranderen als geheel. Geen nieuwe mammoetwet. Wel meer diversiteit omdat door de veranderende maatschappij meer aandacht moet zijn voor de persoon, het kind en dat we er nu achter komen dat kinderen net zoveel verschillen onderling als dat bij volwassenen het geval is. Verschillen in leerstijl, gebruik van hersenhelften, omgaan met verandering, bv omgaan met grote hoeveelheden informatie en complexe groepsvorming via de nieuwe media.
    Voor deze groep leerlingen hebben wij, de werkgroep De Boxschool, een onderwijsconcept gemaakt. Deze sluit naadloos aan, aan de behoeftes van de wat wij noemen, intelligente en zelfstandige leerling. Meer info is natuurlijk te vinden op een website: http://www.hbboek.nl/boxschool/boxschool.html
    Met vriendlelijke groet, Willem Wind.
    PS Deze onderwijsvorm is zeker niet alleen bedoeld voor hoogbegaafde leerlingen alhoewel ook die er baat bij zullen hebben.

  35. Willem Wind. Ik dank u voor uw bijdrage die ik met instemming heb gelezen. Voor mij is PASSEND ONDERWIJS wat meer dan rugzakjes e.d. Ik vind dat het onderwijs (in de klas) structureel moet veranderen. Om hiertoe een aanzet te helpen geven zal ik over enkele weken beginnen met een serie over MEERVOUDIGE INTELLIGENTIES. We moeten volgens mij niet de vraag stellen HOE KNAP BEN JIJ?, maar veel eerder HOE BEN JIJ KNAP? Ieder mens heeft een bron van capaciteiten. De kunst is deze in te zetten voor zijn of haar persoonlike ontwikkeling en daardoor tevens voor de ontwikkeling van de maatschappij. Ik hoop dat velen van u in deze serie met mij en met elkaar in gesprek wilen gaan.

  36. Dr Witteman, ik kijk uit naar uw nieuwe artikelen, maar ik heb toch nog een vraag bij deze reeks.
    Zou het mogelijk kunnen zijn dat getraumatiseerde kinderen een meer holistische leerstijl ontwikkelen? Zo ja heeft u daar dan een verklaring voor?
    Anders dan met Kolb zijn zijn theorieën en is zijn werkwijze nog steeds niet verouderd. Er is een hernieuwde belangstelling voor Feuerstein. Feuerstein leeft nog steeds, zijn zoon is een de laatste jaren een aantal malen naar Nederland gekomen, door de hernieuwde aandacht voor de werkwijze (koppeling met Passend Onderwijs). Er is een school in (Eerde?) die zijn theorieën heeft ingevoerd (er is een connectie met Joan Celeinstituut).
    Na de tweede wereldoorlog had Feuerstein in Israël veel succes met getraumatiseerde weeskindern uit de kampen van nazi- Duitsland. Zij kwamen niet tot leren, maar fleurden weer op tijdens zijn behandeling. Ook in deze tijd werkt zijn programma nog steeds. Wat blijkt: Het spreekt ook kinderen aan met een meer “holistische” leerstijl!

  37. Jan. Bedankt voor je interessant vraag. Ik durf niet te speculeren over de leerstijlen van diverse categorieën al dan niet getraumatiseerde kinderen. Het werk van Feuerstein en het met zijn ideeën verbonden KAG-AL en diverse “succesvolle” aanpakken hebben met elkaar gemeen dat ze werden en worden uitgevoerd door idealistische leraren die werkelijk in hun opvattingen en in hun leerlingen GELOVEN. We weten o.a.. uit het werk van de bekende Utrechtse hoogleraar Luc Stevens dat GELOOF in de leerlingen een belangrijke variabele is bij het behalen van succes. Ik wil echter pas een uitspraak doen als ik OBJECTIEF via een gestandaardiseerde en gevalideerde test de leerstijlen van specifieke categorieën leerlingen heb kunnen meten. Over enkele weken wordt SELECTORDML gepresenteerd op deze site. Deze test is gevalideerd door de Universiteit Leiden en is verder verfijnd en geactualiseerd door dr. Jeroen Rozendaal en mijzelf. Voor de resultaten van MAINSTREAM-leerlingen die uit deze test komen kan ik instaan. In hoeverre er van getraumatiseerde en bijvoorbeeld autistische leerlingen een betrouwbaar beeld komt, kan ik in dit stadium niet zeggen.

  38. Dr. Henk Witteman:
    Ik stuur hierbij een link naar een artikel, die gaat via de nieuwsbrief van PsyQ. Het handelt over recent onderzoek van Nora Volkow e.a. Het blijkt nog steeds een raadsel wat er allemaal precies gebeurt in het brein van ADHD ers.
    Toch heeft het onderzoek nieuwe eggevens opgeleverd. IK citeer uit het artikel van PsyQ “Beperkte beloning in beeld gebracht” geschreven door Pieter Jan Carpentier:
    “Mooi is dat de resultaten bevestigden wat verwacht werd, en toch nieuwe gegevens opleverden. Een verminderde binding van beide liganden werd gevonden in de linkerhelft van de hersenen van de ADHD-patiënten, niet alleen ter hoogte van de midden-hersenen en de dopamine reward pathway, maar ook ter hoogte van de hypothalamus. Dit wijst op een verminderde beschikbaarheid van dopamine D2 en D3 receptoren en van de dopamine transporter in deze hersengebieden van ADHD-patiënten. Verder bleek de score voor aandacht op de SWAN negatief te correleren met de beschikbaarheid van de D2 en D3 receptoren; hoe lager de receptor-beschikbaarheid, hoe meer symptomen van concentratiezwakte.”
    Betekent dat dat wij op de “landbouwersscholen” “onze” leerlingen toch moeten blijven volstoppen met methylfenidaat? Of moeten we ze weer laten jagen?
    Hierbij de link naar het artikel:
    http://www.psyq.nl/Pages/Programma/kenniscentrum-adhd-bij-volwassenen/Publicaties-adhd/Nieuwsbrief-Kenniscentrum/KC-jaargang-11-nr-3-nov-2009/Beperkte-beloning-in-beeld-gebracht?

  39. Uit ervaring heb ik gemerkt dat veel leerlingen met een visueel holistische leerstijl problemen krijgen op het voortgezet onderwijs.
    Uit de bibliotheek heb ik onlangs het boek: “Ik denk in beelden, jij onderwijst in woorden” gehaald. Het is een vertaling van het Amerikaanse boek: “Right- brained chldren in a left-brained world” (geschreven door Jeffrey Freed en Laurie Parsons). In het boek staat hetzelfde beschreven wat HAVOplus (ww.havoplus.nl ) ook al geruime tijd vermoedt Er bestaat een verband tussen onze snel veranderende maatschappij (visueel, virtueel, snel en vluchtig) en de diagnose ADD. Er wordt in het boek gesproken over pseudo- ADD (een door de maatschappij ontwikkelde “stoornis”). Waar ik verbaasd over ben is dat het boek zo weinig impact heeft gehad in de Verenigde Staten. Ook in Nederland komt de boodschap niet aan! Scholen die zich openstellen voor de “cluster 4 doelgroep”, hebben geen kaas gegeten van de verschillende leerstijlen.
    Als er een school onderzoek doet naar leerstijlen wordt de “Kolb”-test, ontworpen voor de laatste doorbrkenk in de “breinwetenschap”. Ik raad mensen daarom aan om een test van deze tijd te gebruiken (zoals de Selctor DLM). Nu mijn vraag:

    Zou het niet mogelijk zijn om de afstand tussen de visueel holistisch lerende kinderen en de “landbouwers”-stijlen van de meeste scholen te overbruggen door kinderen te trainen om meer hun linker hersenhelft te gaan inschakelen? Het is volgens mij gemakkelijker om een olifant op te tillen dan om de scholen (en tevens de beweging Passend Onderwijs) te bewegen om aandacht te schenken aan de verschillende leerstijlen en vooral om er technieken, materialen e.d. bij te ontwikkelen. Daarbij blijf ik aanvullen dat ik in deze tijd alle respect heb voor leerkrachten. Van overheidswege moeten ze meer worden gesteund en meer waardering krijgen. “Flow”in de klas!

  40. Martin & Ida. Ik weet niet hoe het komt, maar vandaag komen allerlei reacties binnen op artikelen die ik in 2008 en 2009 heb geschreven. Inderdaad Martin & Ida, ik heb de neiging met optimisme te kijken naar jonge mensen. ADHD is van alle tijden. We hebben echter de neiging om onze leefomgeving te rationaliseren en mensen en dus ook leerlingen in hokjes te plaatsen. Uw 2 ADHD zonen gaan gewoon door de egostadia heen die bij pubertijd en adolescentie horen. Over een maand (okober 2010) begin ik op deze site met een serie over deze stadia. Het komt echt wel goed!

  41. Het is waar dat de theorieën rond linker- en rechterhersenhelft een vereenvoudiging van de werkelijkheid zijn. Ik zie ze als handige metaforen die niet zo maar zijn binnen komen waaien. Ze hebben namelijk een grond van waarheid. Lees eens de volgende tekst: http://www.rense.com/general2/rb.htm. Als je erop reageert zal ik mijn best doen om daarop weer een reactie te geven. Laten we er een sociaal constructivistische belevenis van maken, waar we met zijn allen beter van worden. Iedereen is uitgenodigd!

  42. Beelddenkers kun je herkennen aan diverse kenmerken, ze dromen vaak weg in de klas, kijken omhoog als ze nadenken, vertellen verhalen op hun manier zodat er voor anderen soms geen touw aan vast te knopen is, leren liever top down, dan bottum up, helaas is dat laatste op school wel altijd het geval.
    Vaak gaat het om slimme kinderen, maar ook maar al te vaak komt dat er op school niet uit. Dyslexie, adhd en dysorthografie horen allemaal bij beelddenken. Kijk maar eens op de site van Bouman Coaching. Sinds kort coach ik via zijn methode kinderen die vastlopen in het onderwijs en de resultaten zijn verbluffend! Kinderen krijgen jaren bijscholing, terwijl je ze in 7 sessies hun eigen leerstrategie kunt aanleren, waar ze hun hele leven plezier van hebben.
    Of het nou wetenschappelijk bewezen is of niet. Ik weet zeker dat ik een beelddenker ben en veel wetenschappers zijn dat niet, dus zij denken dat iedereen denkt zoals zij, maar dat is hun aanname en die is ook niet wetenschappelijk bewezen. beelddenken bestaat en de oplossing voor beelddenkers is er ook; leer leren op jouw manier, de kernvisiemethode! Het sluit naadloos aan bij het boek ik denk in beelden en jij onderwijst in woorden! Een echte aanrader! Dat beelddenken niet bestaat is een vreemde gedachte, hoe zou een kind tot 6 jaar dan moeten denken??? Zij hebben alleen maar beelden, klanken en geuren! geen letters!

  43. Lianne. Je hebt helemaal gelijk. Voor denken heb je geen taal nodig. Stel je voor. als dat wel zo was zou een doffstomme niet kunnen denken. De taal die ze gebruiken noemt de bekende taalkundige Steven Pinker MENTALEES. Het is de taal van de rechterhersenhelf. Het gewone taalvermogen ligt in de linkerfrontaalkwab.

  44. Het is toch prachtig, dat een artikel van bijna twee jaar geleden, nog steeds actueel is, terwijl vrijwel iedere wetenschappelijke benadering in zo’n zelfde tijd afbrokkelt door nieuwe inzichten. De idioterie om steeds maar dieper te willen zoeken en de basis, de kern van het probleem, niet te zien, is er de oorzaak van dat wij steeds verder van de oplossing af dreigen te geraken.
    Er is een categorie mensen, die een voorkeur hebben om met hun rechter hersenhelft te denken. Hierin zitten alle zaken, die wij nodig hebben om dingen uit te voeren. Doen! De linker hersenhelft bedient onze ratio. Hierin vindt de tekenherkenning, logica en analyses plaats. ( Hierboven eerder omschreven.) Binnen het onderwijs krijgen wij auditief volgordelijk les. Dit betekent dat de informatie (spellingsregels, tafels etc.) wordt aangedragen voor de linker hersenhelft, terwijl de voorkeur van beelddenkers ( eigenlijk combi met gevoelsdenkers) ligt bij de rechter hersenhelft. Het talent dat deze mensen hebben (zij kunnen plaatjes maken) kunnen zij aanwenden om de informatie zo te maken dat deze wordt opgenomen via de rechter hersenhelft. En wat blijkt: Zij kunnen wel automatiseren en informatie later weer gewoon oproepen.
    Er is dus zeker hoop voor de categorie ADHD, Dyslexie, ADD etc. Het schoolsysteem hoeft niet te worden aangepast, maar men moet deze categorie mensen op een andere wijze lesgeven. Maar dit zal wel weer een te simpele manier van voorstellen zijn. Dagelijks heb ik kinderen in mijn praktijk, die zichzelf in staat stellen om informatie om te zetten, zodat zij het wel op kunnen nemen en reproduceren.
    Wim Bouman http://www.kernvisiemethode.nl http://www.zziep.nl http://www.leertalent.nl

  45. Het is toch prachtig, dat een artikel van bijna twee jaar geleden, nog steeds actueel is, terwijl vrijwel iedere wetenschappelijke benadering in zo’n zelfde tijd afbrokkelt door nieuwe inzichten. De idioterie om steeds maar dieper te willen zoeken en de basis, de kern van het probleem, niet te zien, is er de oorzaak van dat wij steeds verder van de oplossing af dreigen te geraken.
    Er is een categorie mensen, die een voorkeur hebben om met hun rechter hersenhelft te denken. Hierin zitten alle zaken, die wij nodig hebben om dingen uit te voeren. Doen! De linker hersenhelft bedient onze ratio. Hierin vindt de tekenherkenning, logica en analyses plaats. ( Hierboven eerder omschreven.) Binnen het onderwijs krijgen wij auditief volgordelijk les. Dit betekent dat de informatie (spellingsregels, tafels etc.) wordt aangedragen voor de linker hersenhelft, terwijl de voorkeur van beelddenkers ( eigenlijk combi met gevoelsdenkers) ligt bij de rechter hersenhelft. Het talent dat deze mensen hebben (zij kunnen plaatjes maken) kunnen zij aanwenden om de informatie zo te maken dat deze wordt opgenomen via de rechter hersenhelft. En wat blijkt: Zij kunnen wel automatiseren en informatie later weer gewoon oproepen.
    Er is dus zeker hoop voor de categorie ADHD, Dyslexie, ADD etc. Het schoolsysteem hoeft niet te worden aangepast, maar men moet deze categorie mensen op een andere wijze lesgeven. Maar dit zal wel weer een te simpele manier van voorstellen zijn. Dagelijks heb ik kinderen in mijn praktijk, die zichzelf in staat stellen om informatie om te zetten, zodat zij het wel op kunnen nemen en reproduceren.
    Wim Bouman http://www.kernvisiemethode.nl http://www.zziep.nl http://www.leertalent.nl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerd

Advertentie

Volg OvM

0 K
volgers
0 K
volgers
0 K
likes
0 K
volgers

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor de nieuwsbrief van Onderwijs van Morgen. Dan houden we je maandelijks op de hoogte van onderwijs ontwikkelingen, trends en tips.