Thema jongerencultuur Narcistischer dan ooit

Narcistischer dan ooit
N

Onderzoek van de Universiteit van Michigan toont aan dat studenten van nu minder empatisch zijn dan studenten van vóór 2000. Zouden de grote beweringen over ‘Generation Me’ – egocentrisch, narcistisch, competitief, zelfbewust en individualistisch – dan toch waar zijn?

Bij de jaarlijkse meeting van de Amerikaanse Association for Psychological Science in mei 2010 presenteerden onderzoekers van de Universiteit van Michigan interessante uitkomsten. Zij analyseerden gegevens over de mate van empathie onder studenten over de afgelopen 30 jaar.

Empathie is de vaardigheid om je in te leven in anderen en hun emoties en drijfveren. De meeste mensen zijn wel empatisch naar vrienden en familie, maar het vergt oefening om empathie ook te practiseren buiten je ‘inner circle’. In dit onderzoek wordt de mate van empathie onderzocht met stellingen als: “I sometimes try to understand my friends better by imagining how things look from their perspective” en “I often have tender, concerned feelings for people less fortunate than me.”

Interessant is dat deze vragen al enkele decennia zijn voorgelegd, waardoor vergelijkingen in de tijd mogelijk zijn. Studenten scoren nu zo’n 40% lager op empathie dan hun leeftijdgenoten 20 of 30 jaar geleden. De onderzoekers zien verder vooral na 2000 een flinke afname in empathie.

Welke verklaringen hebben de onderzoekers zelf voor afnemende empathie? Globaal hebben ze twee hypotheses, die ze in de toekomst verder hopen uit te diepen:

Technologie
Communicatie tussen mensen vindt steeds meer plaats via technologie. Onderzoeker Konrath: “Compared to 30 years ago, the average American now is exposed to three times as much nonwork-related information.”

Met name door de opkomst van social media is het makkelijker dan ooit om online ‘vrienden’ te maken. Hierdoor zouden jongeren ook makkelijker even kunnen afhaken als ze geen zin hebben zich in andermans problemen te verdiepen. Dit afhaakgedrag zou kunnen doorwerken in de offline wereld.

Daarbij wijzen de onderzoekers ook op de afstompende werking van gewelddadige mediacontent, in games en films. Konrath: “In terms of media content, this generation of college students grew up with video games, and a growing body of research, including work done by my colleagues at Michigan, is establishing that exposure to violent media numbs people to the pain of others.”

Competitie
Als tweede verklaring noemen de onderzoekers de hypercompetitieve sfeer waarin jongeren opgroeien, met toenemende verwachtingen van succes en beroemdheid, aangewakkerd door reality shows en beroemdheden. Empathisch zijn draagt niet per se bij aan jouw eigen carrière en… kost ook tijd. Onderzoeker O’Brien: “College students today may be so busy worrying about themselves and their own issues that they don’t have time to spend empathizing with others, or at least perceive such time to be limited.”

In een podcast pleit onderzoeker O’Brien ervoor dat studenten elke dag enige tijd, al is het maar 15 tot 20 minuten, face-to-face, person-to-person communiceren.

In Nederland vraagt onderzoeker Jan Derksen aandacht voor toenemend narcisme onder jongeren. In zijn boek ‘Het narcistisch ideaal’ uit 2009 gaat hij hier verder op in. Narcisme past volgens hem in het tijdsbeeld en heeft zijn nut, maar het moet wel in balans blijven. Die balans is bij jongeren volgens hem vaak zoek: “De huidige generatie jongeren is zo kwetsbaar als een school tropische vissen in de Noordzee.”

Empathie kun je leren. Vanuit inzichten die wij hebben opgedaan over het puberbrein weten we dat tieners vaak meer moeite hebben gezichtsexpressies te ‘lezen’ en emoties van anderen te duiden. Net als bij vele andere competenties geldt dat doen-doen-doen de beste manier is om dit verder te ontwikkelen.

En u?
Wilt u na dit alles weten hoe het met uw narcisme gesteld is? Vul hier de online vragenlijst in en vergelijk je antwoorden met die van 14.000 Amerikaanse studenten. Na de uitslag kun je direct door naar deze zelfhulp site: How to increase empathy?

© Trendport, 2009

5 REACTIES

  1. Empathie wordt ontwikkeld volgens Darcia Narvaex (2008) door het persoonlijk contact met andere mensen. Surrogaat contacten via SMS, Twitter en Hyves etc, zonder voldoende intermenselijk (in het echt, dus), voorkomen dat mensen de neurale verbindingen kweken die nodig zijn voor empathie. Het is jammer, maar het is niet anders!

  2. Weet u dat wel zeker mijnheeer Witteman? Ik denk daar anders over. Ik vergelijk de hedendaagse mogelijkheden SMS, Twitter, Hyves etc. met corresponderen d.m.v. brieven met iemand die je nooit persoonlijk hebt ontmoet toen de eerste brieven werden geschreven. Daar zijn bloeiende vriendschappen uit ontstaan, Wat denkt u van vrouwen die correspondeeerde met mannen die langdurig in de gevangenis zitten of zaten. Het is toch algemeen bekend dat daar zelfs huwelijken uit voort zijn gekomen mijnheer Witteman.

  3. Beste Francine. Het is altijd goed in discussie te gaan met iemand die niet alles zo maar voetstoots aanneemt. Daarom steek ik er graag wat tijd in. Op je vraag of ik dit allemaal zeker weet, kan ik antwoorden dat ik mij steeds probeer te baseren op de beste wetenschappelijke onderzoeken. Ik heb mijn notities er nog eens op nagekeken en vond een notitie die ik indertijd heb gemaakt bij mijn artikel: http://www.onderwijsvanmorgen.nl/het-brein-in-de-21e-eeuw-2-is-de-toekomst-aan-de-jagers
    Ik citeer uit deze notitie:
    Dagelijks wordt ons brein blootgesteld aan complexe technologie. Omdat de interactie tussen brein en omgeving de vorming van nieuwe neurale netwerken tot stand bengt, moet de nieuwe technologie wel tot een evolutie leiden in de werking van het menselijk brein. De veranderingen in ons brein kunnen door de constante blootstelling permanent worden.
    Het is zelfs mogelijk dat er permanente veranderingen optreden in de wijze waarop wij ons emoties beleven en in de wijze waarop wij omgaan met onze sociale omgeving. Kunnen we bijvoorbeeld nog net zo goed lichaamstaal verstaan? Kunnnen wij nog net zo goed gezichtsuitdrukkingen lezen? Een onderzoek van de Stanford Universty toonde aan dat voor iedere contactuur via digitale technologieën we een half uuur minder steken in persoonlijke (face-to-face contacten.
    Nu al zien we dat de jonge digital natives (DN) minder vaak naar bibliotheken gaan, minder vaak kranten en tijdschriften lezen. De neurale netwerken van de DN verschillen volgens Gary Small (2008) i-Brain dramatisch van de Digital Immigrants (inclusief babyboomers). Betekende vroeger een generatiekloof vooral een verschil in inzichten in normen en waarden, nu betekent het veel eerder andere vormen van neurale netwerken die in de loop van de tijd zich door de constante blootstelling aan digitale technologieën zich bij de DN hebben gevormd.
    De DN hebben nu hun eigen digitale sociale netwerken gevormd hebben hun eigen digitale steno gecreëerd. Gaming geeft hun kansen deel te nemen aan een nieuwe uitdagende, spannende virtuele wereld. Prof. dr. Margriet Spitskoorn spreekt van het maakbare brein. Er is het lerende brein (neocortex, dat zich snel kan aanpassen. Maar er zijn ook oudere breinen (limbische systeem en hersenstam). Hier zetelen onze emoties en instincten. Als emoties niet “getraind” worden op de manier waaraan deze hardwired breinen gewend zijn, krijgen we mensen die minder empathisch zijn. Dit laat onverlet, Francine, dat er huwelijken kunnen ontstaan uit digitale contacten en dat eenzame mensen troost vinden in hun digitale contacten. Maar dit doet aan de resultaten van de onderzoeken niets af. Bedankt voor je reactie!

  4. Misschien een domme vraag: Hoe zat het met de neurale netwerken van de ouderwetse boekenwurmen?
    Zijn de digtal natives te vergelijken met “de verstrooide professor” of zien hun netwerken er meer zo uit als van de leesverslaafden aan detectives? Naar mijn gevoel moet er een verband zijn.

  5. Jard – Verschillende vormen van leven leiden tot verschillen in neurale netwerken. Het gaat hier om den plasticiteiten die Sitskoorn noemt in haar boek Het Maakbare Brein (2006). Er is de ervaringsonafhankelijke plasticiteit (genen), de ervaringsverwachte plasticiteit zoals het leren van taal en de ervaringsafhankelijke plasticiteit. De laatste plasticiteit verwijst naar de aanpassingen die ons brein bewerkstelligt bij onze eigen ervaringen met de buitenwereld. Daarom vertonen wij onderling grote verschillen. We verschillen immers genetisch en we leven allemaal verschillende levens. De ontwikkeling van het brein is dus te beïnvloeden, met andere woorden: We kunnen leren, ons ontwikkelen in de richting die wij wensen. Zo zullen de hersenen van een vioolspeler er anders uitzien dan die van een boekhouder. Dit verklaart ook de verschillen bij eeneiïge tweelingen. Genetisch zijn ze weliswaar nagenoeg gelijk, maar hun ervaringen en de contexten waarin zij zich bewegen zullen steeds meer gaan verschillen naarmate ze opgroeien.
    Wij kunnen dus overleven door ons gedrag aan te passen. We kunnen ons gedrag aanpassen door het principe van ervaringsverwachte en ervaringsafhankelijke plasticiteit.
    Daarom zullen de breinen van DN-ers andere neurale netwerken vertonen van DI-ers.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf hier je reactie
Vul hier je naam in

Meer van deze auteur

Gerelateerd

Advertisment

Meest gelezen

Top 5 online toets- en quiztools

Wil je de les meer pit geven? Of misschien extra oefeningen bieden? Met digitale toets- en quiztools kan het allemaal. Er zijn er alleen zoveel...

8x creatieve tips om tafeltjes oefenen

1 x 8= 8, 2 x 8 = 16, 3 x 8 = 24 en ga zo maar verder. Het eindeloos oefenen van tafeltjes...

5x leuke taalspelletjes

Actief en spelenderwijs met taal bezig zijn draagt bij aan de motivatie van leerlingen om te leren. Het loont dan ook om naast de...