Home Artikelen

Uitleg van docent komt niet aan bij leerlingen

trends | vrijdag 17 december 2010, 20:51
geletterdheid2


Kent u de term ‘instabiel molecuul’? Uw leerlingen kennen en begrijpen het woord ‘instabiel’ en het woord ‘molecuul’ waarschijnlijk wel, maar dat betekent niet dat ze de complete term ook kunnen doorgronden.

 

 

 

Peter Broeder en Mia Stokmans, wetenschappers verbonden aan het Departement Cultuurstudies aan de Universiteit van Tilburg, hebben onderzoek gedaan naar de geletterdheidproblemen van leerlingen. Peter Broeder: “De problemen zijn  zeer zorgelijk, en doen zich niet alleen voor bij het vak Nederlands, maar ook bij exacte vakken als scheikunde”.

Schooltaal
Docenten gebruiken een academische taal (of ‘schooltaal’) in de les die leerlingen niet begrijpen. Mia Stokmans: “Dit komt doordat docenten een bepaald geletterdheidniveau van hun leerlingen verwachten, waar de leerlingen in de praktijk ver onder scoren”. Het probleem is het grootst op basisscholen en op de onderbouw van het voortgezet onderwijs, en doet zich vooral voor bij meertalige klassen (een klas waarvan meer dan de helft van de leerlingen het Nederlands niet als moedertaal heeft). “Maar”, licht Stokmans toe, “bij eentalige klassen zijn de problemen ook in serieuze mate aanwezig”.  

Straattaal
Het probleem is hardnekkig en kan niet worden opgelost door als docent het taalgebruik aan te passen aan dat van de leerlingen. “Je moet in het onderwijs nou eenmaal academisch taalgebruik hanteren om exacter aan te kunnen duiden hoe iets werkt of wat er moet gebeuren”, legt Stokmans uit. “En als docenten het niveau van de les gemakkelijker maken, beperkt dat leerlingen ook in het bereiken van een hoger niveau.”

Europees kerncurriculum
Het onderzoek is onderdeel van een groter Europees onderzoek, dat als doel heeft een Europees kerncurriculum voor lerarenopleidingen op te stellen. Hiervoor moest ook gekeken worden naar huidige opleidingen en nascholingen. Besteden zij genoeg aandacht aan de problemen in meertalige klassen? Stokmans: “Lerarenopleidingen scoren volgens docenten hierop gemiddeld een 1,7. Een zorgwekkende score, als je bedenkt dat de maximale score 5 is”. Daarnaast is uit het onderzoek gebleken dat de problemen in een meertalige klas niet minder worden als een docent veel ervaring heeft met het lesgeven aan multiculturele klassen of als hij of zij een nascholingscursus heeft gevolgd. 

Wat nu?
Maar heeft nascholing dan helemaal geen zin? De onderzoekers vinden die conclusie iets te voorbarig. Zij vinden dat nascholing wel helpt, maar alleen als alle docenten van een school de cursus volgen. “De geletterdheidvaardigheden van de leerlingen gaan alleen dan omhoog als ze in verschillende vakgebieden worden toegepast, en niet alleen in het vak Nederlands.”  Deze schoolbrede aanpak kan vervolgens doorgezet worden in een klankbordgroep, waarin docenten met elkaar kunnen praten over didactiek en over de problemen die ze ervaren. Daarnaast kunnen docenten diversiteit ook inztten als middel om lesstof te verduidelijken. Een Turkse jongen die goed Nederlands spreekt, kan een moeilijk Nederlands begrip bijvoorbeeld in het Turks uitleggen aan zijn Turkse vriendje.

Schrijfwijzer Taal
Voor vakdocenten en onderwijsmethoden is het van belang onderscheid te maken in taalniveau van instructies, leerteksten en bronteksten (bijv. artikelen of leesteksten). Omdat het taalgebruik de kennis en begrip van de inhoud niet in de weg mag staan heeft Malmberg samen met BureauTaal een Schrijfwijzer Taal voor auteurs ontwikkeld. Hierin staan algemene taalniveau-adviezen, maar ook adviezen per tekstsoort en voor elk taalniveau. De taalniveaus zijn gebaseerd op de niveaus van het Referentiekader Taal.

Renske Pepping (stuur een e-mail) Stuur dit artikel door | 18981 keer gelezen

img img img img

Geef uw reactie REACTIES (15 totaal) Alle reacties...

G - Ik wil zo vrij zijn op deze discussie over het constructivisme in te haken. Het verbaast me in dit kader veel begrippen gebruikt worden die met elkaar te maken hebben maar verschillende betekenissen hebben. Zoals 'waarheid', 'kennis' en 'begrip'. Over precieze definities wordt al eeuwenlang gefilosofeerd en ik denk dat gesteld kan worden dat deze niet dezelfde betekenis hebben. Maar door ze door elkaar te gebruiken wordt de discussie troebel. Als de verschillende begrippen niet dezelfde betekenis hebben dan is het antwoord op de vraag "is waarheid subjectief?" niet van toepassing op de vraag of kennis subjectief is. Zo ontstaat verwarring rondom onderwijskundige theorieën die mij eerder voorkomen als een rookgordijn t.b.v. een vooringenomen agenda dan een gedegen wetenschappelijke theorie. Ik ga dan twijfelen aan het wetenschappelijkheid gehalte van een sociaal-constructivistische theorie. Wat betreft objectieve kennis, ik denk dan aan Popper: een theorie is waar totdat het tegendeel bewezen is. Daartoe dient een theorie wel falsificeerbaar te zijn. Wellicht kunt ook antwoord geven op de vraag of sociaal-constructivisme en elke andere onderwijskundige theorieën falsificeerbaar zijn? Zo ja, hoe? G.

Dr. Henk Witteman - Dr. Mark Roberts. Goed een wetenschappper te ontmoeten bij deze discussie. Als er een discussie ontstaat over het constructivisme, wil ik altijd graag weten vanuit welke visie mijn geachte opponent redeneert. Ik heb uw naam daarom opgezocht op het internet en kwam u (of iemand van uw naam) tegen als een gerespecteerd dominee of pastor uit Texas. Als dit klopt wil ik u op de eerste plaats vanuit de filosofie tegemoet treden. Hier komt mijn reactie: De constructivistische leertheorie gaat ervan uit dat mensen zelf betekenis verlenen een gebeurtenissen, ideeën, leerstof. Volgens deze theorie is kennis overdragen niet mogelijk, omdat ieder mens een andere voorgeschiedenis, voorkennis heeft en nieuwe informatie vaak kleurt vanuit deze voorkennis. Het menselijk brein bestaat immers uit neurale netwerken, waarin alle kennis is opgeslagen en geen netwerk is gelijk. Binnen dit netwerk vinden bewuste en onbewuste processen plaats. Een bekend voorbeeld is :klassieke conditionering (hondje van Pavlov). Casus : de man met het rode haar. Roline loopt op haar gemak door de stad. Zijkijkt in de etalages van welvoorziene winkels. Zij geniet, want het is ook nog een mooie zomerdag. Plotseling krijgt zij een man met opvallend rood haar in het vizier. Deze loopt op haar af en grijpt haar handtasje. Roline is te beduusd om te reageren. Twee weken later ziet zij weer een man met rood haar. Het angstzweet breekt haar uit. Het zien van die roodharige man voegt een extra element toe vanuit haar emotionele centra. Haar vriendin, Simone, die naast haar loopt, heeft deze ervaring niet. Zij wordt niet angstig omdat zij deze voorkennis niet heeft. Het constructivisme gaat er dan ook van uit dat kennis subjectief is. Er is eigenlijk geen objectieve waarheid. Objectieve waarheid vind je wel in exacte wetenschappen. Als iemand zegt dat de kortste afstand tussen twee punten een rechte lijn is, dan is dat waar. Het is meetbaar en kan gefalsifieerd worden. Maar als een Moslim zegt dat Allah groot is, dan is dit een subjectieve waarheid, ook al wordt deze gedeeld door een miljard mensen. Want velen zullen het niet met deze Moslim eens zijn. Ik kom regelmatig reformatorische christenen tegen die het constructivisme afwijzen. Want aanvaarding van het constructivisme betekent ook aanvaarding van het subjectivisme. Zij geloven dat het Woord van God in de Bijbel objectief waar is. Dat deze redenatie voor veel mensen niet klopt blijkt wel uit de vele godsdienstoorlogen die er zijn geweest en nog zijn. Het Woord van God blijkt hoe dan ook multi-interpretabel te zijn. Ik heb als taalkundige in diverse examencommissies gezeten die het werk van kandidaten moesten beoordelen. Ook hier kwamen grote verschillen voor, zowel bij de kandidaten als bij de examinatoren. Het was niet ongewoon als de ene examinator een essay beoordeelde met een 4 en een andere even gekwlalificeerde examinator hetzelfde essay beloonde met een 8. Over subjectiviteit gesproken! Zolang we het gebrekkige element van taal gebruiken, zullen we genoegen moeten nemen met subjectieve waarheden. Wie vindt dat alleen zijn waarheid telt , lijdt een hybris! Als u wenst te reageren, dan graag via mijn artikel www.onderwijsvanmorgen.nl/meer-over-het-brein-hoe-komt-kennis-tot-stand

dr. Henk Witteman - Jan. Ik ben het met je eens dat deze discussie het onderwerp van dit artikel wat overstijgt. Het is eigenlijk mijn schuld, omdat ik een controversiële stelling heb geponeerd vanuit mijn proefschrift. Dit heeft reacties veroorzaakt vanuit verschillende hoeken. De vraag waar het hier om gaat is gericht op de validiteit van het constructivistisch denken. Het zou beter bij een ander artikel passen: www.onderwijsvanmorgen.nl/meer-over-het-brein-hoe-komt-kennis-tot-stand. Ik zal bij dit artikel nog één reactie schrijven op de bijdrage van dr. Mark Roberts. Daarna zal ik de discussie verplaatsen naar het genoemde artikel. Bedankt Jan, voor je correctieve bijdrage.

jan - Een boeiende discussie, maar het verbaast me dat die plaats vindt bij dit artikel, waarvan de essentie toch is dat veel taal in scholen (in meertalige klassen) niet aankomt bij de leerlingen. Taal is uitermate geschikt om te oefenen in een sociale context, lijkt me! Als taal niet aankomt, omdat de leerkrachten te academische taal gebruiken (NB in de basisschool, las ik), dan moeten de leerkrachten beter hun best doen om de leerlingen met andere taal wel te bereiken en anders een "pak voor hun broek krijgen". Daar hoef je toch geen speciale training voor te volgen, lijkt me. Daar kun je zelf wat aan doen! Maar als de leerlingen de taal zelf nog niet goed beheersen en daardoor de leerkracht niet begrijpen, dan moet er toch eerst iets aan dat taalniveau gebeuren. Zouden we ondertussen beter met deze leerlingen kunnen oefenen (met andere vakken dan met taalverwerving) door een visuele aanpak, filmpjes e.d. Daar help je tegelijkertijd ook veel leerlingen mee die de Nederlandse taal wel goed beheersen.

dr. Henk Witteman - Paul Dirac - Hartelijk dank, want het is een spijker op de kop van deze discussie. Ik hoop dat veel lezers deze volgen, want op deze manier kunnen we onze lezers helpen op constructivistische wijze tot inzchten te brengen en dus ook te begrijpen het paradigma van het (sociaal) constructivisme inhoudt. U spreekt over een objectieve waarheid in de exacte vakken. Inderdaad, want deze is meetbaar. En deze kan verkregen worden door pen en papier en soms zelfs door kennisoverdracht en niet te vergeten door (erkende vormen vanonderzoek. Hier is samen leren dus niet altijd nodig. Toch beweer ik dat leerlingen pas echt gaan begrijpen als zij er over gaan nadenken. En wat is nadenken anders dat "innerer Monolog", oftewel "internal monologue", of zoals Wikipedia dit formuleert as inner voice, internal speech, or stream of consciousness, thinking in words. It also refers to the semi-constant internal monologue one has with oneself at a conscious or semi-conscious level. Leerlingen construeren dus hun kennis pas na REFLECTIE, door voorkennis op te halen, andere bronnen te raadplegen, bewijzen te verzamelen. Hier ligt ook het verschil tussen weten en geloven. Tot weten kan men komen door hard, onweerlegbaar wetenschappelijk bewijs. Bij geloven spreekt met van overtuigingen die niet falsieerbaar zijn, dus niet objectief te meten. Als Moslims zeggen dat Allah groot is, kan ik dit niet objectief toetsen. Als een wiskundige zegt dat de kortste afstand tussen twee punten, een rechte lijn is, kan ik dit wel toetsen en kan ik zeggen dat dit objectief waar is. Dus als leerlingen worstelen met leerstof, ondehandelen zij, met hun leraar, met medeleerlingen en met zichzelf. Het voordeel van het leren in groepen is dat er meer perspectieven kunnen worden geboden. Door deze perspectieven te bindelen leert met ACTIEF en ontstaan er nieuwe neurale netwerken zoals we inmiddels uit de breinwetenschappen weten.

Paul Dirac - @Witteman. “Leren wordt opgevat als het onderhandelen over (individuele) betekenissen.“ Ik ben er altijd van uitgegaan dat rekenen, wiskunde en natuurkunde objectief zijn. Wiskundige en natuurkundige begrippen/formules/wetten/theorieën zijn waarheden, waar niet over onderhandeld kan worden. Dus alle leerlingen zullen er uiteindelijk dezelfde betekenis aan moeten toekennen, tenzij ze het niet gesnapt of verkeerd begrepen hebben. Kennis construeren kan ik in dit geval niet anders zien dan met pen en papier/diep nadenken/vragen/terugzoeken etc. proberen om begrippen helder te krijgen en zo tot diezelfde betekenis te komen. Het is onjuist dat je alleen maar kennis kunt verwerven door samen te leren. Men kan heel wat kennis opdoen door helemaal alleen een boek door te werken.

Corinne - Dank aan Else Verwoerd! Ik vermoed al jaren dat mijn dochter dyslectisch is doordat ze in het Montessori-onderwijs eindeloos zelf heeft moeten aanmodderen met letters en zinnen en teksten. Haar leesgedrag zit vol misconcepten die er eigenlijk nauwelijks meer uit te krijgen zijn en waar ze nu enorme hinder van ondervindt in het voortgezet onderwijs, ondanks een hoge intelligentie. Ik wil het klassikaal leren lezen terug! Luisteren naar uitleg, allemaal samen nadoen. Een hele klas in koor doet wonderen met misconcepten.

dr. Henk Witteman - Else Verwoerd. Prachtige bijdrage, uit het hart en uit de praktijk gegrepen. Ik denk dat als we met elkaar in gesprek zouden zijn, dat we het gemakkelijk met elkaar eens zouden zijn. Het interessante en ook intrigerende aspect van taal is dat woorden bij diverse mensen diverse beelden oproepen. Taal is uitermate subjectief. Je kunt alleen tot een beperkte mate van objectiviteit komen als je kennis deelt. Ik kom hierop terug als ik antwoord geef op de reactie van Dr. Mark Roberts. Maar dat moet helaas enkele dagen wachten.

Else Verwoerd - Helaas maken sommige onderwijskundigen van de metafoor 'kennisoverdracht' een karikatuur, om deze goedkope karikatuur dan gemakzuchtig te kunnen bestrijden. Als ik mijn klas de persoonsvorm uitleg, heb ik helemaal niet de illusie dat ik 'mijn kennis in de hoofden van de leerlingen overplant', zoals de heer Witteman leraren in de schoenen schuift. Ik heb ook niet de illusie dat ik mijn kennis 'overdraag' als ware het een virus of een neurale electromagnetische of radiografische activiteit. Wel heb ik het tot op heden vrij succesvolle idee dat door mijn woorden, gebaren en wellicht geschrijf op het schoolbord de leerlingen aan het denken slaan, en daarna wellicht tot weten en kunnen komen. Natuurlijk bestaan er individuele verschillen, in voorkennis, denkvermogen en, als je het zo wilt noemen, leerstijlen. Een beetje docent weet daar rekening mee te houden, zo goed en kwaad als de lespraktijk dat toelaat (qua tijdsduur, klassengrootte etc.). Een leerling die het in een minuut snapt, boft en kan zich a) gaan zitten vervelen of b) aan de slag of c) nog even doorluisteren om te zien of zijn begrip echt klopt. Een leerling die langer dan een kwartier nodig heeft om de persoonsvorm te begrijpen, is niet langer op klassikale uitleg aangewezen maar komt wellicht verder door d) met klasgenootjes samen opdrachten te maken of e) extra individuele uitleg door leerkracht of klassenassistent. Met een kwartier uitleg heb je zo de bulk van de leerlingen bereikt, en dat is het beste dat je kunt realiseren. In de volgende les gaan we dat - sorry, beste onderwijskundigen - dan *herhalen*. Niet harder, meneer Witteman, maar wel herhalen, waar nodig gevarieerd en in nauw contact met wat de leerlingen zeggen en denken. Leerlingen blij, want ze kunnen ofwel hun kennis etaleren, ofwel worden geholpen met zaken die ze nog niet goed begrepen hadden en waar ze nu hulp bij krijgen met herhaalde of andere uitleg. Mooi vak hoor, lesgeven. Niet voor niks zijn leerlingen dol op meesters en juffen die goed kunnen uitleggen. Die attitude is niet in hun hoofd geplant, ze hebben 'm zelf ontwikkeld - en dat moet u toch deugd doen. Je kunt dat kwartier uitleg ook anders besteden, en dat is wat nogal wat sociaal-constructivististen onder de onderwijskundigen (dat zijn ze lang niet allemaal, hoor, al suggereert de heer Witteman dat) bepleiten. Dan mag de leerling niet naar centrale uitleg luisteren (want hoe beter de uitleg, hoe minder de leerling het snapt), maar hij moet zelf 'aan de slag' met zelfontdekkende opdrachten en gezellig samen kouten met klasgenoten over z'n taakjes. Meneer Witteman wil het misschien niet geloven, maar hier scheiden zich de wegen van de effectieve en efficiënte leerkrachten en die van de sociaal-constructivisten. Want al dat gezelfontdek en al die leuke 'oriëntatieopdrachten' blijkt tot tijdverspilling te leiden, tot het ontstaan van talloze misconcepties die later weer moeten worden afgeleerd en vervangen door betere concepties, en tot stuurloos gedrag tijdens dat klassikale 'zelf werken'. Om met uw prefrontale cortex te spreken: veel leerlingen werken graag stuurloos, wellicht omdat dat een prettig gevoel van vrijheid oproept en omdat hun neuronen dat volgens u dicteren. Laten onderwijskundigen vooral met elkaar kouten over hoe centrale uitleg toch zo'n zinloze bezigheid is die arme kindertjes met arme leerstijlen tekortdoet, intussen gaan echte leraren goddank hun eigen gang, slaan hun eigen non-evidence based maar wel behoorlijk practice-based didactische maat, en zorgen er voor dat de meeste kinderen tenminste nog weten wat een persoonsvorm is voordat ze naar de brugklas gaan, in plaats van dat ze het allemaal half of niet hebben zelfontdekt. Er zijn nogal wat mensen die ooit in het onderwijs begonnen zijn en zich later hebben ontpopt tot onderwijskundige, en daarbij al of niet 'consultant' die modieuze ideeën 'gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek' uitventen. Het omgekeerde zie je bijna nooit: de onderwijskundige die een succesvolle vervolgcarrière voor de klas heeft, waarbij de ideeën stand blijken te houden. Hoe zou dat nou toch komen?

Dr Mark Roberts - @Henk Witteman Wat u schrijft ('In de onderwijswetenschappen wordt nu algemeen aangenomen dat kennis overdragen eigenlijk niet kan') is gewoon niet waar. Zie bijvoorbeeld de kritiek van Kirschner-Sweller-Clark (2006) en Anderson-Reder-Simon (2000).

dr. Henk Witteman - Marten Hoffman. In de onderwijswetenschappen wordt nu algemeen aangenomen dat kennis overdragen eigenlijk niet kan. De opvatting is dat kennis bij ieder mens geïntegreerd is in zijn of haar unieke neurale netwerken en dat alleen de leerling zelf deze kennis kan integreren. Kennis die wordt overgedragen wordt niet geïntegreerd, maar op een willekeurige plaats in het brein opgeslagen. Deze kennis wordt alleen actief als er rechtstreeks naar wordt gevraagd (bijvoorbeeld bij een toets). In de sociaal-constructivistische leertheorie wordt ervan uitgegaan dat leerlingen hun eigen kennis tot stand brengen (construeren) en in het bijzonder door het communiceren met anderen. Het is dus niet de leraar die zijn kennis in de hoofden van de kinderen overplant, zoals vaak in schoolklassen wordt gesuggereerd, maar de kinderen doen het zelf. Binnen het sociaal-constructivisme zijn met elkaar leren en samen leren met de leraar wezenlijke elementen bij het construeren en verwerven van kennis. Leren wordt opgevat als het onderhandelen over (individuele) betekenissen; het leren is een sociale activiteit met onder andere als doel samen proberen te reconstrueren hoe een idee ontstond. Een en ander heeft tot gevolg dat het van belang is met elkaar af te spreken hoe er bijvoorbeeld over wiskundige problemen wordt gesproken. In de literatuur wordt naast sociaal-constructivisme ook wel van socio-constructivisme gesproken. In het algemeen wordt hiermee ongeveer hetzelfde bedoeld.

Marten Hoffmann - @Henk Witteman: in uw antwoord aan Marja lijkt u aan te nemen dat zij slechts één manier van uitleggen kent en zij bij onbegrip van de leerling de uitleg identiek herhaalt, maar dan harder. Misschien geldt dat voor uzelf, maar een beetje docent kent meerdere manieren om iets uit te leggen, wetende dat niet elke leerling dezelfde uitleg kan begrijpen. De vraag blijft dus: waarom begrijpt een leerling volgens u minder naarmate de leraar duidelijker uitlegt?

dr. Henk Witteman - Marja. Misschien kun je je de volgende casus voorstelllen. Het is een casus die ik meestal voordraag tijdens een presentatie. Stel op een dinsdagmorgen ga je naar school en je hebt er zin in. kun je je dat voorstellen? Meestal zie ik dan leraren knikken. Dinsdag het 2e uur ga je naar klas 4Hc. De les begint. Je bent in vorm. Je schrijft prachtige schema's op het bord. Duidelijker, vind je kan gewoon niet. Aan het eind kijk je bijna triomfantelijk de klas in. Plotseling steekt een leerling haar vinger op. Mevrouw, ik snap het niet. Je bent teleurgesteld. Maar goed je doet wat van je verwacht wordt. Je legt alles nog eens uit. Met dezelfde woorden, ALLEEN HARDER. Wat is hier aan de hand? Heb je de stof niet goed uitgelegd? Ja, toch wel, maar het betreft hier een verschil in leerstijlen. Misschien is de leerling een linkerhersenhelft denker en ben jij iemand die vooral de rechterhersenhelft gebruikt. De leerling is een pietje precies (linkerhersenhelft) en jij denkt langs de grote lijn (rechterhersenhelft) Met andere woorden de leerling denkt van klein naar groot en jij van groot naar klein. En daar zitten nog allelei varianten tussen. Ik durf dan ook te stellen dat slechts 25% van de leerlingen de uitleg van de leraar begrijpt. De anderen zullen langs andere wegen (huiswerk, opdracht, samenwerken) zich de leerstof eigen moeten maken.

Marja, docente Frans - Hr. Witteman. "dus hoe duidelijker ik uitleg, hoe minder de leerlingen mij begrijpen". Ik lees, meestal met instemming, uw artikelen, maar dit begrijp ik niet. Kunt u dit eens nader verklaren? Niet te duidelijk natuurlijk, anders begrijp ik het misschien niet.

Dr. Henk Witteman - Het is nog erger. Eén van de stellingen bij mijn proefschrift was: "Hoe duidelijke de leraar uitlegt, hoe minder de leerling begrïjpt"!

REAGEER

img
boekenkast 01Groot2

Widget Title

LAATSTE 3 REACTIES

Jaap Bleekveld Student leraar wiskunde - Het benoemen van een ideale les in 6 + toets 7 vind ik zeer oppervlakkig.... 
Lees verder  arrow

c.dejong@noordik.nl - Dag allemaal, in mijn bovenbouwlessen maak ik gebruik van de tedtalks van Hans Rosling. Mijn favoriete... 
Lees verder  arrow

F.Leune - Ik wil het boek graag bestellen. Fred Leune R.S.G. Pantarijn Rhenen fleune@pantarijn.nl 
Lees verder  arrow

Widget Title

MEEST GELEZEN ARTIKELEN
Google’s elektronische leeromgeving: Google Classroom
Google lanceerde onlangs een nieuwe, gratis onderwijstool: Google Classroom. Het is een cloud-based
Lees verder arrow
Nationaal Congres: Toetsen om te leren
We toetsen veel in het onderwijs. Te veel? In ieder geval doen we te weinig met de uitkomsten van to
Lees verder arrow
De 5 meest populaire TED-Ed lessen
TED-Ed, het educatieve platform van TED, bestaat inmiddels al een aantal jaar. Met dit platform spee
Lees verder arrow

Widget Title

STEM MEE Bekijk resultaat img
Waar denkt u aan bij het onderwerp adaptief digitaal leren?
Gepersonaliseerd leren
Leren op maat
Device onafhankelijk leren
Opbrengstgericht leren
Geen van allen
Waar denkt u aan bij het onderwerp adaptief digitaal leren?
Gepersonaliseerd leren
 
31%
Leren op maat
 
46%
Device onafhankelijk leren
 
5%
Opbrengstgericht leren
 
5%
Geen van allen
 
12%

Widget Title

VIDEO VAN DE WEEK

TED-Ed: Heel veel korte filmpjes en volop inspiratie als voorbereiding op het nieuwe schooljaar.