In een eerder artikel hebben we kennisgemaakt met leerlingen die graag visueel kennis tot zich nemen. Je kunt ze gemakkelijk herkennen. Ze zitten rustig een boek te lezen en ... hun lippen bewegen niet. Ze houden ook niet zo van traditionele lessen waar leraren de kennis mondeling overdragen zoals in het filmpje.
Auditieve stijl
Er zijn ook leerlingen die het gemakkelijkste leren als ze gebruik kunnen maken van hun auditieve cortex. Ook deze leerlingen zijn gemakkelijk te herkennen. Bijvoorbeeld als ze rustig uit een boek aan het leren zijn. Ze bewegen dan hun lippen en fluisteren de woorden die ze in zich opnemen. De klanken die zij horen worden herkend door hun auditieve geheugen. Eerst komen ze in hun kortetermijngeheugen. Deze stuurt de woorden door naar het werkgeheugen. Hier worden ze bewerkt. Dit betekent dat er betekenis aan wordt verleend. Dat is weer belangrijk voor de opslag in het langetermijngeheugen. Bij dit proces speelt de hippocampus een belangrijke rol. Mogelijk is de lesstof leuk of interessant. Dan wordt de amygdala ingeschakeld. De amygdala heeft de bijzondere eigenschap dat het emoties opslaat en daarmee de hipppocampus ondersteunt.
Verhalen vertellen
We kennen allemaal nog docenten uit onze jeugd die prachtige verhalen konden vertellen. Zo had ik een docent geschiedenis op mijn oude HBS in Leiden. Deze kon geweldig vertellen. Ik zie nog Hannibal over de Alpen trekken en ik hoor nog de Romeinen roepen: “Hannibal ante portas”! – Hannibal staat voor de poort! Ik was er voor mijn gevoel zelf bij! Deze docent was in staat mijn amygdala bij zijn lessen aan het werk te zetten.
Deze leraren zijn zeldzaam, maar als ze er zijn: geef ze de ruimte. Zij brengen kleur in een docentencorps. Zij hebben een zeldzaam talent, want zij brengen woorden tot leven.
Links en rechts
Er is wel een verschil met het visuele geheugen. Het visuele geheugen is veel sneller. Dat komt omdat dit geheugen gebruik maakt van de rechterhersenhelft en in staat is grote stukken informatie tegelijkertijd te verwerken.
De audtieve cortex werkt met taal. Taal werkt sequentieel. Dat gaat veel trager, maar wel degelijker. Ik zal u een voorbeeld geven. Stel u bent een rechterhersenhelft denker. U bent in gesprek met een typische linkerhersenhelft denker. Deze vertelt u een verhaal, sequentieel, woord voor woord. Uw snelle rechterhersenhelft wordt ongeduldig. U weet al lang wat de ander wil zeggen. U begint al te reageren voordat hij zijn zegje heeft gezegd. Hij kijkt verstoord op, hij wil namelijk eerst even uitpraten voordat u mag reageren.
Auditief-interactieve stijl en autisme
Het is niet verwonderlijk dat mensen die gericht zijn op taal ook gericht zijn op interactie. Taal heeft immers een krachtige sociale component. De meeste talige mensen zullen dan ook graag willen leren van en met elkaar.
Hier ligt dan ook weer een probleem van autistische leerlingen. Zij kunnen soms best wel beschikken over de nodige taalvaardigheid, maar deze werkt vaak anders dan bij gewone leerlingen. Bij hen komt het verschijnsel echolalie vaak voor: het letterlijk herhalen van woorden en zinnen zonder ze echt te begrijpen. Slimme autistische kinderen zijn in staat in de loop der jaren grote stukken tekst op te slaan en ze op een gegeven moment ook op een juiste manier te gebruiken.
Ik nodig lezers graag uit op deze problematiek van autistische leerlingen te reageren en hun ervarigen met ons te delen.
dr. henk witteman - Pieter Thewissen, Josine. Door Pieter is een interessant probleem aangesneden. Ik ben in de literatuur gedoken en constateer met Josine dat dit een delicaat onderwerp is. Het ligt duidelijk politiek gevoelig. Dit weerhoudt mij er niet van om inspanningen te verrichten om de waarheid boven tafel te krijgen. Het is waar dat mensen en groepen van mensen op onderdelen kleine genetische verschillen vertonen. Huiskleur wordt bijvoorbeeld veroorzaakt door een gen. Als blanke Europeaan kan ik nooit zo mooi donker gekleurd worden als mijn vele vrienden in Suriname al lig in nog zo lang in de zon. En het is zonder meer waar dat zwarten gemiddeld harder kunnen lopen dan bkanke Europeanen en Amerikanen, zoals Josine zegt. Uit vele jaren ervaring met kleine gesloten inheemse gemeenschappen in het Amazone gebied, weet ik dat kinderen van neven en nichten (inteelt) aanzienlijk meer geestelijk gehandicapt zijn. Ik weet echter niet of dit op lange termijn doorwerkt in het nageslacht. Maar ook in deze gemeenschappen kwam ik heel slimme mensen tegen met goed lerende kinderen. Kortom dit vergt veel studie en onderzoek. Wat mij betreft sluit ik dan ook deze discussie. En wat de Chinezen betreft: Ik heb zelf een Chinese schoondochter. Wat ik van dichtbij constateer is dat Chinezen hardwerkende, onvermoeibare mensen zijn, die elkaar bovendien altijd helpen. Je vindt ze bijvoorbeeld slechts zelden in de Bijstand. Maar dit is cultuur, moet ik aannemen.
Josine - Pieter Ik vind dit een moeilijk onderwerp. Ik wil ook niet in een precaire discussie terecht komen. Ik geloof niet dat mensen genetisch gelijk zijn. Ik zie bijvoorbeeld dat lopers uit Kenya harder lopen dan Europeanen. Hetzelfde geldt voor zwarte sprinters op de korte afstanden. Amerikanen en Euopeanen hebben tegen hen geen schijn van kans, tenzij ze zwart zijn. En dat komit niet door de kleur. Dat moet genetisch zijn, toch? Waarom Chinese kinderen het zo goed doen op school? Ik kan het niet zeggen. . Cultuur misschien?
Pieter Theuwissen - Ik heb een vraag waar ik al lang mee loop. Het betreft de resultaten van allochtone kinderen vergeleken met Nederlandse leerlingen. Ik kan me voorstellen dat allochtone leerlingen vanwege taalachterstand minder goed scoren. Maar dat is niet het geval bij Chinese kinderen. Hoe kan dat? Hetzelfde geldt voor Chinese kinderen in de VS. Ook daar scoren deze kinderen beter dan de autochtone Engelstalige kinderen, Wie heeft daar een verklaring voor? Het kan toch niet genetisch zijn? We zijn toch allemaal gelijk?
dr. Henk Witteman - Ik heb nog even nagedacht over het probleem van de teruggang van enkele Nederlandse Universiteiten en de uitzending van Eén Vandaag over het HBO, zie voorafgaande reactie met link naar de uitzending. Er zijn twee ontwikkelingen te zien in het Nederlandse onderwijs over de laatste 30 jaar. De eerste ojntwikkeling: Eind jaren '60 kwam de roep om het VO te democratiseren. Hiermee werd bedoeld de toenmalige HBS en Gymnasium toegankelijker te maken voor de brede massa van het publiek. Ik weet nog dat omstreeks 1960 slechts 5,4% van de kinderen naar deze zwaardere vormen van Voorgezet Onderwijs gingen. Deze opleidingen waren niet gemakkelijk en ik faalde dan ook aanvankelijk. Als je uit een eenvoudig gezien kwam zoals ik had je bijna geen kans. Ik heb toen na mijn militaire dienst via avondstudie mijn staatsexamen HBS A gehaald. Deze examens werd afgenomen door leraren die jou niet mochten kennen! Zij zouden eens bevooroordeeld kunnen zijn! Voor deze staatsexamens slaagden ca 40% van de kandidaten. Het was echter geen gymnasium opleiding, ik wilde Engelse Taal- en Letterkunde gaan studeren maar ik had geen Latijn in mijn vakkenpakket. Dat bestond toen niet op de HBS. Ik kon dus niet worden toegelaten tot een Universitaire opleiding. Wel kon ik een opleiding voorgen voor de staatsexamens MO A en MOB. Voor de examens MO A slaagden destijds jaarlijks 20% van de kandidaten en voor MO B slechts10%. Er was dus een uiterst strenge selectie! Als je MO A had mocht je lesgeven in de eerste 3 jaar van het VO, voor de hoogste klassen moest je MO B hebben.Bij elkaar kostte dat 6 tot 7 jaar. Je kon ook naar een Universiteit als je Gymnasium had. Daar duurde de opleiding ongeveer 6 jaar. Met MO B mocht je ook naar de universiteit en daar heb ik dan ook later nog doctoraal gehaald. Ik zeg niet dat dit goed was, maar het kennisniveau was destijds beslist hoger dan nu. Dit gold echter niet voor de pedagogische aantekening, want die stelde toen niets voor.Van de leraren wordt nu minder vakkennis gevraagd, maar meer inzicht in pedagogiek en didactiek. En ook dat s terecht. Maar..., hier zit een maar aan. Omdat de huidige docenten gemiddeld minder wetenschappelijk zijn ingesteld, worden leerlingen van HAVO/VWO ook minder wetenschappelijk opgeleid. Daarom lukt het zo'n groot percentage van HBO en academische studenten niet het eerste jaar door te komen. Zij zijn minder goed voorbereid op het denkniveau dat van hen wordt verwacht. Is er een oplossing? Ik denk het wel. Het zou niet goed zijn sterkere selectiemechanismen in te voeren, want het is erg belangrijk dat onze bevolking gemiddeld zo hoog mogelijk is opgeleid. Daarom zou een soort Amerikaans model kunnen worden overwogen. De ene HBO instelling stelt hogere eisen aan zijn studenten dan de andere. Dit wordt bekend in de maatschappij. Excellente studenten gaan dan naar de HBO's en Universiteiten die de hoogste eisen stellen, gemiddelde studenten gaan dan naar HBO's en Universiteit met een meer gemiddelde kwaliteit of zelfs een lagere kwaliteit. Dan zeg je niet langer ik heb een MA, maar ik heb een MA van Universiteit X of van HBO Y. Dan kan iedereen een niveau bereiken die bij zijn of haar mogelijkheden past. Want bedenk dat intelligentie ook een genetische component bevat en deze bepaalt de grens van ons kunnen.
Henk - Jan, Bas, Joop, Margo. Onlangs las ik dat twee Nederlandse Universiteiten internationaal een lagere ranking kregen. Gisteravond zag ik een uitzending van Eén Vandaag over het HBO. Wisten jullie dat de HELFT !! van de HBO-docenten TE LAAG zijn opgeleid? Dat 40% van de studenten al na EEN JAAR AFHAKEN? Mieer dan de helft van de docenten heeft niet eens een HBO Masters. Het streven is dit voor 2015 aanzienlijk te verbetereen en er naar te streven dat 10% van de docenten een doctorstitel heft. Maar zoals een vertegenwoordiger van de LSVB (landelijke studenten vakbond )zegt: "dat is een illusie, er is simpelweg geen geld voor". De oorzaak van de slechte resultaten van studenten legt een besruursvoorzitter bij het voortraject. Het Voortgezet Onderwijs levert studenten af die wettelijk wel toelaatbaar zijn, maar gewoonweg de competenties missen voor HBO of Universiteit. Wat dat betreft moet ik Joop gelijk geven als hij klaagt over het huidige onderwijsniveau in vergelijking met dat van het verleden. U kunt de uitzending van Eén Vandaag zien als u klikt op player.omroep.nl/?aflID=11390959
jan - Bas en Joop Ik heb met veel belangstelling jullie bijdragen gelezen. Joop zijn verhaal waarbij hij de teloorgang van het "degelijke"onderwijs wijt aan de opkomst en bloei van de linkse kerk, is voor mij erg herkenbaar. Hoewel de bedoelingen goed waren pakten ze soms slecht uit (zie rapport Dijsselbloem). Met Bas ben ik het eens dat we in een heel ander tijdperk nu leven. Wat ik Bas echter nog wel in overweging wil geven is dat dit tijdperk gezorgd heeft voor veel verschillende diagnoses voor problemen die er altijd al zijn geweest. Maar ook dat dit nieuwe tijdperk dat reeds zijn intrede heeft gedaan (en daar is niets zweverigs aan), niet te vergelijken is met welk ander tijdperk hiervoor. Uitval in het onderwijs zou in de toekomst, wel eens, nog meer dan nu, kunnen toenemen, evenals de gedragsproblemen. Tijd voor bezinning lijkt me! De laatste onderzoeken in de "breinwetenschap" geven veel inzicht in het proces van leren. Kinderen worden anders (en dat zal alleen maar toenemen) , maken andere neurale verbindingen aan, door de virtuele, jachtige en vluchtige tijd waarin we nu leven. Geen probleem voor de meeste leerlingen. Helaas heb ik in de praktijk kinderen gezien die ondanks een hoog IQ (maar wat is een IQ?), afstroomden naar lagere niveaus (is blijkbaar beter voor de school) tot zelfs voortijdig afhaken en het onderwijs zonder enige diploma verlaten. In het verleden werden veel visueel ingestelde kinderen er nog wel bijgetrokken (maar de meesten gingen toen al niet met plezier naar school) of ze kregen het stempeltje "een beetje dom" en kwamen op lagere schooltypen terecht (hun IQ was onbekend en werd niet gemeten). Soms werden het zogenaamde laatbloeiers! Dat waren vaak die mensen, die ondanks hun vele negatieve revaringen, toch volhielden. Er is op het ogenblik meer aan de hand in de maatschappij. Het heeft geen zin je ogen ervoor te sluiten en te wijzen op het feit dat het onderwijs al duizenden jaren goed werkt (dat klopt trouwens niet, want het huidige onderwijs, klassikaal, frontaal in grote groepen, bestaat nog niet zo heel erg lang en is tevens nog steeds geen gemeengoed in deze wereld).
Bas Siebring - Henk WItteman: ik denk dat je Joops verhaal niet echt goed plaatst. Ja, het spreekt mijn idee tegen dat we het in vergelijking met andere landen wel redelijk doen, maar nog meer spreekt het jouw ideeën tegen in het artikel: alle "nieuwerwetse" ideeën hebben het onderwijs volgens Joop alleen maar kapot gemaakt. Het onderwijs dat waar hij voor staat is voornamelijk auditief en op de linker hersenhelft georiënteerd. Ik snap zijn reactie wel, maar denk dat de waarheid ergens in het midden ligt. | Joop, ten eerste hoort dhr Plasterk tot de door jou verguisde "linkse kerk". Op het moment dat ze iets doen dat je niet aanstaat, horen ze bij de "bende van vijf", op het moment dat ze iets zeggen waar je het mee eens bent, dan opeens niet. Je vergelijking met België is wellicht wat persoonlijk. In de vergelijkingen die ik heb gezien van de OESO en OECD scoort Nederland toch echt hoger dan België in het secundair onderwijs. Wat simpel Googlewerk staaft dat. Aan de andere kant, zoals ik zelf al aangaf, de manier van meten in die onderzoeken is bediscussieerbaar. Zo lezen we dat in Amerika en Canada de percentages leerlingen "op het hoogste niveau in het secundaire onderwijs" erg hoog is, wat in ieder geval in Canada komt door het vrijwel afwezige verschil in niveaus: iedereen zit in de "academics", waar het academische niveau van die stroom soms ver te zoeken is. Maar feit is dat Nederland daar boven België prijkt. | Hoe dan ook, ik pleit voor iets dat tussen "nieuwerwets" en "ouderwets" in ligt. Bijna alle andere ideeën van voor de mammoetwet zijn ook al "uit de tijd": tegenwoordig kunnen we wel naar de maan vliegen, we hebben rekenmachines en computers, auto's en treinen kunnen een stuk harder en onze grootste vliegtuigen kunnen meer dan 50 mensen per keer vervoeren. Vasthouden aan die goede oude tijd is gewoonweg niet reëel. | Betekent dat de complete manier van lesgeven, zoals die al duizenden jaren werd toegepast, opeens niet meer werkt? Dat is dan weer het andere uiterste, en ik ben het met Joop eens dat er veel mensen in het onderwijs rondlopen of zich daar tegen aan bemoeien, die dat roepen. Dat ergert Joop, dat ergert mij ook. | Ik denk dat het iets enorms goeds is dat Nederland het goed doet in het opleiden van de "laag getalenteerde leerlingen". Daar lag natuurlijk een groot probleem als het ging om uitval. Joop, die mensen hadden voor de mammoetwet dus alleen maar lagere school. Nu studeren ze daadwerkelijk nog 4 jaar door en leren een beroep. Ik denk dat dat een verbetering is! Het uitblijven van de extreme goede studenten is mijn inziens meer een probleem dat al heel, heel lang in de Nederlandse maatschappij zit, een Calvinistisch "doe maar gewoon dan doe je gek genoeg" en "je hoofd niet boven het maaiveld uitsteken, want anders...." | Toch zie je ook iets anders: waar vroeger de mavo maatschappelijk aanvaardbaar was, moet tegenwoordig van een groot deel van de ouders hun kind "minimaal naar de havo". Ik denk dat de oorzaak van het niet aansluiten van docenten bij leerlingen daar ook voor een deel ligt: We hebben gewoonweg leerlingen op de havo en het vwo die daar niet horen. Die zorgen voor niveau verlaging, wat vervolgens er voor zorgt dat de goede leerlingen hun niveau niet halen. Dus in plaats van te jeremiëren dat leerlingen ook visueel zouden kunnen leren (wat natuurlijk waar is) betekent het niet dat de verveelde leerling die niet de gewenste cijfers haalt niet juist bediend wordt: wellicht wordt deze leerling juist overvraagd en is hij of zij beter gediend met meer praktisch onderwijs op zijn of haar niveau. | Als ik dan toch iets terug zou wensen, net als Joop veelvuldig doet in zijn verhaal, dan wens ik de waardering voor praktijkonderwijs, van VMBO BB tot VMBO TL terug. Wat voor naam of etiket je er ook op plakt, deze vorm van onderwijs, die nog steeds meer dan 50% van de leerlingen bediend, zou niet het etiket "rioolputje" moeten hebben. Als we daar nou eens begonnen, dan zou onze leerlingpopulatie wellicht wat meer normaliseren en zouden alle leerlingen wellicht op hoger niveau kunnen presteren.
Dr. Henk Witteman - Bas Siebring. Joop heeft al uitvoerig gereageerd op je opmerkingen over het onderwijs in Nederland. Het onderwijs is lang niet slecht, zoals jij zegt na je ervaringen in het Canadese onderwijs. Maar ik blijf bij mijn gefundeerde mening dat er een negatieve trend lijkt te zijn of tenminste aan te komen als we niet oppassen. De opmerkingen van Joop kan ik voor een groot deel wel billijken als je ze in historisch perspectief bekijkt. Het probleem is dat we verder moeten en liefst vooruit. Ik heb daar wel enkele ideëen over en hoop ze dit najaar naar buiten te kunnen brengen. Bedankt voor je bijdrage.
Margo - Joop, historicus. Dat was een lang verhaal en heel herkenbaar. k kan het met veel zaken eens zijn, maar ik ben minder pessimistisch. Er gaan ook veel dingen goed, gelukkig.
Joop, historicus - Bas, Henk, Margje, Jan, Jeroen. Een boeiende discussie. Ik ga al wat jaren mee en heb daarom al heel wat ellende over ons heen zien komen. Ik ben er wat cynisch om geworden, al bewonder ik mensen die de moed weigeren op te geven. Ik ben als historicus gewend ontwikkelingen te boekstaven en vond de volgende historische citaten over de bende van vijf. Jeroen Dijsselbloem, de voorzitter van de Parlementaire Onderzoekscommissie naar Onderwijsvernieuwingen, heeft Nederland geconfronteerd met een schokkend rapport over de kwaliteit van ons onderwijs. Alle media brachten dit als groot nieuws. Het dagblad Het Parool had de allerbeste kop daarboven staan, namelijk: ’Onderwijs onherstelbaar verbeterd’. Die drie ironische woorden zeggen eigenlijk alles. In jaren durende experimenten om ons onderwijs te verbeteren is het geheel te gronde gericht. Docenten die werkelijk onderwezen, maar ook geïnteresseerde leken zagen dat al heel lang aankomen. Maar hun opmerkingen, kritiek of suggesties werden door de bevlogen onderwijsvernieuwers achteloos weggewuifd, maar meestal weggehoond. Wie het met de progressieve vernieuwingen niet eens was, bewees alleen maar achtergebleven, ouderwets of seniel te zijn. Alleen met een totaal nieuwe aanpak konden de jongere generaties voorbereid worden op de toekomst, zei men. Diploma Bovendien vonden progressieve politici de onderwijsrevolutie een prachtige gelegenheid om allerlei, in hun ogen, maatschappelijk misstanden op te heffen. Iedereen moest een diploma kunnen krijgen. De vroegere voortreffelijke schoolinstellingen zoals de hbs (hogere burgerschool), het gymnasium en de kweekschool waren veel te elitair en moesten verdwijnen. Alles moest grootschalig en niet iedereen hoefde alles te leren. Het aantal vakken werd sterk gereduceerd en er kwamen keuzepakketten waaruit de leerlingen zelf mochten kiezen. Als de studieresultaten te slecht bleken, werden de exameneisen eenvoudigweg verlaagd. De autoriteit van de docenten werd stapsgewijs afgebroken en ook de discipline verdween. Het werd min of meer normaal dat docenten werden uitgescholden, beledigd of zelfs geslagen door de scholieren. Er werd weinig tegen gedaan, want het moest immers leuk blijven. En die hele ellende begon met een grootheidswaanzinnig plan van de onderwijsminister Jo Cals, die in 1963 de Mammoetwet lanceerde die in 1968 werd ingevoerd. Daarbij verdwenen de eertijds voortreffelijke Nederlandse schoolsystemen zoals de kleuterschool, de lagere school, de hbs, de mulo, de middelbare meisjesschool, maar later ook de ambachtschool en de kweekschool. Chaos Zo begonnen de afbraak en de chaos. Thans zijn er generaties van leerlingen die niet kunnen rekenen, niet goed kunnen lezen, die slecht schrijven, de Nederlandse taal niet beheersen en weinig tot niets weten van geschiedenis en aardrijkskunde. Toen mijn eigen kleinkinderen zes jaar op de nieuwe basisschool hadden gezeten, heb ik mijn dochter geadviseerd naar België te emigreren vanwege het veel betere onderwijs in Vlaanderen. Daar had men nog een gewone lagere school. De kinderen werden een dag lang getest door het hoofd van de school zelf. Ze bleken twee jaar achter te lopen ten opzichte van hun Belgische leeftijdsgenootjes. Ze hadden dus in Nederland een achterstand opgelopen van vijftig procent. Ze werden een hele klas te- ruggeplaatst en moesten ook nog een heel jaar twee uur extra huiswerk per dag maken. Ook in weekeinden en op feestdagen. Het duurde bijna twee jaar voor ze de gigantische achterstand hadden ingehaald. Ze zitten nu op een Vlaamse middelbare school, die hetzelfde hoge onderwijsniveau heeft. En geen docent die zich Annie of Kees laat noemen. Er is nooit uitval van lesuren omdat de leraren moeten vergaderen. Dat doen ze op zaterdag en nooit onder lestijd. Die is heilig en het schoolgebouw is een oase van rust. Vlamingen Vanuit de grensstreek gaan thans al duizenden Nederlandse kinderen naar Belgische scholen vanwege het beroerde onderwijs in ons eigen land. De klassieke Belgenmoppen waarin onze zuidelijke buren altijd als dom werden afgeschilderd, waren in feite schandelijk. Belgen, en vooral de Vlamingen, doen het op ieder onderwijsniveau honderdmaal beter dan wij. In feite hebben onze bevlogen onderwijsvernieuwers een culturele ramp aangericht. Honderdduizenden jonge mensen hebben een kennisachterstand en een gebrek aan algemene ontwikkeling opgelopen die nooit meer te herstellen zijn. En zelfs als de overheid na het Dijsselbloem-rapport zou besluiten het oude onderwijssysteem in ere te herstellen, dan nóg zal het zeker vijftien jaar duren voor onze Nederlandse scholen hun achterstanden hebben ingehaald. Want ook veel jonge docenten weten niet meer hoe het eigenlijk moet. Bende Een soortgelijke ramp heeft zich in China afgespeeld. Onder de communistische dictator Mao Zedong werd in 1965 de zogenaamde Grote Proletarische Culturele Revolutie uitgeroepen. De communistische partij moest gezuiverd worden van zogenaamde verderfelijke bourgeois (burgerlijke) elementen. Alles wat zweemde naar ontwikkeling, cultuur, aristocratie, eruditie en wetenschap moest vernietigd worden. Alleen al het dragen van een bril was verdacht. Dat betekende namelijk dat men kon lezen, en dus waren brildragers potentiële intellectuelen en per definitie tegenstanders van het gelijkheidsideaal van het communisme. Die revolutie, die bijna vijf jaar duurde, vernietigde kostbaar cultuurgoed en kostte velen het leven. De kopstukken van die revolutie werden na de dood van Mao ’de bende van vijf’ genoemd. Ze kwamen pas in 1980 voor de rechter. Maar in wezen heeft ook Nederland al bijna veertig jaar geleden onder een allesvernietigende onderwijsrevolutie, veroorzaakt door links denkende politici die wij bij naam kennen. Zoals Jacques Wallage, Jos van Kemenade, Wim Deetman, Jo Ritzen, Tineke Netelenbos, die wij, naar analogie van de Chinezen, zonder meer ’de Nederlandse bende van vijf’ kunnen noemen. Maar ze ontkennen categorisch al hun wandaden. Ze hebben allang uiterst riante banen gekregen en trekken zich niets aan van de stinkende puinhopen die ze achteloos achtergelaten hebben.
Dr. Henk Witteman - Bas Siebring. Ik ga nu weer verder met mijn reactie op je eerste bijdrage. Ik ben het met je eens dat mensen onderling sterk verschillen qua leerpotentie. Je hebt ervaring met aboriginals, ik heb ervaringen met indianen uit het amazonegebied op de grens van Suriname en Brazilië. Ik kan je zeggen dat deze net zulke variaties in potentieel laten zien als hier in Nederland. Leren zie ik als de aanpassing van een organisme (waaronder ook mensen) aan de omgeving. Het leerproces begint bij het contact met de buitenwereld. Hier onstaat leren, dat ik zie als het proces van aanpassing. Wat het organisme geleerd heeft is het nieuwe gedrag. Als je een kind in een wiskundige omgeving plaatst zal het proberen zich aan te passen aan deze omgeving. Als dit lukt heeft hij geleerd. Wat beta-vakken betreft las ik de volgende zinsnede uit het rapport van de ONDERWIJSRAAD met als titel Doorstroom en Talentontwikkeling: "Het is goed nieuws dat de Nederlandse Lissabondoelstellingvoor het aantal beta's reeds is geheeld, maar deze was zo weinig ambitieus dat Nederland nog steeds ver achterligt op de rest van Europa". Ik ben ervan overtuigd dat ieder mens recht heeft zich volledig te ontplooien. Een mens ontplooit zich en wordt gelukkig als hij de kans krijgt zijn volledige potentieel tot ontwikkeling te brengen. Daar is vooral voor nodig dat er leraren zijn die in hem of haar geloven en die de kans en de middelen krijgen omdit ook te doen.
Margje - Bas Siebring - Henk Witeman. Uit de citaten van Minister Plasterk blijkt dat Nederland onderpresteert, vooral als de de onderwijsuitgaven afzet tegen de welvaart van ons land. We doen het bijvoorbeeld veel minder goed dan Finland maar ook minder goed dan Korea dat een veel lager BNP heeft. Ik den dat het over de ruggen van de leraren gaat zoals Henk Witteman al stelde toen hij onze situatie vergeleek met die van Belgie
Dr. Henk Witteman - Bas Siebring. Bedankt Bas voor je uitvoerige en deskundige inbreng. Ik zal in etappes reageren. Eerst wil ik citeren uit een rapport van Minister Plasterk aan de Tweede Kamer. Hier komen de citaten: Enkele citaten uit de brief van Minister Plasterk aan de Tweede Kamer met als titel: Het Nederlands Onderwijs is doelmatig maar kan beter. • Het Nederlandse onderwijsstelsel is doelmatig: het behaalt, in vergelijking met omringende landen, redelijk goede resultaten bij een relatief laag uitgavenniveau. • Het Nederlandse onderwijs slaagt er vooral goed in de minder getalenteerde leerlingen relatief goed te laten presteren, maar dat er relatief weinig goede leerlingen uitblinken. • Als Nederland tot de top van de Europese kenniseconomie wil behoren, dan moet het aantal hoger opgeleiden verder stijgen. (….) Ondanks dat Nederland ten opzichte van andere landen relatief goed scoort is er nog veel winst te behalen in het verminderen van de uitval en het verhogen van het rendement. Meer differentiatie in het onderwijs en betere matching kunnen daaraan bijdragen zodat studenten zoveel mogelijk worden uitgedaagd om het beste uit zichzelf te halen. • Het Nederlandse onderwijs slaagt er vooral goed in de minder getalenteerde leerlingen relatief goed te laten presteren, maar dat er relatief weinig goede leerlingen uitblinken. • Als Nederland tot de top van de Europese kenniseconomie wil behoren, dan moet het aantal hoger opgeleiden verder stijgen. (….) Ondanks dat Nederland ten opzichte van andere landen relatief goed scoort is er nog veel winst te behalen in het verminderen van de uitval en het verhogen van het rendement. Meer differentiatie in het onderwijs en betere matching kunnen daaraan bijdragen zodat studenten zoveel mogelijk worden uitgedaagd om het beste uit zichzelf te halen.
Bas Siebring - Toch even een paar kanttekeningen: - dat verhaal in een van Henks reacties over OESO heeft veel haken en ogen: ten eerste doen we het helemaal niet zo gek in de OESO vergelijkingen, ik snap niet hoe je die gelezen hebt, Henk. Op VO eindniveau kan ik je verzekeren dat we het beter doen dan de meeste Canadese provincies en de USA (omdat ik momenteel in Canada les geef heb ik me daar vooral op gefocust) - Ten tweede zijn die OESO vergelijkingen niet geheel zuiver: vooral in Aziatische landen worden bijvoorbeeld de wiskunde en science talenten op jonge schaal uit de klas gefilterd en in speciale klassen gezet om hun talent te ontwikkelen. Deze leerlingen worden vervolgens gebruikt om de OESO testen te maken. Dat de leerling verder zeer eenzijdig ontwikkeld is, boeit ze minder, maar aziatische landen scoren vaak op wiskunde en science erg hoog door deze kunstgrepen - ten slotte hebben we vergeleken met Canada, een vrij laag percentage van leerlingen dat uitvalt voor het eindexamen. Dit omdat we lesgeven op verschillende niveaus en omdat we een korter programma hebben (4 jaar voor VMBO en 5 jaar voor HAVO) dat meer op maat is voor onze leerlingen. Dan over alle stoornissen en of ze al dan wel of niet een stoornis zijn - AD(H)D en ASS erken je of wel, of niet. Je lijkt met twee maten te meten, Henk. Beide staan in de DSM-IV schaal, beide zouden net zo hard erkend moeten worden. Als docent of onderwijskundige moeten we niet op de stoel van psychiater of arts willen zitten, of pretenderen te kunnen zitten. Struisvogelpolitiek in de trent van: wij kunnen er niet mee omgaan, dus bestaat het niet, of het zou wellicht iets kunnen zijn waar we juist iets uit kunnen halen, is erg vaagjes. Iets dat ik eigenlijk niet kan waarderen. - Tegenwoordig hebben we, zoals je op merkt, wel erg veel leerlingen AD(H)D of ASS. Ik ben dat sinds vorig jaar in mijn huidige baan (docent in het hoge noorden van Canada) heel anders gaan zien. Waar de Kaukasische medemens hier kinderen met ADHD of een ASS heeft, zit naast die leerling een "aboriginal" leerling met dezelfde symptomen, maar die heeft het minder sociaal-wenselijke stempel: FASD. Ik vermoed dat er in Nederland veel meer FASD leerlingen in de klas zitten dan wij vermoeden. De meeste docenten en orthopedagogen die ik in Nederland hierover sprak om mijn vermoeden te staven, begonnen meteen over afwijkingen in het gezicht of de oren, maar ik kan jullie verzekeren: dat is in de meeste gevallen helemaal niet zo, dat zijn alleen de hele erge gevallen. Ik denk dus dat we wel degelijk leerlingen hebben met hersenafwijkingen en dat er ook alternatieven zijn aan te dragen voor hoe die ontstaan, hoe sociaal onwenselijk dat voor sommige mensen ook mag zijn. Er heerst blijkbaar ook nog veel onkunde over wat FASD precies is in Nederland. Waarom dit allemaal? Ik denk dat we het toch deels over welvaartsafwijkingen hebben die ontstaan door gebrek aan het je houden aan sommige regels, zoals niet drinken tijdens de zwangerschap. Ook zijn er wetenschappers die de toename in hersenafwijkingen toeschrijven aan het op latere leeftijd krijgen van kinderen, of door, iets ontzettends vaags en heel erg Nederlands: je kinderen thuis willen baren met alle risico's van dien. Ik ben voor variatie in werkvormen en als het er goed op aan komt vaak in het progressieve kamp te vinden, maar niet voor doen alsof dingen niet bestaan. Ik wil best mee met het aanpassen aan leerlingen, maar laten we ze niet vergeten iets erg belangrijks te leren: zich aan te passen aan anderen en ook dingen te doen die ze wellicht niet zo leuk vinden. Ik kan nog wel even doorgaan, maar ik heb geen idee of ik tegen net zo dikke muur praat als ik zelf, maar ongetwijfeld ook jullie, aantref in scholen onder de conservatievere collega's. Wat dat betreft kunnen de meest progressieve professionals hun conservatieve collegae de hand schudden: ze zijn net onverstoorbaar en onbereikbaar voor kritiek of (meer realistische dan wel haalbare) alternatieven, terwijl ze zich op hun roze wolk beklagen over iedereen die hun "niet begrijpt".
Dr. Henk Witteman - Mirjam, Jeroen, Jan. Bedankt voor jullie reacties. Jullie schrijven vooral over AD(H)D in relatie tot leerstijlen en perceptuele stijlen. Bij autisten zijn er sterke aanwijzingen dat er een biologische grondslag is aan deze stoornis. Ik weiger AD(H)D echter een stoornis te noemen, omdat wij, mensen van het onderwijs, onvoldoende met het fenomeen weten om te gaan. Jeroen zegt zeer terecht dat wij te maken hebben met een maatschappij waarin gedrag dat afwijkt van de standaard gemakshalve een stoornis wordt genoemd. Jeroen spreekt van de interactie tussen mensen met verschillende hersenvoorkeuren. Ik denk, Jeroen, dat je hier de spijker op zijn kop slaat. Over enkele maanden spreek ik op drie congressen over mijn oplossing van een groot probleem. Een van deze congressen is op 8 december 2010 van PASSEND ONDERWIJS. Tot die tijd houd ik mijn kruit nog even droog. Ik maak me erg ongerust over de medicalisering van onze zogemaamde probleemleerlingen die met o.a. Ritalin op de been worden gehouden. Klik op: www.theplanettimes.com/index.php?option=com_content&view=article&id=61:ritalin-medische-megablunder&catid=2:medisch&Itemid=9 en huiver.
Mirjam, Leidse studente - Jeroen, Volgens mij wordt het langetermijngeheugen pas gevuld na een voldoende aantal herhalingen. Als leerlingen met de methode goed scoren, dan komt dat omdat ze op bekend terrein zijn. Als ze met de LVS minder goed scoren, dan kan dat ook komen, omdat ze dan onder stress staan. Denk je ook niet?
Jeroen - Henk, We hebben te maken met een maatschappij waarin heel veel kinderen een "stoornis" stempel krijgen. Dat doen we omdat we moeite hebben om met ze om te gaan. Maar het probleem zit niet in de kinderen, maar in het er mee om gaan. Als je inderdaad alle moeilijkheden in het opvoeden en onderwijzen voor deze verzameling kunt terugherleiden op hersenwerking en interactie tussen mensen met verschillende hersenvoorkeuren, dan komen we misschien ergens. Bijkomend voordeel is dat we elkaar beter gaan begrijpen en zo ook een hoop ergernissen kwijtraken. Je filmpje lijkt me niet hét voorbeeld van de mismatch tussen links zenden en rechts ontvangen. De gemiddelde docent zend ook links echt wel beter. Het is wel duidelijk dat in dit geval de hypocampus van de ontvanger niet veel zin heeft om iets te gaan doen. Laat staan dat de amygdala dat versterkt. Als ik het allemaal goed begrijp. Over dit laatste proces zou ik nog wel wat meer willen horen. Je ziet veel kinderen die op de basisschool best aardig meekomen met de lesmethode. Als ze de methodegebonden toetsen maken gaat dat heel aardig. Maar wordt periodiek met de toetsen van het Leerling Volg Systeem gemeten, dan is er een heel ander beeld. Leerkrachten duiden dit doordat met LVS toetsen verder terug wordt gevraagd dan met de methode toetsen. Mag ik dit zien als dat het lange termijn geheugen niet goed is gevoed of niet (snel genoeg) toegankelijk is? En in jouw termen de hypocampus zijn werk niet heeft gedaan?
Jeroen - Ha Margo. Ik ben er zo één die altijd al weet wat er gezegd gaat worden voordat men is uitgesproken. Ik hoop dat je je nu iets minder ergert. Er zijn nu eenmaal ook heel veel "rechtsdenkenden". Aan de andere kant krijg ik ook regelmatig de opmerking dat als ik iets uitleg, ik wel wat minder lang van stof mag zijn. Gaan anderen zich dus aan mij ergeren. Nu raak ik de weg kwijt. Ik weet niet meer of ik rechts of links ben. Heb ik niet eens van Henk gelezen dat er mensen zijn die de inzet van beide helfen moeiteloos uitwisselen. Leerpunt voor mij. Nu nog de juiste insteek op het juiste moment.
dr. Henk Witteman - Jan, Ik heb je reactie met veel instemming gelezen. Je behoort tot de lezers die regelmatig reageren en meestal een heel zinvolle bijdrage hebben. Ik heb je al eens persoonlijk ontmoet en ik neem daarom de vrijheid je ook hier te tutoyeren. Het probleem dat je aansnijdt raakt de kern van de onderwijsproblematiek van ons land. Ondanks onze hoge welvaart scoren wij namelijk maar zeer gemiddeld onder de OESO-landen. Volgens de Inspectie van het Onderwijs, 2009 slaagt nog geen 60% van de leraren in het Voortgezet Onderwijs erin hun lessen door een variatie aan werkvormen te intensiveren en hun leerlingen optimaal te betrekken bij de les. Nog niet de helft van de leraren in het voortgezet onderwijs slaagt erin hun onderwijs goed af te stemmen op verschillen tussen hun leerlingen. Dr. W. van de Grift noemde dit bij zijn aanvaarding van het ambt van hoogleraar aan de universiteit van Groningen de achilleshiel van onze scholen. Jan, je stelt voor de holistisch-visuele leerlingen te trainen op linkerhersenhelft denken. Dit is volgens mij een heiloze weg, omdat hun brein gewoon zo niet werkt. De meeste leraren werken al via de linkerhersenhelft!!. Nog meer zo de rechterhersenhelft denkers bepaald niet helpen. Over het belang van rechterhersenhelft denkers heb ik al eerder geschreven, mede naar aanleiding van het door jou geciteerde werk van Freed & Parsons en ook naar aanleidng van het werk van Daniel H. Pink (2005), A Whole New Mind, why right-brainers will rule the future? Klik voor deze artikelen op: www.onderwijsvanmorgen.nl/het-brein-in-de-21e-eeuw-1-jagers-en-landbouwers en www.onderwijsvanmorgen.nl/het-brein-in-de-21e-eeuw-2-is-de-toekomst-aan-de-jagers . Jan, ik wil graag dieper ingaan op deze problematiek en ik nodig jou en andere geinteresseerde lezers graag uit mee te denken en reacties te plaatsen. Ik zal op uw reacties reageren.
Jan - Jammer dat de scholen vaak nog uitsluitend de auditieve stijl aanhangen. Uit ervaring heb ik gemerkt dat veel leerlingen met een visueel holistische leerstijl problemen krijgen op het voortgezet onderwijs. Uit de bibliotheek heb ik onlangs het boek: "Ik denk in beelden, jij onderwijst in woorden" gehaald. Het is een vertaling van het Amerikaanse boek: "Right- brained chldren in a left-brained world" (geschreven door Jeffrey Freed en Laurie Parsons). In het boek staat hetzelfde beschreven wat het ouderplatform HAVOplus (zie o.a. artikel www.havoplus.nl/cms/page.php?147) ook al geruime tijd vermoedt Er bestaat een verband tussen onze snel veranderende maatschappij (visueel, virtueel, snel en vluchtig) en de diagnose ADD. Er wordt in het boek zelfs gesproken over pseudo- ADD (een door de maatschappij ontwikkelde "stoornis"). Waar ik verbaasd over ben is dat het boek zo weinig impact heeft gehad in de Verenigde Staten. Ook in Nederland komt de boodschap niet aan! Scholen die zich openstellen voor de "cluster 4 doelgroep", hebben geen kaas gegeten van de verschillende leerstijlen. Als er een school tegenwoordig onderzoek doet naar leerstijlen wordt vaak nog de "Kolb"-test, ontworpen al lang voor de laatste doorbraken in de "breinwetenschap" gebruikt. Ik raad mensen daarom aan om een test van deze tijd te gebruiken (zoals de Selctor DLM). Nu mijn vraag: Zou het niet mogelijk zijn om de afstand tussen de visueel holistisch lerende kinderen en de auditieve (seriële) stijlen van de meeste scholen te overbruggen door kinderen te trainen om meer hun linker hersenhelft te gaan inschakelen? Het is volgens mij gemakkelijker om een olifant op te tillen dan om de scholen (en tevens Passend Onderwijs) te bewegen om aandacht te schenken aan de verschillende leerstijlen en vooral om er technieken, materialen e.d. bij te ontwikkelen. Zij blijven zich bezig houden met de symptomen van de nieuwe maatschappelijke ontwikkelingen (het gedrag) helaas. Daarbij blijf ik aanvullen dat ik in deze tijd alle respect heb voor leerkrachten. Van overheidswege moeten ze meer worden gesteund en meer waardering krijgen. "Flow" terug in de klas, net als de door u aangehaalde docent geschiedenis, die kennelijk in staat is beelden te laten ontstaan in het brein door een verhaal.
Margjo - Voor mij bevatte dit artikel een verrassing.Ik erger me vaak aan mensen de me niet laten uitpraten. Dat komt dus omdat ik een linkerhersenhelft denker ben. Daar ben ben ik eigenlijk wel trots op.