Home Artikelen

MI (5) Verbaal-linguistische intelligentie

leerstijlen en vakdidactiek | donderdag 4 maart 2010, 11:19

  U kent ze ongetwijfeld, die leerlingen die wel goed zijn in talen maar niet goed in de exacte vakken. Er zijn nog steeds  mensen die denken dat hun IQ dan kennelijk te laag is, maar mede dankzij Gardner weten we nu wel beter. Volgens Gardner beschikken mensen over meerdere intelligenties, want iedereen is slim op zijn eigen persoonlijke manier.

 

 

Mensen hebben een natuurlijk talent voor taal dat in de loop van de evolutie deel is geworden van onze hardware. Dit taalvermogen ligt opgeslagen in ons brein (zie plaatje rechts).

Onder verbaal-linguïstische intelligentie verstaan we het vermogen je moedertaal of een vreemde taal te gebruiken om tot uitdrukking te brengen welke gedachten er in je omgaan en om te begrijpen wat andere mensen met behulp van taal willen uitdrukken. Gardner definieert de kerncapaciteiten van deze intelligentie: gevoeligheid voor de betekenis van woorden, het vermogen de grammatica goed te gebruiken, het vermogen nuances van gedachten over te brengen met bijvoorbeeld de hulp van prosodie.

Neurobiologisch gezien bevindt spraak zich bij de meeste mensen in de linkerhersenheft in de de temporaalkwab zo ongeveer boven het oor. Bekend zijn de gebieden van Broca en Wernicke, die bij beschadiging afasie veroorzaken.

Mensen die verbaal-linguïstisch intelligent zijn kunt u herkennen, want mensen met deze intelligentie:

  • zijn gemakkelijk in staat gedachten en gevoelens onder woorden te brengen;
  • zijn in staat na te denken over taal: ze zijn meta-linguïstisch;
  • zijn goed in staat hun gedachten te formuleren en op papier te zetten;
  • zijn in staat poëzie te schrijven en te interpreteren.

Zoals we gezien hebben in de artikelen over de interpersoonlijke intelligentie en de intrapersoonlijke intelligentie kunnen meervoudige intelligenties ingezet worden in diverse leerprocessen. Omdat wiskunde niet anders is dan een abstractie van taal, is het logisch dat leerlingen met een geringer abstraherend vermogen, gewone mensentaal inzetten bij exacte vakken.

In het filmpje laten we zien hoe docent Erich Mommers van het Charlemagnecollege in Landgraaf verbaal-linguïstische intelligentie als doceerstrategie inzet bij het vak wiskunde in een 5e klas VWO.
Het doel van de les is om de theorie van de normaalverdeling toe te passen bij diverse vraagstukken. Wat is hierbij van belang? Van belang is dat de leerlingen de eigenschappen moeten weten te benoemen bij deze vorm van kansverdeling. Daarnaast moeten zij de vertaalslag maken tussen de vraagstelling en het bijbehorende plaatje. Soms komen leerlingen met inventieve oplossingen zoals je vaak bij alpha-leerlingen zult zien. Volgens docent Erich Mommers gaat het in dit gedeelte van de wiskunde (mathematische statistiek en kansrekening) vooral om het woordgebruik en de interpretatie daarvan.

Ik vond dit een buitengewoon instructieve les!

 

 

 

 

 

Henk Witteman (stuur een e-mail) Stuur dit artikel door | 14262 keer gelezen

img img img img

Geef uw reactie REACTIES (12 totaal) Alle reacties...

theo wismans - amedigital.nl/2010/07/sapere-aude/ mooie aanvulling

Dr. Henk Witteman - Fleur Hoek. Ik heb een overzicht van de door mij gehanteerde leerstijlen compleet met leerfuncties, leerstrategieën en leertactieken gemaakt de je als docent kunt verbinden aan doceerstijlen. Dit overzicht wordt in de komende maanden inzichtelijker gemaakt met voorbeelden. Mogelijk heb je hier wel wat aan. Voor de door mij gehanteerde concepten verwijs ik je naar mijn artikelen over leerstijlen op deze site. Klik op: www.onderwijsvanmorgen.nl/assets/Uploads/schema-Leerstijlen-en-leerfuncties.pdf. Je kunt me ook mailen.

t.wismans - Fleur, kom eens kijken bij mij op Eijkhagen. Ik kan je best wel helpen. Werk samen met Henk!

Dr. Henk Witteman - Fleur. Ik ken de 6 vormen van Smart niet. Als je me deze stuurt zal ik kijken wat ik voor je kan doen.

Fleur Hoek - Geachte heer Witteman, Naar aanleiding van een bezoek aan de website onderwijsvanmorgen.nl stuur ik U dit bericht. Op het ogenblik ben ik bezig met het schrijven van mijn afstudeeronderzoek. Ik doe daarbij een onderzoek naar lesmethoden en lesstijlen van docenten. Ik wil namelijk onderzoeken over lesstijlen en lesmethoden wellicht beter op elkaar afgestemd kunnen worden. Mijn vraag naar U is daarbij: heeft U een idee op welke wijze ik gericht te werk kan gaan. Ik ben namelijk aan het zoeken naar methodes waarmee docenten qua lesstijlen in "hokjes" in te delen zijn. Voor de leerlingen zijn de 6 vormen van Smart toe te passen, maar is dit voor docenten bijvoorbeeld ook toepasbaar? En welk label kan ik ophangen aan de docenten die bijvoorbeeld veel gebruik maakt van eigen ontworpen materialen, in vergelijk met de docent die angstvallig vasthoudt aan een lesmethode. Kunt U mij misschien wellicht wat meer op weg helpen, of heeft U eventueel nog een artikel dat voor mij toepasbaar zou zijn, bij mijn onderzoek? Ik ben U zeer erkentelijk. Afwachten van uw antwoord, verblijf ik, Met vriendelijke groeten, Fleur Hoek Fhoek@student.han.nl studente geschiedenis aan de Hogeschool Arnhem en Nijmegen, ILS.

Dr. Henk Witteman - Corinne, Dayenne, Arjen, Jack. Dit is een interessante discussie, die nog niet is uitgewoed. In feite gaat het om het nature/nurture debat. Corinne heeft gelijk als ze zegt dat (voor) oordelen negatief kunnen uitwerken op de prestaties. Rees in de jaren '80 verscheen een boekje getiteld "Vrouwiskundig" waarin de schrijfsters fulmineerden tegen het heersende beeld dat meisjes minder goed zouden zijn in exacte vakken. Meisjes zijn wel beter in bijvoorbeeld talen en over de gehele breedte presteren zij gemiddeld beter dan jongens. De oplossing van dit probleem kan volgens mij niet zo lang meer uitblijven. Zo is het glashelder dat de gemiddelde vrouw een bredere hersenbalk heeft dan de man. Hierdoor werken linker- en rechterhersenhelft beter samen. Ik verklaar dit vanuit de evolutie waarin vrouwen een breder takenpakket hadden dan mannen. Mannen waren meer monomaan bezig. Hij renden dagen achtereen achter een prooidier met enkele makkers. Communiceren was niet zo belangrijk, want er was maar een doel: de prooi. Vrouwen overleefden door goed te communiceren met andere vrouwen en de zaken thuis op orde te houden. Dat is in de hedendaagse man nog te zien. Een komische voorstelling hiervan vind je in het filmpje onder www.onderwijsvanmorgen.nl/vtv-reeks-6-leerstijlen-en-vtv . Mannen zijn daardoor gemiddeld doelgerichter en maken meer gebruik van hun rechterhersenhelft. Hier zit o.m. ruimtelijke wiskunde. Vrouwen gebruiken eerder hun linkerhersenhelft. Hier zit bij de meeste mensen taal. Vrouwen zijn socialer en kunnen beter invoelen dan mannen. Het n/n debat wordt voortgezet. Uiteindelijk zal hersenonderzoek mogelijk definitief uitsluitsel geven,

Corinne Nederlof - Er is allerlei onderzoek dat afrekent met dat vooroordeel, en dat bevestigt dat vooral het vooroordeel invloed heeft op de resultaten. Het is al bekend dat kinderen onderpresteren als docenten weinig van ze verwachten, zo is het ook meisjes en betatechniek vergaan. Zie hier: bit.ly/aYgmal en hier: sync.nl/meisjes-en-wiskunde-vooroordelen-verminderen-prestaties/ en hier: www.utnieuws.utwente.nl/new/?artikel_id=75471 Als we hier en nu gewoon afspreken dat we elkaar niet meer napraten kunnen we met dit vooroordeel vlot afrekenen.

Dr. Henk Witteman - Dayenne. Er is in de literatuur wel enig bewijs te vinden dat meisjes minder talent voor wiskunde hebben dan jongens. Ik vond het volgende citaat bij Kennislink: Minder meisjes met een wiskundeknobbel? Sommige wetenschappers – bijvoorbeeld de Britse psycholoog en schrijver Baron-Cohen – denken dat er gewoon minder vrouwen geboren worden met een talent voor wiskunde. Vrouwenhersenen zouden – enkele uitzonderingen daargelaten – minder geschikt zijn voor het oplossen van exacte vraagstukken omdat in de loop van de evolutie voor de vrouw andere talenten belangrijk waren, zoals goede taalvaardigheden. Mannen daarentegen hebben volgens deze wetenschappers wel een bètabrein, omdat ze zich in de oertijd bezighielden met het jagen op wild en daar onder meer een beter ruimtelijk inzicht voor nodig hadden.

Dayenne - Waarmee meisjes weer even zijn teruggebracht tot wezens die niet in abstracties kunnen denken. Dank, Arjen. Je hebt jezelf daarmee teruggebracht de jaren twintig van de vorige eeuw, toen mannen nog mannen waren en vrouwen met meloenen rekenden.

Arjen - Je ziet dat meisjes zich meer thuis voelen als zij zo les krijgen, Het gaat over meloenen en niet over abstracte kwantiteiten. Docent Erich weet het mooi te brengen.

Dr. Henk Witteman - Jack. Mijn volgende artikel gaat over logisch-mathematische intelligentie. Dus nog een artikel waarin wiskunde centraal staat. Uw opmerking over de exactie vakken heb ik doorgegeven aan de redactie.

Jack Pijnenburg - LIO - Een leuke les wiskunde. Waarom zien we zo weinig over dit vak? Deze docent inspireert echt en weet zijn leerlingen te stimuleren.

REAGEER

pastedGraphic

Widget Title

LAATSTE 3 REACTIES

Kolja Laane - In de jaren dat ik mijn basisschool genoot stond er onder de cijfers van de... 
Lees verder  arrow

Michiel Fleerkate - En mijn excuses voor de enorme spelvoud, cijfers geven aan spelling heeft me niets geleerd... 
Lees verder  arrow

Michiel Fleerkate - Hieronder wordt inderdaad de ontwikkeling beschreven van toetsen naar assessment, alleen de vraag is of... 
Lees verder  arrow

Widget Title

MEEST GELEZEN ARTIKELEN
Expeditiemodel 1 C - tussentijdse evaluatie
Het was de laatste week van 2011. Ik moet u zeggen dat ik al een week aan het worstelen was met di
Lees verder arrow
Social media waarschuwing voor leraren
Soms streven docenten naar een te vriendschappelijke verstandhouding met hun leerlingen. Via social
Lees verder arrow
Hoe toets je 21e eeuwse vaardigheden?
Toetsuitslagen. Ze zeggen iets over hoe je ervoor staat. Handig. Van alle leerlingen samen zeggen ze
Lees verder arrow

Widget Title

STEM MEE Bekijk resultaat img
Heeft uw school een protocol waarin omschreven staat hoe problemen rond lesuitval opgelost moeten worden?
Ja.
Nee, wel behoefte aan.
Nee, is ook niet nodig.
Weet ik niet.
Heeft uw school een protocol waarin omschreven staat hoe problemen rond lesuitval opgelost moeten worden?
Ja.
 
47%
Nee, wel behoefte aan.
 
21%
Nee, is ook niet nodig.
 
8%
Weet ik niet.
 
21%

Widget Title

VIDEO VAN DE WEEK

Kinderen in de leeftijd van 4-8 jaar worden geconfronteerd met mediadragers uit de jaren '70 '80 en '90. Dit levert verrassende reacties op! Een ding is zeker, technologieën gaan snel, maar zelfs voor 'Digital Natives' lijkt het eeuwen geleden.