Leren leren

5

De eerste toetsweek staat voor de deur. Alle bovenbouwklassen moeten er weer aan geloven. Acht of negen toetsen in één week. Als docent roep je nog zo hard dat ze niet de dag voor de toets pas moeten beginnen, maar helaas luisteren lang niet alle leerlingen naar dit advies.

 

 

 

In mijn mentorgesprekken kwam ik tot de schrikbarende conclusie dat zelfs vierdeklassers soms totaal geen idee hebben hoe ze het beste kunnen leren. “Ja, dat is elke keer weer een zoektocht, naar hoe ik ga leren”. Blijkbaar vertellen we onze leerlingen dat ze moeten leren maar geven we ze geen handvatten voor de beste aanpak. 

 

Effectief leren
De website Set your mind geeft leerlingen inzicht in hoe je het beste effectief kunt studeren. Via een mindmap komen basiszaken als motivatie, houding, genoeg slaap, voorbereiding en overzicht aan de orde. De site is gemaakt door studenten van de Rijksuniversiteit Groningen en zij geven ook workshops aan middelbare schoolklassen.

The cone of learning van Edgar Dale is een simpel maar doeltreffend plaatje dat inzicht geeft in effectief studeren. De meeste leerlingen lezen de toetsstof een keer of twee, drie door. Wat weet iemand na twee weken nog als hij of zij iets doorleest? Slechts 10% van de gelezen tekst blijft hangen. Op het moment dat de docent een verhaal vertelt wordt daarvan 20% onthouden. Het tonen van filmpjes in de les heeft volgens Dale meer effect, hiervan blijft 30% hangen. Participeren in klassendiscussie of een voordracht geven heeft een veel hoger leereffect maar dat is wat lastig tijdens het studeren op je eigen kamer. Het is daarom goed leerlingen andere methodes aan te reiken om actief met de toetstof voor jouw vak bezig te zijn.

Mindmap en woordweb

Het zelf maken van een mindmap of woordweb is voor leerlingen een goede manier om zaken te structureren en overzichtelijk te maken. Vooral voor leerlingen die samenvattingen maken die meer op boekwerken lijken is dit een goed middel om hoofd- en de bijzaken te scheiden.

Begrippen oefenen
Voor toetsen waarbij veel begrippen geleerd moeten worden of bij het leren van woordenlijsten het online programma WRTS heel geschikt. Dit gratis programma overhoort leerlingen door middel van door hen zelf ingevoerde lijsten. Het gevaar is wel dat een term fout wordt ingevoerd en dus ook fout wordt aangeleerd. Maar dat geldt natuurlijk ook voor een zelfgemaakte samenvatting.

ELO gebruiken
De ELO is een goede omgeving om persoonlijke tips voor het (be)studeren van jouw vak te verzamelen. In mijn ELO plaats ik bijvoorbeeld aantekeningen, gebruikte powerpoints, oefenopgaven, links naar nuttige examenopgaven die bij het onderwerp passen, links naar begrippenbanken en links naar Youtube-filmpjes die verdieping of extra uitleg geven. Leerlingen geven aan dat ze dit prettig vinden en de bezoekersaantallen geven weer dat ze er ook echt regelmatig gebruik van maken.

De computer kan een zeer goede ondersteuning zijn bij het leren, maar meestal is het toch goed om de leerlingen te stimuleren om tijdens het leren de computer juist uit te zetten, want hyves, twitter en msn lonken onophoudelijk…

Evelien Hoekman www.citroengeel.nl

 

5 REACTIES

  1. Dag Evelien,
    Je schreef: “Blijkbaar vertellen we onze leerlingen dat ze moeten leren maar geven we ze geen handvatten voor de beste aanpak.”
    Je legt met deze zin één van de manco’s in het Nederlandse onderwijssysteem bloot! Uit mijn eigen ervaring: Zo’n kleine twee jaar geleden kreeg ik van een school in Groningen de opdracht om te zoeken naar een goede methodiek om te leren studeren (ze dachten zelf aan Feuerstein). Helaas bleek de methode Feuerstein niet zo direct toegankelijk (hoewel daar wel aan wordt gewerkt in ons eigen Nederland met medewerking van de zoon van Feuerstein). Dat was het begin van een onderzoekje naar methodieken op dit vlak. In Nederland is “leren leren ”een ondergeschoven kindje). Gelukkig zijn er op veel basisscholen methoden voor begrijpend lezen, die in het laatste jaar (groep 8) overgaan in studerend lezen en dan hebben we het wel zo’n beetje gehad. Daarmee moeten de scholieren het meestal maar doen in het voortgezet onderwijs.
    Er zijn echter wel een aantal scholen op dit moment die de Kolbtest gebruiken om de leerlingen meer inzicht te geven in hun leerstijl. Een school in Zwolle maakte een aanpassing voor VMBO ers (de Kolb- Akkerman). Via onze eigen “onderwijsvanmorgen.nl “ vertelde een school in het zuiden van het land dat ze waren begonnen met leren studeren op school via het boek: “Leer als een speer” geschreven door Jan-Willem van den Brandhof . Een goed boek (naar mijn mening) en waarschijnlijk ook wel erg goed bruikbaar in de onderwijspraktijk. Er zijn overigens veel boeken geschreven die als onderwerp het “leren leren” of “leren studeren” hebben. Maar die zijn allemaal (net als het boek van Jan-Willem van den Brandhof) geschreven voor zelfstudie; niet als methodiek op school. Tientallen bedrijven bieden zich overigens in ons land aan op internet en via andere bronnen om cursussen te geven aan scholieren. Er is schijnbaar een steeds groter wordende groep leerlingen, die het moeilijk hebben met hun huiswerk! Het “mindmappen” wordt over het algemeen als de oplossing gezien om beter te leren studeren.
    Hoe anders blijkt het in België te zijn! Daar is “leren leren” een verplicht vak! Zie hiervoor: http://www.ond.vlaanderen.be/dvo/secundair/2degraad/vakoverschrijdend/eindtermen/lerenleren.htm (als voorbeeld). Het gevolg van deze overheidsbemoeienis op dit vlak is wel dat er nu methoden worden ontwikkeld in België (zie onder andere): http://www.averbode.be/solerenleren/. De Belgische inspectie houdt toezicht op het naleven van de vakoverschrijdende eindtermen: “Leren leren”.
    Dit las ik in een inspectie- rapport:
    “De school beschikt niet over een leerlijn voor de leergebiedoverschrijdende eindtermen leren leren en
    sociale vaardigheden. Toch krijgen desbetreffende vaardigheden expliciete aandacht binnen de klaswerking en zijn in bepaalde leerlingengroepen een spectrum van knappe initiatieven uitgewerkt.” (http://www.ond.vlaanderen.be/doorlichtingsverslagen/verslagen/BaO-0809-Sint-Jans-Molenbeek-Vrije%20Basisschool-3756-DL.pdf)
    Waarschijnlijk gaat van deze bemoeienissen van de overheid een goede werking uit. Instituten werpen zich op om nascholingscursussen te geven voor leerkrachten: http://www.ond.vlaanderen.be/doorlichtingsverslagen/verslagen/BaO-0809-Sint-Jans-Molenbeek-Vrije%20Basisschool-3756-DL.pdf (als voorbeeld, maar er is veel meer op internet te vinden). Maar ook in Nederland gloort hoop, want zeker in deze tijd waarin de meest toegankelijke leerstijl op school (auditief / serieel) als nooit te voren in onze geschiedenis afwijkt van de zeer snel verlopende ontwikkelingen in de maatschappij (visueel, virtueel, holistisch, vluchtig, jachtig; geen probleem voor de meeste leerlingen, maar wel voor die leerlingen waarvan hun leerstijl van nature afwijkt , zoals bijv. bij hoogbegaafdheid of bij ADD kan voorkomen) is aandacht gewenst. Via een contact uit de Feuersteinhoek kwam ik in contact met dr. Henk Witteman. Hij integreerde de uitkomsten van de nieuwste breinonderzoeken (Kolb is van voor deze kennisbron) in een zeer toegankelijke test voor de scholen. Hopelijk komt er zo meer aandacht op de Nederlandse scholen voor dit onderwerp en houdt niet meer een enkele Nederlandse school zich met dit item bezig. Het schijnt op de Leonardoscholen al wel een verplicht vak te zijn las ik op Wikipedia (http://nl.wikipedia.org/wiki/Leren_leren). De nascholing op de door mij eerder genoemde school is door tijdgebrek en stress bij leerkrachten nooit goed van de grond gekomen. Misschien ligt hier een mooie taak voor de nieuwe regering (meer tijd, vooral tijd, en geld voor leerkrachten en voor nascholing). Maar, ………………. verder vul ik het maar niet in.

  2. Sinds enige tijd ben ik bezig met het ontwikkelen van een cursus c.q. training voor het leren studeren van volwassenen. Dertig jaar heb ik voor de klas gestaan, eerst bij het basisonderwijs, later als 1e graads docente Nederlands op HAVO /VWO. Voor dit niveau zijn er tegenwoordig wel studiemethodes die mij goed lijken. Maar er moeten natuurlijk lesuren voor worden vrijgemaakt. Ik denk dat daar de knoop zit. Zowel in de brugklas als in de vierde zou een gedegen training op zijn plaats zijn met een onderhoudsprogramma in de andere jaren. Niet een uurtje van de mentor over hoe je iets uit je hoofd moet leren, je agenda moet inrichten en zo, maar nog veel meer andere vaardigheden, bv. hoe je goed moet luisteren, hoe je betrouwbare informatie kunt vinden, hoe je de vaardigheden die je bij vakken zoals Nederlands leert kunt inzetten bij je studie, hoe je het geleerde uit diverse vakken met elkaar kunt verbinden, hoe het geheugen werkt, enz. Bovendien zijn er verschillende leerstijlen, zodat niet iedere leerling op dezelfde manier leert. Ook daar moet aandacht voor zijn.
    Na mijn onderwijsperiode kwam ik met volwassen (deeltijd)studenten in aanraking, de zogenaamde ‘stapelaars’, die helemaal niet wisten hoe ze een studie aan moesten pakken. Na begeleiding van enkelen heb ik besloten om zelf een opzet te maken voor een metatraining; Een goede titel heb ik nog niet gevonden, de werktitel is ‘Leren studeren’. Ik heb stof (oefeningen en theorie)voor 15 à 20 hoofdstukken of modules in mijn planning, inclusief uitgangspunten en een voorlopige inleiding.Daarbij twijfel ik of ik er een cursusboek van zal maken voor zelfstudie met oefenmateriaal, groepstrainingen zal gaan aanbieden, of een training online zal zetten. Mogelijk kunnen al deze vormen worden ingezet.
    Onlangs heb ik een complete leergang Nederlands geschreven voor het Staatsexamen VMBO-T voor volwassenen en een module voor een opleiding secretaresse / telefoniste in opdracht van een instituut voor schriftelijk onderwijs.
    Graag wil ik van gedachten wisselen met mensen uit het onderwijsveld, zowel over de inhoud als over de manier waarop ik het beste de doelgroep kan bereiken en waarop ik dit op de markt kan brengen.
    Johanna Leentvaar

LAAT EEN REACTIE ACHTER