
Sjoerd - Wow is gewoon een game wat te leuk is.. Ik ben 16 jaar oud en heb gedwongen moeten stoppen door mijn ouders door de vele raids waarin ik moest...
Lees verder 
Jan Deutekom - Ik ben er van overtuigd dat we die kant opgaan. Cursisten die producten maken die weer te gebruiken zijn voor andere cursisten. Scholen kunnen daar ook een veel actievere...
Lees verder 
Fons van den Berg - Dag Jurgen,
Op mijn eigen blog (www.helikon.nl/blog) ben ik bezig met een kleine reeks posts over de potentie van de iPad voor het onderwijs. Daarin sta ik (onder meer) stil...
Lees verder 
Een interview met Jim Stolze over zijn boek '40 dagen zonder internet' (zie artikel).
In 2008 schreef Henk Witteman een aantal artikelen over leerstijlen. De artikelen werden en worden veel gelezen, maar niet iedereen vindt het makkelijk om een toepassing te vinden voor de leerstijlen in het onderwijs. De redactie van Onderwijsvanmorgen.nl was daarom blij met de uitnodiging van Tom Oud van OSG Winkler Prins in Veendam om eens te komen kijken bij de lessen over leren. In V5 begint het vak Nederlands sinds een paar jaar namelijk met het blok Leren. Leren over leren om nog beter te kunnen leren.
Het is een taalvaardigheidsblok. Tom Oud: ’Tot 2007 gebruikten we aan het begin van vwo-5 bij Nederlands een taalvaardigheidsblok rond het thema Geweld. Inhoudelijk was het blok verouderd en we waren er ook op uitgekeken. Daarnaast bleek dat ik vanaf dat leerjaar in de bovenbouw vwo vooral met Ann de Jong zou samenwerken. Wij hebben beiden vooral veel belangstelling voor leerlingen, niet vooral voor leerstof.
We kozen voor Leren, omdat het dicht bij de leerlingen ligt. Daarnaast zagen we mogelijkheden om met dit thema het onderwijs wat te individualiseren en om leerlingen te laten reflecteren op eigen leergedrag. Daaruit is het huidige blok ontstaan dat we nu voor het derde jaar, steeds met kleine aanvullingen en wijzigingen, gebruiken tot genoegen van onszelf en de meeste leerlingen. En van de mentoren, die de korte schrijfopdracht over leerstijlen in mentorgesprekken kunnen verwerken.
Voor ons is dit blok dus dubbel interessant, omdat we onze taalvaardigheidsdoelen kunnen bereiken en daarnaast een bijdrage leveren aan de zelfstandigheidsontwikkeling van leerlingen. De resultaten zijn zichtbaar: leerlingen gaan meer en beter reflecteren. Dat is gebleken uit de teksten van opdracht 7 en uit gesprekken met hun mentor.
Tom Oud en Ann de Jong stellen het complete materiaal van de lessen over leren ter beschikking aan onze lezers. Wij hopen dat u het materiaal met veel plezier zult lezen én gebruiken. Klik hier voor de lessen.
Een paar smaakmakende citaten uit het werk van leerlingen, uit de teksten die zijn geschreven bij opdracht 7:
‘Geen een leerstijl wordt gezien als goed of slecht. Van elke leerstijl leer je, maar op een andere manier. Motivatie speelt een belangrijke rol in het leren want zonder motivatie en vooral discipline kom je niet ver. Ik denk dat je door regelmatig te leren en veel stof toe te passen in de praktijk het verste komt met leren. Docenten kunnen mij het best begeleiden door af en toe te controleren, oefentoetsen te maken en een goede uitleg te geven voordat we met nieuwe leerstof beginnen. Wat ik nog kan verbeteren aan mijn stijl van leren, is het iets minder toetsgericht leren, mezelf motiveren om ook regelmatig elke dag wat te doen voor bepaalde vakken. Ik denk, ik doe, dus ik leer.’
‘Mijn meest gebruikte leerstijlen zijn dus de betekenisgerichte en reproductieve leerstijlen. Ik vrees dat hier wel wat aan moet veranderen, want ik heb op de universiteit niet zo veel aan memoriseren (reproductief leren). Je hoort het dan allemaal binnen een korte tijd te begrijpen. Het moet daarna niet wegvallen wat vaak gebeurt bij memoriseren. Gelukkig kan ik (volgens de test) ook goed betekenisgericht leren, waardoor ik de hoofdzaken kan herkennen en goed verbanden kan leggen. Ik kan hierbij niet echt begeleid worden. Het is iets dat ik zelf onder ogen moet zien en dan moet veranderen. Het is me opgevallen dat dit soort dingen meestal vanzelf gebeurt.’
‘Dus met mijn Toegepaste leerstijl als Beslisser die eenzijdig diepgaand leert, red ik het prima. Ik moet er wel aan werken dat ik eerder met leren begin. Ook moet ik een effectieve leerstijl ontwikkelen. Tevens moet ik zorgen dat ik vaker intrinsiek gemotiveerd ben omdat deze manier van leren effectiever is. Kortom leren is zo simpel nog niet.’
‘Het logisch kunnen beredeneren vind ik wel altijd belangrijk bij mijn leerproces, maar vaak begrijp ik dingen ook beter wanneer ik ze in de praktijk een keer heb toegepast. Door dingen uit je omgeving als voorbeeld te gebruiken lijkt mij het voor de meeste mensen een stuk minder moeilijk om het te begrijpen en mogelijk neemt de interesse daardoor toe. Dit beperkt ook het oppervlakkige ‘stampen’. Dingen in die in de praktijk zijn uitgevoerd of aangeleerd blijven, naar mijn mening, beter hangen. Het geeft soms ook een beter gevoel van vooruitgang dan alleen dat cijfertje dat je behaalt.’
‘Hier eindigen we, nadat we samen een lange tocht door mijn leerleven hebben begaan. Je zou dus wel kunnen stellen dat ik de stof op zich goed aanpak. Een verbeterpuntje is mijn planning. Ik zou misschien wat meer werkdiscipline moeten hebben om de leraren op elk moment tevreden te kunnen houden. Zelf vind ik het belangrijker dat ik aan het eind de stof beheers. Hier voel ik me lekkerder bij. Een docent kan mij dus het best begeleiden door mij van mijn eigen leerstijl te laten genieten. Dat houdt niet in dat invloed van de docent niet noodzakelijk is, maar persoonlijk aangepaste invloed zou wel fijn zijn. Hierdoor voel ik me beter en, zo blijkt uit de onderzoeken, kan ik beter functioneren. Iemand een andere leerstijl opdringen is dus geen verstandig idee. Het procespunt kan dus ook beter iets vrijer worden gelaten, zodat elke leerstijl zich erin kan vinden. Geen planning van minuut tot minuut. Maar een planning van wat geleerd moest worden tot wat geleerd moest worden. Voor leerlingen met een leerstijl die dit verlangt kan deze leerling natuurlijk zelf een van minuut tot minuut planning maken. Er zijn tenslotte niet altijd leraren, die dit voorkauwen. Want elk mens leert anders. Ik dus ook.’
Het bijbehorende filmpje kunt u hier bekijken. Het filmpje is gemaakt tijdens en na de uitvoering van opdracht 12: het Lagerhuisdebat. Op OSG de Winkler Prins krijg je een procespunt als je je huiswerk doet. Je krijgt dat punt dus 'cadeau', hoe slecht je je toets ook doet. De andere kant daarvan is: wie zijn huiswerk niet doet, kan nooit een 10 halen. Niet iedereen is het daarmee eens. De voors en vooral de tegens staan goed verwoord in tekst 4 in het lesmateriaal. Tijdens de les gaan voor- en tegenstanders met elkaar in debat.
t.wismans - tinyurl.com/yzwnnsv Wij , de makers van Gelukskunde en andere modules zoals Creatief denken werken nauw samen met Brainstudio Maastricht . Voor meer info t,wismans@charlemagnecollege.nl
Henk Witteman - Tom Oud. De test ligt voor jullie klaar op school.
Tom Oud - Die SELECTOR zou heel goed aan kunnen sluiten op onze behoefte. We willen graag gebruik maken van de proeftest.
Redactie - Tom Oud. In de eerste week van december schrijft Henk Witteman een artikel naar aanleiding van het uitkomen van SELECTORDML, een inventaris leerstijlen die een uitgebreid en gevalideerd advies uitbrengt op 8 factoren die betrekking hebben op het leren van leerlingen. Henk is gepromoveerd op leerstijlen en wordt geadviseerd door Jeroen Rozendaal die evenals Henk in Leiden is gepromoveerd bij de bekende hoogleraar Monique Boekaerts. Jeroen onderzocht in zijn proefschrift de relatie tussen motivatie en informatieverwerkingsprocessen. Scholen kunnen via het artikel in december een proeftest aanvragen.
Tom Oud - Wij hebben voor de leerstijlen aanpak in het taalvaardigheidsblok Nederlands gekozen omdat we merken dat onze leerlingen geen gereedschap hebben bij het reflecteren. Ze willen, zeker in de bovenbouw vwo, best nadenken over hoe je zinvol en effectief kunt leren. Ze merken immers geregeld dat het leren niet zinvol en nauwelijks effectief is. Maar voor reflectie heb je een terminologisch apparaat nodig. Hoe noem je anders wat je denkt? In de praktijk werkt het werken met leerstijlen goed. Alle leerlingen kennen de leerstijlen van Vermunt. Bij het voorbereiden van een toetsweek en bij het kiezen van een vervolgstudie vragen veel leerlingen zich af wat voor leerstijl je eigenlijk nodig hebt. Kolb gebruiken we dit jaar voor het eerst. Als je nu met leerlingen praat en ze uitdaagt tot reflectie (dat uitdagen blijft natuurlijk nodig) blijkt dat leerlingen zichzelf vooral beschouwen als denker, doener etc. Nuancerende vragen als 'Ben je bij al je activiteiten vooral een denker?' hebben een vaste plek gekregen in mijn repertoire als docent en niet te vergeten als mentor. Serialisme en holisme zullen wat mij betreft aan het terminologisch apparaat toegevoegd worden zodra ik een test vind die dat ook in beeld brengt. Leerlingen laten reflecteren, een goed beeld van zichzelf laten vormen en van daaruit de mogelijkheid geven hun prestaties te verbeteren en de juiste keuzes te maken, daar gaat het ons om op de Winkler Prins. Ik ben ook benieuwd naar de leerstijlentest van Witteman; misschien een nieuw hulpmiddel ter verbetering van onze ondersteuning van het leren van onze leerlingen.
Jan - Geweldig dat er iets aan studievaardigheden wordt gedaan op het Winkler Prins. Want wat dat betreft lopen wij in Nederland, naar mijn idee, ver achter op een land als bijvoorbeeld België!. In België hoort iedere school voor voortgezet onderwijs een leerprogramma voor "Leren studeren" te hebben. En niet alleen in de hoogste leerjaren van het voortgezet onderwijs, maar al vanf het eerste leerjaar!! Zo niet, dan krijgen ze de inspectie over zich heen! Wij in Nederland sloffen daar ver achter aan! Zelfs op opleidingsinstituten voor leerkrachten is dit op dit moment in Nederland nog steeds een onderbelicht item! Kolb staat op het ogenblik erg in de belangstelling. Dit komt volgens mij door het volgende: De Kolb-toets is vrij toegankelijk o.a. op het internet (google maar even) . Het Greijdanuscollege in Zwolle heeft zelfs een aangepaste versie geschreven (Akkerman), die meer is gericht op deze tijd. Zie deze link: www.nvs-nvl.nl/sites/bestanden/informatief/Overige%20informatie/Leerlingbegeleiding%20%5Boude%20site%5D/documentatie/Leren/leerstijlentest.htm Toch is de Kolb-toets al erg verouderd; dat is waarschijnlijk ook de reden dat het nu voor iedereen zonder kosten is te verkrijgen! Het staat in boekjes over "leren studeren", en ook veelvuldig op internetsites. Het bedrijfsleven (het management) is er nu ook mee aan de haal gegaan en deelt medewerkers in volgens de types van Kolb! Toch denk ik dat Kolb niet helemaal meer van deze tijd is. Er is / komt beter materiaal in de handel! Vermunt is wat dat betreft beter, denk ik. Waarom is Kolb naar mijn idee niet meer van deze tijd? (Ik zeg nadrukkelijk niet dat de toets slecht is) Kolb is gemaakt in de tijd dat er in de wetenschap nog veel te weinig bekend was over de werking van het brein (volgens mij zijn de ideeën van Kolb al van rond de tweede wereldoorlog)! Op dit moment weet men veel meer over de werking van de hersenen. Activiteit in een bepaald hersengebied of in samenwerking met verschillende hersengebieden zijn al lang wetenschappelijk aangetoond. Zo weet men nu o.a. dat er leerlingen zijn (om maar een probleemgroep voor het onderwijs te noemen) die meer op een holistische manier leren (rechter hersenhelft). Een (toch wel vrij) grote groep leerlingen leert zo, maar ze komen uit de Kolb-test helaas niet naar voren! Toch is dit waarschijnlijk de categorie kinderen die in deze tijd (virtueel en op beelden gericht) in de school het slechtst af zijn. De school doet echter nog steeds een zwaar beroep op de linker hersenhelft! In de groep leerlingen die meer holistisch zijn ingesteld komen waarschijnlijk veel "onderpresteerders" voor. Kinderen die niet als zodanig worden herkend door de school! Dit veroorzaakt waarschijnlijk ook de verergering van gedragsproblemen op de hedendaagse scholen! Ik vind de ideeën in de artikelen van de heer Witteman meer van deze tijd. Wat me op het ogenblik erg aanspreekt zijn de artikelen over "Het brein in de 21ste eeuw"van zijn hand. Er is naar aanleiding van deze artikelen veel discussie gaande over de rol van de scholen in het "virtuele"tijdperk. Na de tweede wereldoorlog had Feuerstein in Israël veel succes met getraumatiseerde weeskindern uit de kampen van nazi- Duitsland. Zij kwamen niet tot leren, maar fleurden weer op tijdens zijn behandeling. Ook in deze tijd werkt zijn programma nog steeds. Wat blijkt: Het spreekt ook kinderen aan met een meer "holistische" leerstijl!
Francine Hendriks - Joke fijn om te horen dat ik niet de enige ben, die wat in verwarring wordt gebracht door de verschillende termen. Voor mij is de zeer boeiende, soms ook nieuwe informatie zo langzamerhand een warboel aan het worden. Ik schreef dit verschijnsel zelf al een beetje toe aan mijn digitale bouwjaar (1952).
Dr. Henk Witteman - Ik meng me graag in deze discussie. Over de leerstijlen van Kolb heb ik artikel geschreven. Klik op: www.onderwijsvanmorgen.nl/denken-of-doen-de-leerstijlen-van-kolb Kolb's leerstijlen zijn mijns inziens meer een organisatie-model of een beschrijving hoe kennis een proces doorloopt van weten-begrijpen-toepassen naar competentie. Hoewel zijn leerstijlen nog overal opduiken zijn ze naar mijn smaak verouderd. Vermunt ken ik heel goed. Ik gebruikte zijn test om mijn promotie-onderzoek te doen naar de leerstijlen van leerlingen in groepen. Bovendien zat Jan Vermunt in de promotiecommissie. Vermunt's leerstijlen dateren uit de jaren '80. Toen ik in de jaren '90 me begon te verdiepen in leerstijlen, kwam ik de constructen van Pask en Enwistle tegen. Deze koppelden hun constructen aan het gebruik van linker- en rechterhersenhelft. Dat deden ook hersenonderzoekers als Gazzaniga. Na mijn promotie in 1997 ben ik me steeds meer gaan richten op het werk van hersenonderzoekers. Waar Vermunt spreekt van stapsgewijze verwerking, spreek ik in navolging van hiervoor genoemde auteurs liever van serialisten, seriële denkers dus. Hersenwetenschappers zijn het erover eens dat dit type verwerking vooral in de linkerhersenhelft plaats vindt. Seriële denkers conceptualiseren van klein naar groot. Mensen die dominant met de rechterhersenhelft denken, conceptualiseren van groot naar klein. Wij noemen ze holisten. Wie de leerstijl kan aanpassen aan de voorliggende taak, noemen we versatilisten. Holisten kijken eerst globaal en gaan dan invullen tot een concept. Over enkele weken zal ik op onderwijsvanmorgen publiceren over een nieuw instrument dat niet alleen leerstijlen en regulatiestijlen meet, maar ook een aantal voor het leren relevante persoonskenmerken. Uit de scores volgt een uitgebreid advies, dat door mentoren en leerlingbegeleiders kan worden gebruikt bij het coachen van hun leerlingen.
Corinne - Joke Brouwer: de leerlingen hebben zowel de test van Vermunt als een Kolb-test gedaan en vergelijken die tests ook tijdens de lessen. De uitgangspunten en dus ook de uitkomsten verschillen en zijn ook niet zomaar te vergelijken. Bij Kolb staat de cyclus van een leerproces centraal en bepaalt je voorkeur voor het startpunt het verschil. Bij Vermunt draait het om het verwerken van leerstof, meer om het schoolse leren. Ik vond hier een korte uitleg van de twee theorieën: www.ontwerpatelier.nl/etalage/pages/ActiefLeren/Leomonasa/leerstijlen/Wat%20is%20zo%20leerstijl.html
Joke Brouwer - Het is al weer heel wat jaren geleden dat ik de Masterclass volgde van Prof. Boekaerts van de Universiteit Leiden. Daar heb ik ook het nodige geleerd over leerstijlen. Ik herinner me nog goed hoe Prof. Jan Vermunt een presentatie gaf over leerstijlen. Ik herinner me ook dat Henk Witteman een presentatie gaf over Motivatie. Hij sprak toen ook over leerstijlen, maar hij gebruikte andere benamingen dan Vermunt. Ook in dit artikel zie ik verschillende benamingen. Ik zie bijvoorbeeld "beslisser" volgens mij van Kolb en "diepteverwerking" van Vermunt. Henk Witteman gebruikte andere termen die mij goed zijn bijgebleven, zoals "serialisme" en "rechterhersenhelft denkers". Mij brengen al deze termen wel wat in verwarring.